Geen rechter kan strijd om Oud Volendam oplossen
Geen rechter kan strijd om Oud Volendam oplossen
De museumstrijd in Volendam is verworden tot een stammenstrijd. Rechter A. van Rens wond er gisteren geen doekjes om. „Dat wordt nog veel advocatenwerk als ik uitspraak heb gedaan. Want één van de partijen zal daar niet blij mee zijn.” De rechtbank in Haarlem boog zich deze week over de rechtsgeldigheid van een statutenwijziging die het bestuur van de Vereniging Oud Volendam in april 2004 heeft doorgevoerd. Een aantal verontruste leden, verzameld in de groep-Brinkkemper, vindt dat een dergelijk besluit tijdens een ledenvergadering had moeten worden genomen en niet in de aanwezigheid van alleen de bestuursleden. Er zouden bovendien wijzigingen zijn aangebracht waardoor de leden nauwelijks nog invloed kregen op het bestuur.
Het gaat de groep-Brinkkemper al een paar jaar om democratisering van de vereniging: het terugkrijgen van een gezonde vereniging met ledenvergaderingen en bestuursverkiezingen. Ze vinden het daarom maar niks dat de ongeveer 3000 mensen die jaarlijks de premiefoto aanschaffen, in juridische zin niet als leden van de vereniging kunnen worden aangemerkt. Het gerechtshof in Amsterdam kwam eerder dit jaar tot die uitspraak. De groep-Brinkkemper is ervan overtuigd dat er nog leden moeten zijn die vroeger naar de letter van de wet lid zijn geworden en die niet zijn geraadpleegd toen de statuten werden gewijzigd. Maar ledenlijsten zijn er niet (meer). Wél lijsten met kopers van de jaarlijkse premiefoto. Maar die worden door het zittende bestuur niet verstrekt.
„Dat gaat zijn cliënten niet aan", zei N. Purcell (advocaat van Oud Volendam) tot rechtbankvoorzitter Van Rens. Purcell doelde op P. Keuchenius (advocaat van de groep-Brinkkemper) die deze lijsten wel graag in het dossier ziet opgenomen. Zoals dat ook geldt voor het huishoudelijk reglement van de vereniging waarvan de groep-Brinkkemper het enige exemplaar zou hebben. Dát document wil Purcell weer graag hebben. Van Rens verwacht dat er nog veel procedures zullen opdoemen als hij over zes weken (op 28 juni) uitspraak doet. Met andere woorden: wat de rechterlijke macht in Nederland tot en met het hoogste rechtscollege ook beslist: een oplossing voor deze museumstrijd ligt waarschijnlijk niet in het verschiet. De kampen lijken onverzoenlijk.