Naar de inhoud

KPMG-onderzoek: Anker meerwaarde in nazorg

Bron: NIVO

KPMG-onderzoek: Anker meerwaarde in nazorg
KPMG heeft vorige week de uitkomsten van het – in opdracht van de gemeente – verrichtte evaluatief onderzoek van CRN/Het Anker gepresenteerd. Over het algemeen werd een positief beeld geschetst over het nazorgcentrum, dat als een ‘meerwaarde’ wordt gezien. Aangedreven door onder meer de grote inzet en betrokkenheid van de medewerkers, alsmede het welslagen van het Supportproject en het Reïntegratieproject.

Voor het onderzoek hield KPMG interviews met medewerkers van Het Anker, de gemeente, BSNV, SSNV, zorginstellingen, ministerie van Binnenlandse Zaken, ministerie van VWS. Voor het klanttevredenheidsonderzoek werd een vragenlijst verstuurd naar 348 getroffenen, waarvan er 104 ingevuld terugkeerden. Bij de cijfers 1 (zeer tevreden) tot en met 6 (zeer ontevreden) scoorden de Anker-medewerkers 1,89. ,,Een mooie score, waar we tevreden mee zijn”, was de reactie van directeur Toon Vos. ,,Zo’n rapport is altijd prettig als je dat aangereikt krijgt. Er worden handvaten gegeven ter verbetering voor de toekomst. Daar kunnen we wat mee. Sommige dingen pak je aan, sommige zaken laat je lopen. Er staat bijvoorbeeld in dat Het Anker de regierol nog niet voldoende heeft ingevuld. Maar wat betekent regie in deze?” ,,Wat in het rapport staat en ik ook heb gemerkt, is dat mensen het pand en de entree niet als laagdrempelig genoeg ervaren. Inmiddels is daar verandering in gekomen en is de privacy meer gewaarborgd.”

Voor Vos is het sowieso een speerpunt de toegankelijkheid te vergroten. ,,De psychosociale nazorg heeft bij ons prioriteit. Daar valt nog een hoop winst te behalen. Veel mensen die het ‘rot’ hebben, komen daar nog niet mee naar buiten, dat is een indruk die we hebben. Bijvoorbeeld ouders die na een woelige periode nu pas de boel op een rijtje krijgen. Hoe bereik je die groep nu nog? Door een verbeterde toegankelijkheid, wordt de instroom groter.”
,,Bovendien kun je niet iedereen op dezelfde standaardwijze benaderen. Sommigen wensen nog intensief contact, sommigen beperkt en sommigen kunnen het als irritant ervaren dat ze nog gebeld worden omdat ze bijvoorbeeld niet gezien willen worden als slachtoffer. Dat moet je per individu gaan bekijken en dan moet je dus soms op een andere manier te werk gaan. Maar ook die laatste groep moet je op een bepaalde wijze laten weten dat je er ook nog bent als zij alsnog contact willen.”

In het rapport wordt ook aandacht besteed aan de interne organisatie. Taakstellingen zouden niet helemaal duidelijk zijn. Vos: ,,We moeten niet vergeten dat Het Anker een organisatie is die begonnen is in moeilijke tijden en vanuit een moeilijke situatie. Qua aandacht kwam bedrijfsvoering toen niet op de eerste plaats. Inmiddels is daarin veel veranderd en heeft dat door een wat rustiger vaarwater meer aandacht gekregen.”
In de rapportage wordt tevens gesuggereerd dat afgelopen jaar niet meer dan zeventien personen zijn doorverwezen naar het RIAGG. Vos: ,,Het rapport maakt inderdaad geen vermelding van het feit dat er veel meer doorverwijzingen zijn geweest naar andere instellingen of plaatselijke psychologen.”

KPMG komt in de komende zomer met een vervolgonderzoek en doet nog geen uitspraken over de toekomst van Het Anker. ,,Nu zegt men over het algemeen dat er straks na 1 januari 2007 nog een Anker nodig is, maar dat nog niet duidelijk is in welke vorm. Wat nu goed loopt, moet je zien te behouden en uitbouwen. We moeten proberen zicht te krijgen op wat nodig is en in vraaggerichte vorm blijven werken aan de toekomst. Vandaar ook de vermelding over de reservering van het door het Ministerie van Binnenlandse Zaken aangereikte budget. We spreken budget niet aan wanneer het niet nodig is. Zo blijf je een betrouwbare partner. Opvallend is hoezeer betrokken en geïnteresseerd de mensen van BZK zich steeds tonen.”

