Nabestaanden zetten vraagtekens bij handel en wandel begrafenisfonds
Vereniging van nabestaanden zet vraagtekens bij handel en wandel begrafenisfonds
‘Wat gebeurt er met ons geld?’
Vorige week plaatste de vereniging van nabestaanden een open brief aan het bestuur van de Vincentiusparochie. De vereniging vroeg om inspraak bij de verzelfstandiging van begrafenisfonds Jozef van Arimathea. Ze vinden dat het fonds rekenschap en verantwoording moet afleggen aan de eigen verzekerden. Voorzitter van de vereniging van nabestaanden, Klaas Bond, zet zijn vraagtekens bij de handel en wandel van het fonds. Bond: ,,Waarom verbergt het fonds iets als het niets te verbergen heeft.”
,,Of ik al een reactie heb gekregen op de open brief? Tot nu toe heb ik alleen een telefonische reactie gekregen en wel van Cees de Boer, de vice-voorzitter van het kerkbestuur van de Vincentiusparochie. Cees was er niet blij mee dat we onze brief in de krant hadden gezet. Ik heb hem uitgelegd dat we geen andere keus hadden, omdat we maar geen antwoord kregen op onze brieven en telefoontjes. Ook heb ik gezegd dat Volendam er recht op heeft te weten wat er speelt en dat de lokale en regionale media zorgvuldig omgaan met belangrijke gemeenschapszaken. Toen ik Cees sprak had hij de open brief nog niet gelezen. Nu hij de inhoud kent, neem ik aan dat hij serieus zal omgaan met onze brief.”
,,Van Cees de Wit, de secretaris van het fonds, ontving ik twee maanden geleden een brief waarin hij schreef dat hij ons verzoek om inspraak en inzage in één van de volgende vergaderingen van het fondsbestuur aan de orde zal stellen. Ze nemen dus de tijd. Verder schreef Cees de Wit: ‘Overigens deel ik u mede dat ik het bestuur zal voorstellen niet op uw verzoek in te gaan.’ Zulke briefjes schrijven mensen die het voor het zeggen hebben en die zichzelf zo onaantastbaar wanen dat ze mensen die hun machtspositie ter discussie stellen, niet eens meer serieus nemen. Maar de miljoenen die wij Cees en zijn medebestuurders hebben toevertrouwd zijn geen privé-bezit, zodat zij verantwoording horen af te leggen over wat ze doen met dat geld. En dan gaat het er niet in de eerste plaats om of ze een goedkeurende accountantsverklaring kunnen overleggen en dat zal gerust, maar om hoe ze ons geld hebben belegd, geïnvesteerd of uitgegeven.”
,,Hoe zit het bijvoorbeeld met de financiering van Het Mirakel en welke geldstromen lopen er tussen het fonds en Nicodemus BV, de begrafenisonderneming? Waarom hebben fonds en begrafenisonderneming bijvoorbeeld de prijs van een uitvaart de afgelopen 3 jaar met 37% verhoogd en de grafrechten met meer dan 75%? Het fonds, dat van oudsher onder de kerk valt, is feitelijk van ons allemaal omdat wij en/of onze ouders de premies hebben betaald waaruit het vermogen van het fonds is opgebouwd. Als Volendammers hebben wij er dan ook recht op te weten wat het fonds doet met dat vermogen.”
Verantwoording
,,Van oud-leden van het kerkbestuur hoorde ik dat het fonds ook aan het kerkbestuur geen verantwoording aflegt. En dat terwijl de kerk eindverantwoordelijk is voor het financiële beheer van het fonds. Een oud-bestuurslid van het kerkbestuur die verantwoordelijk was voor de financiële verslaglegging, vertelde mij dat hij slapeloze nachten had omdat het fonds maar niet reageerde op zijn verzoek om informatie over de financiën van het fonds. Toen hij en twee andere bestuursleden zich schriftelijk beklaagden over deze en andere misstanden, werden ze door de andere bestuursleden ontslagen. Nu zijn de overgebleven leden van het kerkbestuur dus verantwoordelijk voor het fonds. Zij moeten wel heel veel vertrouwen hebben in het fonds, want ze zijn persoonlijk aansprakelijk als het niet goed zou zitten met de financiën van het fonds.”
,,Ik heb zelf van 1990 tot 1994 in het kerkbestuur van de Vincentiusparochie gezeten en ik ben er ook uitgegaan om het begrafenisfonds. Ik wilde niet aansprakelijk gesteld kunnen worden voor besluiten waar ze mij niet over informeerden en waar ik geen invloed op kon uitoefenen. Maar de zittende bestuursleden van het kerkbestuur tillen daar kennelijk niet zo zwaar aan.”
