Visaanvoer Volendam weinig florissant

Visaanvoer Volendam weinig florissant
De meeste visafslagen aan het Ijsselmeer hebben in 2005 een vrije val gemaakt. De aanvoer- en omzetcijfers liepen schrikbarend terug. Volendam is samen met Enkhuizen en Stavoren een van de slachtoffers van deze malaise in de visindustrie. Zo erg als in het Enkhuizen is het in het Waterlandse vissersdorp echter nog niet, want daar is het door de geringe aanvoer hoogst onzeker of de visafslag wel openblijft.
Ondanks dat de situatie voor de visafslagen in mineur is, zijn er enkele positieve uitzonderingen op de negatieve tendens. Den Oever en Urk doen het wel goed. Op de afslag in Den Oever is vorig jaar zelfs fors meer Ijsselmeervis aangevoerd. De toename bedroeg maar liefst 5o procent ten opzichte van 2004. Daardoor steeg ook de omzet aan zoetwatervis, zij het minder spectaculair. Dat meldt 'Visserijnieuws', weekblad voor de visserij en de Nederlandse en Belgische visverwerkende industrie en vishandel.
In Urk werd vorig jaar voor 2,2 miljoen euro aan Ijsselmeervis onder de klok gebracht, een stijging van io procent. Het aanbod aan snoekbaars verdubbelde. Rode baars bracht gemiddeld dik 70 procent meer op per kilo.
In de lift
Ook Den Oever zat voor zoetwatervis in de lift. De aanvoer nam in hoeveelheid toe van 57 tot 85 ton, een stijging van 50 procent. Het gaat om visvangsten uit Ijssel- en Amstelmeer. Er kwam vooral meer snoekbaars in de netten. Wolhandkrab laat zich ook steeds meer gelden op de afslag: bij een aanvoer van 32 ton werd een omzet geboekt van 110.000 euro. Den Oever noteerde vorig jaar voor zoetwatervis een omzetgroei van dik 15 procent tot 340.000 euro. Overigens maakt zoetwatervis maar drie procent uit van de totale omzet. Het overgrote deel wordt gevist uit Noord- en Waddenzee.