'Rechtszaak zou veel emoties oproepen'
'Rechtszaak zou veel emoties oproepen'
Slachtoffers en nabestaanden van de nieuwjaarsbrand in Volendam (2001) kunnen nu in relatieve rust werken aan hun genezing. Dat stellen diverse betrokkenen, nadat gisteren bekend werd dat horecabaas Jan Veerman niet langer door het openbaar ministerie wordt vervolgd. “Een wijze beslissing van het openbaar ministerie", meent H. Anker, de advocaat van Veerman. „Hiermee kan het boek gesloten worden." De taakstraf die de horecaondernemer kreeg opgelegd, zal volgens Anker begin volgend jaar aanvangen.
A. Binken, voorzitter van de Belangenvereniging Slachtoffers Nieuwjaarsbrand Volendam (BSNV), reageert verheugd. „Veerman heeft zijn verantwoordelijkheid genomen door het akkoord te sluiten. Het is nu goed voor Volendam dat het juridische traject definitief is gestopt. Dat zorgt voor rust in Volendam, waardoor de getroffenen de zaak goed kunnen verwerken. Een vervolg zou alleen maar meer emoties oproepen."
C. Kwakman, woordvoerder gemeente Edam-Volendam:. „Wij kunnen ons vinden in de argumentatie van het openbaar ministerie. Voor de nabestaanden en slachtoffers is het van belang dat onder deze zaak een streep wordt gezet en dat er geen oude wonden worden opengereten. Want telkens als deze zaak in de openbaarheid wordt behandeld, gaan de oude wonden weer open."
Datzelfde vindt ook E. Tuijp, voorzitter van de Stichting Slachtoffers Nieuwjaarsbrand Volendam (SSNV). Hij wijst er echter op dat de stap van het openbaar ministerie niet betekent dat het er voor de nabestaanden en slachtoffers nu opeens rooskleurig uitziet. „Er komt nog heel wat op deze groep af, met name wat de psychosociale nazorg betreft. Wij horen dat de roep om zulke nazorg groter wordt."
Niet iedereen is blij met de stap van het openbaar ministerie. J. Smit, wiens zoon Fred na de brand een jaar in het ziekenhuis heeft gelegen, is overdonderd door het nieuws. „Ik schrik hier wel van. Ik had liever gezien at hij wél werd vervolgd. We weten allemaal wel een beetje hoe die man in elkaar zit. Wat moet er dan gebeuren voordatje wél wordt vervolgd? Ik ben hier teleurgesteld over. Maar ik moet hier eerst nog rustig over nadenken."