,,Ik wil voorop stellen dat het hier om betrokken mensen gaat met het hart op de juiste plaats. Ze waren net zo verontwaardigd als de nabestaanden toen het fonds besloot 400 grafstenen kapot te laten slaan zonder de graven te ruimen. Ze dachten echter dat het fonds zelfstandig was en dat ze er daarom niets aan konden doen. Dat blijkt nu niet te kloppen. Juridisch gezien waren niet de fondsbestuurder maar zijzelf verantwoordelijk en ze wisten het niet eens. De mensen van het fonds zaten in een ‘steunstichting’ die alleen maar administratieve bijstand mocht verlenen.
Beheersvergoeding
,,En het kan nog gekker. Terwijl de kerkbestuursleden het als vrijwilliger allemaal voor niets doen, kennen de bestuursleden van het fonds zichzelf een ‘beheersvergoeding’ toe. Uit welingelichte bron weet ik dat het in 1998 al om een bedrag van – omgerekend – 400 euro per maand ging. En dat betreft dan de vergoeding voor de werkzaamheden voor de steunstichting die ik net noemde. Eventuele andere vergoedingen onttrekken zich aan ieders blikveld. De onroerende goederen die het fonds met premiegeld heeft aangekocht worden beheerd door stichtingen die het fonds controleert en die aan niemand verantwoording verschuldigd zijn. Ook de St. Vincentiuskerk zit in een afgeschermde stichting. Toen het bisdom in 1999 om de jaarrekening van deze kerk vroeg, antwoordde de penningmeester: ‘De stichting Renovatie Vincentiuskerk is een particuliere stichting en staat los van de kerk. … Hieruit volgt dat u geen recht kan doen gelden op een jaarrekening.’ Dat was het antwoord aan het bisdom, de instantie die toezicht moet houden op de financiën van de Vincentiusparochie. De penningmeester die dit antwoord gaf, was Ed Woerlee die tevens voorzitter was/is van het bestuur van het begrafenisfonds. Ook het kerkbestuur kreeg geen informatie over de stichting waar hun eigen Vincentiuskerk in zat. Dit was trouwens een van de misstanden die drie leden van het kerkbestuur aan de kaak hadden gesteld en waarom zij werden ontslagen.”
Ongezonde situatie
,,De stichting waar de St. Vincentiuskerk in zit, is opgericht in verband met de renovatie om geen omzetbelasting te hoeven betalen. Maar al die andere stichtingen zijn nergens voor nodig. De onroerende goederen in die stichtingen zijn namelijk eigendom van de kerk en kunnen ook zonder stichtingen worden beheerd. Waarom het fonds die stichtingen dan heeft opgericht? Als je de brief leest die Ed Woerlee heeft gestuurd, dan lijkt het erop dat men aan niemand verantwoording wil afleggen. Maar als dat de reden is, dan roept dat wel de vraag op waarom het fonds iets verbergt als het niets te verbergen heeft.”
,,Ik denk dat deze geheimzinnigheid ook te maken heeft met het feit dat twee van de vier bestuursleden al sinds mensenheugenis de dienst uitmaken binnen het fonds en – feitelijk – ook in de Vincentiusparochie. En dat is een ongezonde situatie. Niet voor niets dat in de statuten van stichtingen vaak een maximale termijn is opgenomen dat je bestuurslid kunt zijn. Als je die termijn niet in acht neemt, loop je kans dat bestuursleden de stichting als een privé- of familiebedrijf gaan beschouwen. Maar bij het fonds tillen ze daar niet zo zwaar aan. Volgens de statuten van weer een nieuwe stichting die het fonds in mei van dit jaar heeft opgericht, kunnen de bestuursleden tot hun zeventigste benoemd blijven.”
,,Die nieuwe stichting is opgericht in verband met de voorgenomen verzelfstandiging van het fonds. Ik neem aan dat het kerkbestuur van de Vincentiusparochie daar straks het opgebouwde premiekapitaal en misschien ook de begraafplaats aan zal overdragen, dat wil zeggen het oude deel van de begraafplaats waar de kerk eigenaar van is. Volgens telefonische informatie van het bisdom zal de verzelfstandiging van het fonds nu binnen enkele weken zijn beslag krijgen. Afgaande op de statuten van de nieuwe stichting zal het fonds ook na de verzelfstandiging geen verantwoording hoeven af te leggen aan de verzekerden. In een recente brief aan een verzekerde schreef het fonds dat de nieuwe stichting zelfs niet onder het toezicht valt van de pensioen- en verzekeringskamer. Ik vermoed dat het fonds hiervan uitgaat, omdat het zich – in tegenstelling tot verzekeringsmaatschappijen – niet door middel van een polis of overeenkomst vastlegt op de uitkering waarop de deelnemers recht hebben. Maar dan is het nog eens extra belangrijk dat verantwoording wordt afgelegd en toezicht wordt uitgeoefend. En controle is geen wantrouwen, zoals een bekend gezegde in ons dorp luidt.”
