De Garnkwak houdt visserijtraditie in ere
De Garnkwak houdt visserijtraditie in ere
Met een zacht voorjaarsbriesje in de rug, kabbelend over het IJsselmeer, genieten van de ondergaande zon. Soms is het leven best te genieten. "Het kan spoken ook, hoor. Dan piep je wel anders", roept scheepsmaat Arie me nog na. "Kom maar op", denk ik bij mezelf, "Ik ben er helemaal klaar voor". Twee uur eerder liep ik nog vol stress van hot naar her te rennen. Hoe een tochtje met de Garnkwak je stemming positief kan beïnvloeden....
Iedere woensdagavond zeilt de VD 172, oftewel de Garnkwak, de haven van Volendam uit. Meestal betreft het een pleziertocht van een deel van de vrijwilligers van de Stichting d'Garnkwak. De tochtjes worden gebruikt om scheepsmaten en schippers de nodige vaaruren en ervaring te laten opdoen. Uiteraard wordt buitengaats de motor niet gestart.
Volendam kent momenteel drie stichtingen die oude botters restaureren en in de vaart houden: Stichting d'Garnkwak met de VD172, Stichting Pieter Bell met de VD84 en Stichting Zuiderzeecultuur Volendam met de VD5. Alle drie worden ze gerund door vrijwilligers die met hun hele ziel en zaligheid de oude schepen opknappen en onderhouden.
Eén Gulden
De Garnkwak stamt uit 1904. Het schip heette toen 'De Jonge Hendrik' en werd gebouwd door Klaas Kwakman, bijgenaamd De Burgemeester. Het schip werd ingeschreven onder nummer VD372, maar later omgenummerd naar VD172.
Na een bewogen leven werd de Garnkwak in 1993 door Piet Stuyt en Thomas van der Woude naar Volendam gehaald. Dat was een verhaal op zich. In een dronken bui besloten ze een oud Volendammer schip te kopen om voor het nageslacht te bewaren. De keuze viel op de VD172, eigendom van de familie Fruytier, die bij het Zuiderzeemuzeum in Enkhuizen lag weg te kwijnen. Omdat het museum zelf ook met de botter in haar maag zat, konden de heren het schip meenemen voor het symbolische bedrag van één gulden.
Toen het uiteindelijk in de haven van Volendam werd afgemeerd, was hoongelach hun deel. Het schip was in zo slechte staat dat menigeen niet in restauratie geloofde.
Om de restautratie te bekostigen werd de stichting d'Garnkwak opgericht, waarmee effectief sponsors werden benaderd. Op het slobbeland kreeg de stichting van de gemeente een stukje grond in bruikleen, omdat de restauratie naar verwacht jaren zou gaan duren.
Restauratie
De restauratie was geen sinecure. Terwijl we op een kalm IJsselmeer rustig 'voor de wind gaan', vertelt schipper Henk de Boer: "Zo goed als alle delen van het schip zijn in de loop van de jaren vernieuwd. Niets was nog bruikbaar. Zelfs het model van het schip moest hersteld worden, het was helemaal uitgezakt. Er was een jaar nodig om het startkapitaal bij elkaar te krijgen. De restauratie duurde van 1994 tot 1999."
Scheepsmaat Arie, zelf ook schipper maar vanavond even niet, heeft zelf een botter gehad en legt uit wat er allemaal bij komt kijken: "Deel voor deel van het schip moest worden gesloopt en vernieuwd. Een groot probleem daarbij is hoe je aan de juiste stukken hout komt. Voor de spanten heb je krom eikenhout nodig dat eigenlijk alleen groeit in de zijtakken van grote eiken. De huid van het schip wordt gemaakt van licht gebogen stammen. Helaas zijn de meeste houtzagerijen niet gericht op scheepsbouw, en dit soort stukken wordt dan ook vaak verzaagd. Heel veel delen hebben we dan ook zelf moeten vervaardigen uit grotere stukken, die we zelf hebben uitgezocht in verwaarloosde bossen in België en Frankrijk. Er zijn enorme hoeveelheden hout gebruikt."
Dat de restauratie uitstekend gelukt is, bewijst het feit dat de VD172 regelmatig met succes meedoet aan gerenommeerde zeilwedstrijden. In 2001 werd zelfs de Pieperrace in thuishonk Volendam gewonnen.
Training en verhuur
Schipperen doe je niet zomaar. Een schipper moet een groot vaarbewijs halen. Daarvoor moet hij een winter lang een avond in de week naar school, een opleiding met veel theorie. Na het behalen van dat papiertje ben je scheepsmaat. Je mag je pas schipper noemen als je drie maal honderdtachtig keer bent uitgevaren. Daartoe wordt ieder schip geacht een scheepslog bij te houden waarin wordt genoteerd wie er allemaal als scheepsmaat meevaren. Stichting 'd Garnkwak verzorgt voor haar leden deze training. Ondertussen heeft de stichting al zeven gediplomeerde schippers.
Naast de trainingen wordt de botter ingezet voor dagtochtverhuur voor gasten en groepen. Het schip is te huur met een twee-koppige bemanning met maximaal zestien gasten. Het schip wordt onder meer gebruikt voor uitstapjes met personeel, team-building en relatiemarketing, maar is ook te huur voor particulieren, bijvoorbeeld met een vrijgezellenfeestje of familie-uitje. Met grotere gezelschappen kunnen meerdere botters worden ingezet. Hierbij kunnen demontraties van kuilvisserij worden gegeven. Informatie over de verhuur van het schip kunt u krijgen via www.garnkwak.nl of via tel. nr. 06-22695733. De opbrengst van de verhuur wordt besteed aan het onderhoud van het schip.
De tocht op het IJsselmeer waar uw verslaggever deelgenoot van mocht zijn, was een heerlijk ontspannende gebeurtenis. Zoals scheepsmaat Arie al zei, is het niet altijd even rustgevend, want de zee kan aardig tekeergaan, ook op het IJsselmeer. Maar dat is nou net de charme van het varen, en op een authentiek zeilschip beleef je het zeilen zoals het vroeger was, in al haar ruwe schoonheid. Stichting d'Garnkwak is altijd op zoek naar vrijwilligers die de oude glorie van de visserij in ere willen houden en meehelpen het schip in de vaart te houden. Interesse? Meld je aan via info@garnkwak.nl.