Naar de inhoud

Schoonmaakwoede verstopt gemaal Volendammers (foto's)

Bron: Telegraaf

Schoonmaakwoede verstopt gemaal Volendammers
Het hardst werkende rioolgemaal van Nederland is ongetwijfeld dat van Edam-Volendam. Vrijwel nergens in het land worden zó veel poetsdoekjes en vochtig toiletpapier doorgespoeld als in deze twee dorpen. Het gemaal is om de haverklap verstopt en dringend aan renovatie toe, meldde deze week het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. Niet zo vreemd; de inwoners van Edam en Volendam staan al eeuwen bekend om hun uitzonderlijke zucht naar reinheid. Nergens zo veel schoonmaakbedrijfjes als hier en nog altijd zijn de dames uit Volendam in de wijde omtrek gewild als werkster. Hoe komt dat? Op zoek naar de ware schoonmaakspirit.

„Is dit wetenschappelijk onderzocht?” vraagt Hans Duin (55) zich hardop af, terwijl hij op de Volendamse Dijk in zijn poffertjeskraam op klanten wacht. Hans maakte zich aanvankelijk een beetje kwaad over het bericht dat zijn dorpsgenoten nogal ruimhartig gebruik zouden maken van poetsdoekjes, om deze vervolgens nog eens door het toilet te spoelen ook. „Maar later dacht ik: laten ze het maar weten ook, dat we hier hartstikke ’skoon’ zijn. Daar is niets mis mee, toch!”

„Ga maar even ruiken binnen, net een zwembad toch?”
In Volendam zijn er 13 schoonmaakbedrijven op 21.112 inwoners; oftewel één per 1624 inwoners. Ter vergelijking: in Hoorn bestaan er 16 bedrijven op 67.846 inwoners. En al eeuwen lang zijn Volendamse vrouwen veel gevraagd als interieurverzorgsters vanwege hun afkeer van ’kladdigheid’ en hun voorliefde voor schone stoepjes.  „Daar is zelfs een keer een liedje over geschreven voor de Volendammer kermis: ’Als mijn stoepie maar skoon is.’ Het is uitgebracht op cd. Iedereen kon het meezingen”, weet Dick Tuip (24), speler in ons nationale handbalteam die tevens de marketing doet voor Succes, het grootste schoonmaakbedrijf uit de regio.

Opgericht in 1963 als eenmansbedrijf, werken er bij Succes natuurlijk allang niet meer alleen geboren en getogen Volendammers. Maar alle werknemers – zo’n achthonderd – wordt wel voordat ze beginnen, zo snel mogelijk de Volendamse spirit bijgebracht. „Die komt in het kort hierop neer: ’Het maakt niet uit wat we doen, of het nu sport, muziek of schoonmaken is; als we iets doen, doen we het goed.’ Een Volendammer wil de beste zijn. En hij houdt van actie. Hij doet alles graag in rap tempo. Dat hoor je ook terug in ons dialect. Heel veel letters worden ingeslikt.”

Vochtig
Wegens die voorliefde voor snel aanpakken, zou je geneigd zijn te denken dat de Volendamse vrouwen, zeker de meiden die buitenshuis werken en ook nog zelf hun eigen huis schoonhouden – en dat zijn er veel – dolenthousiast zijn over de vochtige wegwerppoetsdoeken. Maar, niks hoor. Van alle dames die wij ernaar vroegen, was er maar eentje die vertelde dat ze ze in huis heeft. Ze gebruikt ze voor het toilet, als daar een keer snel een lapje langs gehaald moet worden. „Maar ze doorspoelen, dat doe ik natuurlijk niet”, lacht Belinda van Westen-Tol (44), moeder van drie kinderen. „Weet je wat ik denk? Dat het om hele andere doekjes gaat. Die waarmee mensen de billen van hun baby schoonmaken”, zegt collega Thea Schilder (33). Thea werkt bij lunchroom De Koe. We mogen haar even storen tijdens het opscheppen van de groentesoep met balletjes en vermicelli.

Er zijn zojuist twee bussen met Chinezen bij de Koe aangemeerd. Ze zijn door eigenaar Piet Jonk (55) hartelijk welkom geheten en smakelijk eten gewenst in hun eigen taal. Daarna krijgen Aziatische gezinnen, vrijgezellen en stelletjes als de gesmeerde bliksem een driegangenmenu geserveerd, terwijl Aaf Bont (51), geholpen door Lida Tol (47), in minder dan geen tijd stapels borden, koppen en schotels door het afwaswater jagen. Er komt geen machine aan te pas. De twee vrouwen werken schoner en sneller, vinden ze zelf.
Als er even niets te doen is op keukengebied, lappen ze zonder dralen de ramen. Ze dweilen de vloeren, geven de wc’s een extra beurt en poetsen de glazen op. „Wij houden van schoon. Ik vind het heerlijk als de boel aan kant is”, grijnst Lida, die net als haar collega’s haar eigen huis zelf schoonhoudt.

