De 'strijd' om een streepje daglicht
De 'strijd' om een streepje daglicht
Er is meer dan AZ en Ajax alleen. Meer voetbal dan in Alkmaar en Amsterdam. Maar er is veel meer voor nodig om aan te tonen dat er ergens in de provincie nóg meer wordt gevoetbald. Oneindig veel meer dan de eerste divisieclubs Haarlem en Volendam vrijdagavond lieten zien. Het werd nul tegen nul. Ergens, in de kantlijn van het voetbal, weggemoffeld op de vrijdagavond, vochten de twee kleine Noord-Hollandse clubs voor een plaatsje in de publiciteit. Dat is best moeilijk, met de alles wegzuigende kracht van AZ en, in mindere mate, Ajax. Alle ogen zijn gericht op Alkmaar, alle oren naar Adriaanse. Voor Haarlem en Volendam blijft er weinig meer over dan een streepje daglicht.
Reclame
Maar, de twee clubs in de eerste divisie doen het toch ook niet slecht? Een vierde plek voor Volendam en - gelukkig - doet Haarlem tegenwoordig ook weer een beetje mee. Hoe lang was het geleden dat de roodblauwe leeuwen op een zesde plaats stonden? Het zou, ook door het verschil in spelopvatting, een boeiende botsing worden. Een stukje reclame voor het 'ándere' Noord-Hollandse voetbal. De eerste teleurstelling kwam al vóór de streekontmoeting. Trainer Job Dragtsma was bevreesd voor de sluwe Haarlemse tactiek en predikte vooral voorzichtigheid. Enigszins logisch was dat wel, want het elftal van Volendam had vrijdagavond een hoog knutselgehalte. Met Dissels en Aafjes, met Huisman als rechtsback en Baas in het centrum had Dragtsma flink moeten improviseren. Maar het resultaat was een verschrikkelijk kijkspel. Met vier Volendamse verdedigers die op hun plek bleven, óók als er niets te verdedigen viel.
Enige kans
Het eerste schot op doel kwam in de 43-ste minuut, van Ketting. Dat zegt veel. De enige kans in de eerste helft kwam uit een hoekschop. Huisman kopte over. Daarvoor en daarna gebeurde niets. De voetballers haalden shirts en spelers door elkaar - het nadeel van de vele 'overlopers' wellicht - en als de bal niet naar een tegenstander ging, dan was het al een flinke opgave om binnen de lijnen te blijven. Zó zouden Haarlem en Volendam natuurlijk nóóit verder komen dan een kommervol bestaan van weeskinderen in een sloppenwijk. Daarom probeerde Volendam na rust een beetje structuur in de wedstrijd te brengen. Dragtsma bracht drie nieuwe krachten (Chaiat, Bridji en Van Rooijen). Collega Roy Wesseling wisselde een invaller (Rosalia) voor een wisselspeler (Duncan Huisman). Het was krachteloos, machteloos. En nutteloos.
Humor
Gelukkig zagen de toeschouwers uiteindelijk de humor er nog van in. Iedere geslaagde pass, ook de terugspeelballen, werden door luid gejuich begeleid. De laatste actie van de wedstrijd was wat dat betreft het onbetwiste hoogtepunt. In een poging om tot een voorzet te komen struikelde Ferdinand Katipana over bal en benen en verdween de derde bal achter het lege doel. De Haarlemmer werd als een held toegeklapt bij zijn terugtocht. Je moet toch iets doen om de verveling te verdrijven.