Erik Tuijp: ,,Praktische aanpak Anker succesvol”
SSNV-voorzitter Erik Tuijp vindt dat het rapport nog soms een ‘onvolledig beeld’ geeft. ,,Komt omdat een aantal mensen of instanties niet geïnterviewd zijn, waardoor je essentiële informatie mist. Maar wat hier gepresteerd is, valt bijzonder te noemen. Het Anker heeft laten zien echte meerwaarde te hebben. Een positief verhaal, zeker als je dat beziet in het licht van de geluiden die je vaak hoort van ‘wat doen ze daar nou?’ De praktische aanpak is succesvol gebleken en ik hoop dat ze op die manier te werk blijven gaan en alsjeblieft geen bureaucratisch orgaan worden.”

,,Het onderzoek van KPMG berust voor een belangrijk deel op interviews. Tijdens die interviews zijn verschillende zaken aan de aandacht ontglipt. Weer andere zaken liggen genuanceerder dan de onderzoekers hebben aangenomen. Dat bleek al tijdens de presentatie van het rapport aan het Anker-personeel toen de onderzoekers erkenden dat Het Anker geen verwijt kan worden gemaakt van het feit dat de ‘regierol’ in de (psychosociale) nazorg onvoldoende zou zijn ingevuld, omdat de verantwoordelijkheid voor die rol niet bij Het Anker lag.”

,,KPMG heeft met de SSNV afgesproken dat de SSNV het rapport van commentaar zal voorzien zodat dit kan worden meegenomen in de volgende twee fasen van de evaluatie. De SSNV zal o.a. de aandacht vragen voor omstandigheden die eigen zijn aan een ramp en aan de Volendamse mentaliteit die een andere aanpak vraagt dan KPMG voorstelt. Een ramp roept heel veel hevige emoties op en die kun je niet zakelijk benaderen. Als nazorgcentrum kun je daarom niet als een doorsnee bedrijf te werk gaan.”

,,Verder is het in Volendam niet gebruikelijk dat je medewerkers die hun vak verstaan en gemotiveerd zijn voortdurend achter de broek zit met ‘taakstellingen’ en het afleggen van verantwoording. Zeker in de Volendamse verhoudingen is zo´n aanpak gênant voor zowel de baas als de medewerker. Van Volendammers is bekend dat ze ervoor gaan en dan werkt het contraproductief om ze in detail voor te schrijven wat ze moeten doen. En dat is op het Anker ook niet nodig als je in het KPMG-rapport leest dat de waardering voor de medewerkers met de jaren is gestegen omdat de professionaliteit, deskundigheid en ervaring met de jaren is toegenomen.” ,,Voor de geleverde prestaties kregen de Anker-medewerkers van KPMG een cijfer van een dikke 7½ tot een 8 zodat wel duidelijk is dat je ze kunt laten schuiven. En probeer het in het kritische Volendam als dienstverlenende instelling maar eens voor elkaar te krijgen dat bijna al je klanten erg tevreden over je zijn en dat ook nog eens uitspreken. En dat is wel gebeurd in het KPMG-onderzoek. In Enschede werden daarentegen onvoldoendes gescoord in het evaluatie-onderzoek en is het nazorgcentrum al weg.”
Voelsprieten

,,Ondanks alle voorlichting en media-aandacht, schrijft KPMG dat nog niet alle doelgroepen volledig zijn bereikt maar dan moet men wel weten dat we hier te maken hebben met nuchtere Volendammers. Als je in Volendam jezelf aan de man wilt brengen moet je jezelf vooral niet opdringen. Want dat werkt hier helemaal averechts. Daarom moet je goede voelsprieten hebben om te weten hoe er mee om te gaan en die hebben de Anker-medewerkers getoond.”

,,Maar wat wel indruk maakt op Volendammers zijn tastbare resultaten. En de 70 jongeren die inmiddels met behulp van Het Anker een baan hebben gevonden kunnen daarvan meepraten, evenals het grote aantal getroffenen dat op andere terreinen door Het Anker verder is geholpen. Want wat het KPMG-onderzoek ondubbelzinnig heeft aangetoond is dat de getroffenen echt iets hebben aan Het Anker. En vooral voor de getroffenen die nog geen gebruik maken van de diensten van Het Anker, is dat belangrijk om te weten.”

,,Gelijktijdig met het KPMG-rapport kwam een medisch rapport naar buiten waarin te lezen was dat ouders van getroffen jongeren veel meer psychische klachten hebben dan ‘normaal’ is voor mensen van die leeftijd. Volgens het rapport gebruiken ze al veel te lang medicijnen voor die klachten. Als je weet wat die ouders de afgelopen jaren hebben doorgemaakt is dat heel begrijpelijk. Maar intussen staat er in Volendam wel een team van psychologen klaar om deze ouders gratis te helpen om zonder medicijnen van hun klachten af te komen. Te hopen valt dan ook dat die ouders alsnog hun weg zullen weten te vinden naar Het Anker, evenals alle andere getroffenen die iets aan Het Anker kunnen hebben.”

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.