„Het huishouden is mijn hobby. Ik doe het met plezier als ik ’s avonds thuiskom, of voordat ik naar mijn werk ga”, verzekert ons ook Lena Tol (49), die een halve dijk verderop een souvenirwinkel bestiert. „Maar je moet ook eens in Urk gaan kijken. Daar zijn ze ook hartstikke schoon.” Vanwege de vele toeristen die lunchroom De Koe aandoen, lopen de diensters Thea en Anja alhier in ’het pak’. Dat wil zeggen in een zwart ’kledje’ (spreek uit ’kleedje’), een zwarte rok met een jak. Het in vrolijke kleuren geborduurde, vierkante stukje stof dat op de rug en borst, boven de donkere stof uitpiept, heet een ’kraallap’. Aan hun gestreepte ’bontje’ (schort) dat ze over hun ’kledje’ dragen, zijn net onder de bilpartij twee losse witte bandjes genaaid. „Mensen zeggen dat je aan die losse bandjes vroeger kon zien dat de vrouwen niet getrouwd waren. Waren ze dichtgeknoopt, dan betekende dat een vrouw niet meer vrij was. Maar dat verhaal klopt helemaal niet. Die banden maakten ze aan die rokken zodat de vrouwen hun poetsdoeken daarover konden hangen, terwijl ze verder werkten”, vertelt Piet.

Rijke boeren
Dit gebruik stamt uit dezelfde tijd dat Volendamse vrouwen uit pure armoede uit werken werden gestuurd. „Het hoorde er gewoon bij. Bussen vol met vrouwen gingen naar Amsterdam en naar rijke boeren in de omgeving om schoon te maken”, zegt Kees Mooyer, werkzaam bij vishandel en rokerij J. Plat. „Het is ooit begonnen met marktkooplui uit Amsterdam, die hier kwamen voor de vis. Zij zagen hoe schoon het hier was en namen Volendamse vrouwen mee terug als hulp in de huishouding. Als een soort au pair”, vervolgt Dick Tuip. Dick vermoedt dat de voorliefde voor schrobben van oudsher verband houdt met de visserij. „Met vis moet je schoon werken, anders word je ziek. En wie haar moeder altijd heeft zien boenen, gaat het zelf ook doen.”


Streeploos
Jennifer Bootsman (29) is een van de meiden die haar moeder en oma als perfect voorbeeld had. Haar favoriete klus: ramen lappen. En gordijnen wassen doet ze graag. „Een tip: met een beetje Calgonit glansmiddel voor de afwas en een klein scheutje Ajax door het water krijg je de ruiten streeploos. Wat ook goed werkt is een doorgesneden ui in het water. Die tip gaven ze ook in het tv-programma ’Hoe schoon is jouw huis’. Het werkt echt.”
Handschoenen gebruikt de Volendamse nooit als ze bij café De Boer aan het werk is. „Veel te veel gedoe. Verder weet ik dat chloor niet zo goed is voor het milieu. Toch ben ik daar heel scheutig mee. Omdat het zo’n heerlijk fris gevoel geeft. Ga maar even ruiken binnen. Het lijkt wel een zwembad.”

„Iedereen mag weten dat we hier hartstikke ’skoon’ zijn”
Of de complete jeugd net zo honderd procent spic en span is als de oudere generatie, betwijfelt Jennifer. „Als mijn moeder op bezoek komt, ziet ze altijd nog wel een stofje op de televisie waar ik het niet zo moeilijk mee heb.” Belinda van Westen: „De grote schoonmaak zoals dat vroeger gebeurde, dat alles echt naar buiten werd gesjouwd, dat zie je tegenwoordig niet meer zo vaak. En gingen wij toen we klein waren met onze moeders juist onze oma’s helpen; tegenwoordig komen moeders en oma’s bij hun kinderen en kleinkinderen poetsen.”


• Volgens Dick Tuip houdt de Volendamse schoonmaakdrift van oudsher verband met de visserij: „Wie haar moeder altijd heeft zien boenen, gaat het zelf ook doen.” FOTO: EMIEL VAN LINT


• Jennifer Bootsman: „Mijn favoriete klus is ramen lappen. En ik mag graag gordijnen wassen.” FOTO: ANKO STOFFELS


• Piet Jonk (l.) en Kees Mooyer: „Die bandjes achter aan het schort – wij noemen dat een ’bontje’ – werden dichtgeknoopt, zodat je er een poetsdoek over kon hangen.” FOTO: ANKO STOFFELS


• Belinda van Westen: „Vroeger kwamen de kinderen met hun moeder oma helpen bij de grote schoonmaak. Tegenwoordig is het andersom.” FOTO: ANKO STOFFELS

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.