'Nog een jaar langer bij mijn moeder wonen'
'Nog een jaar langer bij mijn moeder wonen'
Echt vrolijk is de terugreis niet voor Jeroen en Thomas. Na de Raad van State-zitting over de Zuidpolder is hun hoop op een spoedige woning in de toekomstige Dijkwijk flink geslonken. „Ik denk dat ik nog een jaartje langer bij m'n moeder woon", grapt Thomas cynisch.
Vooraf zijn Jeroen en Thomas optimistisch gestemd. Gretig maken ze gebruik van het aanbod van Ed Plat (ook voorstander) mee te gaan naar de zitting. Ook Karin Weel is van de partij, maar haar sympathie ligt bij de bezwaarmakers. Die hebben de Raad van State gevraagd de gemeente te verbieden zand te storten tot het hoger beroep tegen het bouwplan is afgehandeld.
Jeroen en Thomas staan allebei ingeschreven voor een woning in de Zuidpolder. Maar spandoeken om hun woningnood kracht bij te zetten, hebben ze niet bij zich. Wel hebben ze snoepjes meegenomen. Heel wat sympathieker dan de discussie op internet die beide kampen voeren, merkt Karin op. „Man, dan lijkt het wel oorlog. Ik ben mee omdat het me een uitdaging leek met jullie in discussie te gaan."
De sfeer in de auto is ontspannen. En niet onvriendelijk. Natuurlijk worden de kansen vooraf gewogen en de betrokken stellingen verduidelijkt. „Als je 27 bent, wil je toch wel eens het huis uit. Deze bezwaaracties zorgen alleen maar voor uitstel", moppert Jeroen. „Ik ben helemaal niet tegen bouwen, alleen niet op deze plek. Ze hadden beter de Lange Weeren kunnen nemen", stelt Karin.
Pim-stropdas
Ed en Jeroen hebben alle vertrouwen in een goede afloop. Thomas twijfelt. „Er is geen luchtonderzoek gedaan", begint hij. Ed heeft echt wat huiswerk gedaan, onder andere over staatsraad Oosting. „Als ik zie wat hij heeft gepubliceerd, is hij wel gevoelig voor deze klachten." Ed heeft zelfs een fotootje op internet gevonden. „Hij heeft, wel, wat op met starters, dat zie ik zo", bluft Thomas. „Maar helaas geen Pim-stropdas, dat is minder."
In het gerechtsgebouw lopen flink wat bekenden. „Wie is die lange?", vraagt Jeroen. „Oh dat is de nieuwe wethouder (Mooiier, red.). Hij kijkt wel streng." Ook de bezwaarmakers en het ambtenarenkorps zijn goed vertegenwoordigd. Maar tijdens de zitting betrekken de vrolijke gezichten. Terwijl Karin een kleine steek onder water geeft: „Wat denken jullie? Welke kant gaat het op?"
We proberen dat af te leiden aan de vragen van staatsraad Oosting. Die stelt vast dat de gemeente snel wil beginnen met zand opspuiten. Dus is er sprake van spoed. Als de onderwerpen fijnstof en vogelrichtlijnen op tafel komen, krijgen de vertegenwoordigers van gemeente en provincie het lastig. Zijn er (voldoende) onderzoeken gedaan naar de gevolgen van de woningbouw? Oosting heeft blijkbaar zijn twijfels. Vooral als het om de verkeersafwikkeling gaat. 'Er komen geen verkeersbewegingen bij, omdat er hoofdzakelijk voor eigen inwoners wordt gebouwd', beweert gemeentewoordvoerder Steur. Die mening wordt door de staatsraad van tafel geschoven.
Jeroen en Thomas zien de bui al hangen. „De gemeente deed zijn best, maar het was niet goed genoeg", stellen ze. „Er wordt voor de feestdagen nog geen zand gestort", betreurt Ed.
Oosting verwacht rond de feestdagen uitspraak te doen.