'Een goedkoper waterschap is niet mogelijk'
'Een goedkoper waterschap is niet mogelijk'
'Het hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier wordt gerund door zakkenvullers of roofridders. Die veel beloven, maar weinig doen. Jaar na jaar stijgen de tarieven. En wat krijgt de burger er voor terug?' K. Schaafsma, hoogheemraad middelen, zeg maar de deeltijdpenningmeester van het waterschap, kent de kritiek. Noorderkwartier worstelt, net als veel andere waterschappen in Nederland, met een imagoprobleem. Terecht vindt hij de kritiek niet.
Schaafsma, tot 2004 algemeen directeur van papierfabriek Crown van Gelder NV, vergelijkt graag. ,,In 2006 betaalt een gezin dat in een huurhuis woont €15,60 voor de waterkeringen. Zeg maar voor veiligheid. Een soort verzekeringspremie. Wij voorkomen voor dat bedrag overstromingen die enorme economische schade kunnen veroorzaken, en die mensenlevens kunnen kosten. De veiligheid van de burgers is nog nooit zo hoog geweest. Een jaar lang droge voeten garanderen voor €15,60 vind ik een koopje. De verzekering voor de inboedel of de auto kost een veelvoud.''
Voor de waterkwaliteit geldt volgens Schaafsma hetzelfde. ,,Ik hoor nooit van iemand dat het water niet zo schoon hoeft te zijn, integendeel. Een gezin betaalt volgend jaar 170 euro voor de rioolwaterzuiveringstaak van Noorderkwartier. Zeg maar ruim drie euro per week. Daarvoor exploiteren we onder andere twintig moderne zuiveringsinstallaties, waarin dagelijks miljoenen liters afvalwater gezuiverd worden. Dan is drie euro per week een luttel bedrag.''
Het bovenstaande kan kloppen, het neemt niet weg dat Hollands Noorderkwartier in vergelijking met andere Nederlandse waterschappen qua tarieven duur is.
Schaafsma: ,,Ja, dat heeft een duidelijke oorzaak. Ons werkgebied, ruwweg Noord-Holland boven het Noordzeekanaal, ligt laag. Onder de zeespiegel. Het telt daardoor veel gemalen, honderden kilometers dijken, duizenden kilometers sloten, enzovoorts. Grote delen zijn ook zompig, zoals de veengebieden. Als je daar bijvoorbeeld een rioolpersleiding door aanlegt, moet je al snel een kostbare fundering aanbrengen. Dat maakt aanleg en exploitatie erg duur. We krijgen daarvoor geen subsidie, de tarieven moeten kostendekkend zijn.''
In 2004 en 2005 zijnde investeringen van hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier volgens de begroting achter gebleven bij de prognoses. Wél de tarieven verhogen, maar niet doen wat je voor dat geld beloofd hebt te zullen doen. Moeten de burgers dan geen geld retour hebben?
Schaafsma: ,,Je realiseert plannen samen met partners. Dat leidt soms tot vertragingen of uitstel. In enkele gevallen stellen we zelf een investering uit. Je kunt zeggen dat je dan geld over houdt. En dat het terug moet naar de belastingbetaler. Ik vind dat geen goed idee. Het werk moet toch uitgevoerd worden. Dus heb je dat geld gewoon nodig. Ben je goed bezig als je de mensen het ene jaar een douceurtje geeft, om in het daar op volgende jaar de tarieven extra te moeten verhogen?''
De hoogheemraad stelt dat er bovendien tegenover het 'gewin' van uitgestelde investeringen niet voorziene financiële tegenvallers staan. Zo vallen sloopkosten van oude zuiveringsinstallaties vaak duurder uit dan gedacht. ,,Daarvoor hebben we geen begrotingspost 'onvoorzien'. Je kunt de voordelen van een uitgestelde investering wegstrepen tegen de nadelen van onverwachte uitgaven. Per saldo houd je dan weinig over. En wat er over blijft gaat mee naar het volgende begrotingsjaar, draagt dan bij aan het drukken van de tariefstijging.''
Hollands Noorderkwartier heeft weliswaar eigen beleidsruimte, maar is toch vooral druk met de uitvoering van rijks- en Europees beleid. Schaafsma: ,,Er komt wat dat betreft van alles op ons af. We moeten het water in de bebouwde omgeving over nemen van de gemeenten, we moeten veel meer baggeren, we moeten dijken versterken, de overstromingsrisico's (faalkans) van polders verkleinen, enzovoorts.''
Wat dat voor gevolg heeft? Een zure appel. De waterschapslasten gaan de komende jaren verder stijgen. Landelijke prognoses gaan uit van minstens vijf procent stijging per jaar, mogelijk acht of tien procent.
En hoe zit het met de reserves (algemene reserve 20 miljoen euro). Die is niet mis. Kunnen die voor een deel niet gebruikt worden om de tarieven minder te laten stijgen?
Schaafsma: ,,Dat hebben we al gedaan. Ik vindt de reserves die er nu nog zijn minimaal, circa tien procent van de jaaromzet. We kunnen het er een maand mee uitzingen. Die tien procent heb je minimaal nodig om calamiteiten mee op te vangen. De meeste burgers hebben een grotere buffer op hun spaarbankboekje staan.''
Volgende week woensdag staat de begroting 2005 op de agenda van het algemeen bestuur. Dan zullen kritische hoofdingelanden in een zich jaarlijks herhalend ritueel bekende vragen stellen. Zoals: ,,Kan het niet goedkoper, en hoe zit het met de prijs-kwaliteitverhouding? En Schaafsma zal antwoorden: ,,We doen ons stinkende best.''
Maar de hoofdingelanden moeten zich volgens de penningmeester wél realiseren dat Noorderkwartier zich niet kan onttrekken aan nationaal en Europees beleid ten aanzien van zaken als veiligheid en waterkwaliteit. Veel uitgaven zijn min of meer verplichte nummers.