Prijsverhogingen
,,Waar ik ook van geschrokken ben dat zijn de prijsverhogingen die het fonds en Nicodemus BV – de begrafenisonderneming die de uitvaarten verzorgt – de afgelopen jaren hebben doorgevoerd. Ik werd daar op gewezen door een nabestaande die in zijn familie twee begrafenissen had afgehandeld: één in 2001 en één in 2004. De prijs van het basisuitvaartpakket bleek in die periode 37% omhoog te zijn gegaan en de grafrechten met meer dan 75%. Toen deze nabestaande de begrafenisonderneming om een verklaring vroeg, werd hem gezegd dat de verhoging van het basispakket kwam door de euro.”
,,De verhoging van de grafrechten moest volgens de begrafenisonderneming van de gemeente, die eigenaar is van het nieuwe deel van de begraafplaats. Nu hoor je wel eens dat de horeca met de euro aan de loop is gegaan, maar aan de begrafenisonderneming kunnen ze dan nog een puntje zuigen. En wat de grafrechten betreft is het precies omgekeerd: Het fonds, dat daarover gaat, mag de grafrechten niet eens verhogen, tenzij de gemeente schriftelijk toestemming heeft gegeven. Dat staat in het contract dat het fonds met de gemeente heeft gesloten.”
,,Volgens dat contract bedragen de grafrechten op het gemeentelijk deel van de begraafplaats nog steeds 1500 gulden, omgerekend 680 euro, in plaats van de 1198 euro die ze nu in rekening brengen. Ik betwijfel of het fonds toestemming heeft gevraagd voor die verhoging, want volgens mijn contacten bij de gemeente communiceert het fonds niet met de gemeente. Het fonds is, zoals ambtenaren het uitdrukten, al jaren niet ‘on speaking terms’ met de gemeente. En dat terwijl de gemeente het nieuwe deel van de begraafplaats – dat wij ook met z’n allen hebben betaald – verhuurt voor één euro per jaar.”
,,Voor de volledigheid zeg ik erbij dat de prijsverhogingen gedeeltelijk zijn gecompenseerd door een verhoging van de uitkering van het fonds, maar als je niets overhoudt van die verhoging – en ook nog eens veel meer moet bijbetalen – dan praat je wel over een sigaar uit eigen doos.”
Fonds communiceert niet
,,De rode draad in de verwikkelingen die zich de afgelopen jaren rond het fonds hebben voorgedaan, is dat het fonds niet communiceert, niet met de gemeente, niet met het kerkbestuur, niet met de duizenden Volendammers die het fonds elk jaar premie betalen, niet met de nabestaanden, laat staan met de media.”
,,Ik moet aannemen dat de bestuursleden wel communiceren met de mensen in hun omgeving: hun vrouw, kinderen, buren, vrienden, kennissen, familieleden. Die mensen zou ik willen verzoeken de bestuurders van het fonds, Cees de Wit, Ed Woerlee, Nico Karhof en Cees Veerman (Poes), te vragen wat er nu eigenlijk aan de hand is en waarom wij niet mogen weten wat zij doen met het geld van de Volendamse verzekerden, met de miljoenen die wij met zijn allen hebben opgebracht.”
,,Maar veel belangrijker dan geld is menselijkheid. Als nabestaande ben je kwetsbaar en afhankelijk van de zorgvuldigheid van de mensen die het voor het zeggen hebben op de begraafplaats waar je overleden dierbaren begraven liggen. Door inspraak te geven kan worden voorkomen dat nabestaanden onnodig verdriet wordt gedaan, zoals bij de vernietiging van de grafstenen. Maar waarom geeft het fonds dan geen inspraak?”
Fonds: ,,Geen commentaar”
Geconfronteerd met het verhaal van Bond zegt Ed Woerlee, voorzitter van het begrafenisfonds, niet te willen reageren: ,,Geen commentaar.”
Gemeente: „Nooit toestemming gevraagd”
Volgens gemeentewoordvoerder Cor Kwakman ligt inderdaad contractueel vast dat de grafrechten 1500 gulden (680 euro) bedragen. „Eventuele verhoging behoeft inderdaad toestemming van de gemeente en hier is niet terug te vinden dat die in de tussen-liggende periode (vanaf 1999, red.) gevraagd is. Er is dus niet conform het contract gehandeld. ”