Tuchtcollege wijst klacht Volendams ouderpaar af

Tuchtcollege wijst klacht Volendams ouderpaar af
Het medisch tuchtcollege in Amsterdam heeft klachten van een ouderpaar uit Volendam tegen een arts afgewezen. Hun in de zomer van 2001 overleden dochter Anja Kok is een van de slachtoffers van de nieuwjaarsbrand in Volendam.
Anja Kok werd in 2001 gedurende drie maanden behandeld in het Belgische Luik. Daar raakte zij besmet met de ziekenhuisbacterie MRSA. Later, in het militair hospitaal in Utrecht, bleek dat ze een ontstoken hartklep had. Ze werd overgebracht naar een revalidatiecentrum. Daar was men, concludeerde de inspectie voor de gezondheidszorg in 2002, nauwelijks op de hoogte van haar toestand. De inspectie constateerde ook dat de coördinatie tussen de verschillende zorgverleners onduidelijk was. Volgens de inspectie kreeg ze mede vanwege haar besmetting met MRSA, niet de nodige hulp. Anja Kok werd later overgebracht naar het VU-ziekenhuis in Amsterdam, waar ze op 19 juli 2001 overleed.
Haar ouders stellen dat de arts zich als medisch coördinator heeft opgesteld. Ze verwijten hem dat hun dochter door zijn toedoen niet de medische behandeling heeft gekregen die ze nodig had. Maar volgens het medisch tuchtcollege is de arts slechts de boodschapper geweest van de -ook in zijn ogen onrechtvaardige- weigering van Nederlandse ziekenhuizen om patiënten die in het buitenland de MRSA-bacterie hebben opgelopen, te verplegen.
De ouders zijn wel terecht kwaad dat hun dochter niet de noodzakelijke onderzoeken en medische behandeling heeft gekregen, meent het college. Het heeft forse kritiek op het Nederlandse MRSA-beleid. Dat eist van ziekenhuizen dat ze zó zorgvuldig handelen als ze een MRSA-patiënt behandelen, dat in de praktijk nauwelijks een ziekenhuis te vinden is dat bereid is de kosten van opname van MRSA-patiënten uit het buitenland te dragen, benadrukt het college.