Kamervragen Waterlands Wonen
Kamervragen Waterlands Wonen
Geachte Voorzitter,
Hierbij doe ik u de antwoorden toekomen op de Kamervragen van de leden Gerkens en Van Velzen over bouwplannen in Waterland, vraagnummer 2050605810.
Vraag 1
Is u bekend dat de provincie Noord-Holland ingevolge de streekplanuitwerking Waterlands Wonen de planologische ruimte biedt om in de rijksbuffer Amsterdam – Purmerend buiten de rode contour niet minder dan 1780 woningen verspreid in het hele gebied te bouwen?
Antwoord 1
De concept-streekplanuitwerking Waterlands Wonen is mij bekend. Deze streekplanuitwerking is door het College van Gedeputeerde Staten op dit moment nog niet vastgesteld. Het aantal woningen dat in de rijksbufferzone buiten het bestaand bebouwde gebied dat geprogrammeerd is in de streekplanuitwerking is op basis van mijn informatie overigens maximaal 1050. De voorgestelde streekplanuitwerking heeft een looptijd tot 2020.
Vraag 2
Bent u van mening dat hier de doelstellingen en principes van het rijksbufferzonebeleid met voeten worden getreden?
Antwoord 2
Het rijk vindt het van belang dat er binnen de nationale stedelijke netwerken voldoende recreatieve groenvoorzieningen zijn en dat duurzame recreatieve landschappen ontstaan en kunnen worden behouden. Deze doelstelling staat voor mij voorop bij de beoordeling van provinciale plannen die een rijksbufferzone betreffen. Op basis van het rijksbeleid geldt dat provincies, als één van de middelen om dit doel te bereiken, geacht worden een planologisch regime vast te stellen dat is gericht op het tegengaan van verdere verstedelijking in de rijksbufferzones.
Ik ben van mening dat in het gebied wel al veel werk is gemaakt van het versterken van de dagrecreatieve functie. Het aantal te bouwen woningen, gemiddeld circa 70 per jaar buiten bestaand bebouwd gebied, hoeft mede gezien de omvang van de rijksbufferzone en mits goed ingepast geen negatief effect op die functie te hebben.
In de concept-streekplanuitwerking komen deze kwalitatieve aspecten nog onvoldoende uit de verf. Dit heeft de vertegenwoordiger van mijn ministerie ook helder aangegeven in de Provinciale Planologische Commissie van 16 november 2005. Naar aanleiding hiervan ben ik met de provincie in gesprek om te bezien hoe de streekplanuitwerking in overeenstemming met het rijksbeleid kan worden gebracht. Over de resultaten daarvan zal ik u informeren.
Vraag 3
Zo ja, welke acties gaat u ondernemen om deze ongewenste ontwikkeling terug te draaien?
Vraag 4
Zo neen, waarom is deze ontwikkeling naar uw mening wel acceptabel?
Antwoord 3 en 4
Er zijn nog geen ontwikkelingen die teruggedraaid zouden moeten worden, zoals ik in de antwoorden op vraag 1 en 2 uiteen heb gezet. Om de voorliggende streekplanuitwerking, die een groter gebied beslaat dan de rijksbufferzone, procedureel niet op te houden heb ik de provincie verzocht een passage op te nemen in deze streekplanuitwerking die aangeeft dat voor het rijksbufferzonegebied nog preciezeringen en/of aanpassingen plaatsvinden. Ik zal met de provincie zodanige afspraken maken dat toe te voegen woningen op basis van de bouwstijl en wellicht ook op basis van een financiële bijdrage waar mogelijk de dagrecreatieve functie verder versterken.
Dit moet leiden tot een document dat voor de provincie mede het toetsingskader zal vormen voor beoordeling op bestemmingsplanniveau van plannen die leiden tot woningbouw buiten bestaand bebouwd gebied in de rijksbufferzone.
Deze preciezeringen en/of aanpassingen zijn voorwaardelijk voor mijn instemming met de streekplanuitwerking.
Hoogachtend,
de Minister van Volkshuisvesting,
Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer,
Sybilla M. Dekker