Naar de inhoud

Moedige Moeders

Bron: Peter Louter in NIVO

Moedige Moeders
Het is er weer tijd voor. Tijd voor een inspirerend kerstverhaal of mooie kerstgedachte waardoor we in de stemming komen voor het huiselijkste feest van het jaar. Het feest waarbij het thema ‘vrede op aarde’ als vanzelf in onze gedachten komt boven drijven. Ik ben er al een paar weken mee bezig. Er komen en gaan ideeën, maar er is niets bij dat de moeite van het uitwerken waard lijkt. Het heeft ook met mijn stemming te maken. De ‘donkere dagen’ voor Kerstmis vormen voor mij traditioneel niet de beste tijd van het jaar.

Ook een bezoek aan mijn vriend Siem helpt niet. Mijn hoop dat er uit een discussie met hem wel een idee voortkomt, gaat al in rook op als ik de huiskamer binnenga. Siem zit op zijn vaste plek bij het raam. Over zijn pyjama draagt hij een kamerjas en een dikke sjaal. Op de bijzettafel liggen aspirines en een thermometer. Zijn grauwe blik geeft een duidelijk signaal van wat er aan de hand is. Siem heeft griep. Of, nauwkeuriger uitgedrukt, de griep heeft Siem. Zijn half geloken ogen verhogen het drama in zijn door lijden getekend gezicht. Dit is geen man die griep heeft, bedenk ik. Dit is een man die het niet verdragen kan dat zijn lichaam en geest zich moet onderwerpen aan zoiets ongrijpbaars als een virus. Een man die niet weet hoe hij de strijd kan aanbinden omdat hij zich slachtoffer voelt.

“Hij heeft nauwelijks koorts, hoor”, fluistert Trijn, zijn hulpvaardige buurvrouw, mij in het oor, als ze de koffie op tafel zet. Als ik vertrek, loopt ze bedrijvig met me mee de gang in. Terwijl ik me in mijn jas hijs, sneert ze: “t is me ook wat als mannen ziek zijn, het zou een mooie boel zijn als wij vrouwen ons ook zo zouden aanstellen als we een griepje hebben”. Ik besluit er niet op in te gaan. Vanuit vrouwelijk perspectief heeft ze helemaal gelijk. Maar ik neem me voor om haar, bij haar verjaardag, het boekje ‘Mannen komen van Mars, vrouwen komen van Venus’ te geven, zodat ze dingen ook eens van een andere kant af kan bekijken. Elkaars verschillen begrijpen is een mooie stap op weg naar huiselijke vrede.

Ondertussen komt de deadline voor een stukje zo dicht bij, dat er niets anders rest dan een noodgreep om het schrijven op gang te krijgen. Een heet bad is bij mij altijd een probaat middel om vastzittende gedachten los te weken. Terwijl ik in bad glijd, schiet me de eeuwige kerstwens van mijn moeder te binnen. Al jaren pleegt ze met kerstmis te verzuchten: “zal ik het nog eens meemaken dat het met Kerstmis vrede op aarde is”. Nog voor het warme water me helemaal omsluit, ken ik ineens het antwoord. “Nooit zal het vrede zijn”, fluistert een stem in mijn hoofd, “en dat kan ook niet anders”. De ene stem roept een andere op en terwijl ik lig te doezelen in het warme water, voltrekt er zich een discussie in mijn hoofd. Vrede is een einddoel, is de conclusie van het debat. Maar zolang we leven, zullen we moeten knokken voor het bereiken van vrede. “Oorlog voor vrede”, zou een mooie titel zijn voor dit stukje, bedenk ik. Maar het is niet goed. ‘Moedige Moeders’ moet er boven staan, zegt iets in mij en het duurt even voor ik begrijp wat daar de bedoeling van is. En het is nog lastig om dat op te schrijven. Want zo glashelder als het me een half uur geleden nog voor ogen stond, is het al lang niet meer.

Waarom hebben ‘Moedige Moeders’ de drugsverslaving de oorlog verklaard? Het heeft met de griepvirussen van Siem te maken. Het griepvirus overweldigt zijn bestaan zoals het drugsvirus gemeenschappen overweldigt. Drugsverslaving is het eindproduct van een lange keten van kwaad. Drugsverslaving is ook weer het begin van een hele keten van kwaad dat vooral de eigen omgeving aantast en waarbij we lang passief zijn gebleven. Commissies en rapporten, beleid en politieoptreden zijn niet het beste antwoord op het probleem, zoals ook een aspirientje niet echt tegen griep helpt. Voor de Moedige Moeders was dat ook allemaal niet genoeg. Ze hadden er geen vrede mee. Ze wilden zich niet door de situatie laten overweldigen. Omdat ze van hun kinderen houden hebben ze drugsverslaving de oorlog verklaard. Omdat ze van hun kinderen houden moesten ze eerst bij zichzelf iets overwinnen en kozen ze niet voor de slachtofferrol. Omdat ze van hun kinderen houden konden ze moedig genoeg zijn om taboes te doorbreken. “Die van mij doet het wel!” is een stap die nodig was om de strijd aan te binden in plaats van werkeloos toe te zien, de ogen er voor te sluiten of met halfbakken maatregelen genoegen nemen. Moedige moeders willen vrede voor hun kinderen en begrijpen dat je daar oorlog voor moet voeren.

Het is een beetje raar stukje geworden, maar ik heb er vrede mee. Ik ben me er weer eens bewust van geworden dat de ware kerstgedachte niet bestaat uit het goede dat we onze naaste wensen, maar uit het goede dat we voor onze naaste willen bereiken. Op vrede kun je, zoals mijn moeder, niet blijven wachten. Voor vrede moeten we blijvend willen knokken.
De kersttijd geeft ons een goede gelegenheid om over dit soort dingen na te denken. Laat u inspireren door de Moedige Moeders en bedenk eens hoe uw strijd voor vrede er uit kan zien.

En wie na de kerst een snuifje nodig heeft om weer op gang te komen, bedenk je! Stort je liever in de armen van de dichtstbijzijnde Moedige Moeder. Ze is je beste kans om volgend jaar de kerstdagen gezellig thuis te kunnen vieren.

Peter Louter

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.