Extern buro moet mogelijke misstappen rondom Woonzorgtoren onderzoeken
Extern buro moet mogelijke misstappen rondom Woonzorgtoren onderzoeken
Burgemeester Van Beek heeft opdracht gegeven om een extern buro onderzoek te laten uitvoeren naar de gang van zaken binnen het vorige college naar de procedures en mogelijke misstappen bij de realisatie van het nog te bouwen woonzorgcomplex. Hoewel de burgemeester van mening is dat er door het vorige college geen besluit is genomen over het zorgcomplex en dus ook geen grondaanbiedingen zijn gedaan aan een bouwconsortium uit Volendam, is er weldegelijk een brief met handtekening van dezelfde burgemeester en zijn secretaris over dit onderwerp de deur van het stadskantoor uitgegaan.
De burgemeester is zich niet bewust geweest dat het hier om een gevoelige brief zou gaan. Het is als zogenaamd 'hamerstuk' onder zijn vingers doorgegleden. Nu het huidige gemeentebestuur niet met de bouwers verder wil om het zorgcomplex (op een andere locatie dan de Keetzijde, namelijk bij zwembad de Waterdam) te realiseren, is er van de zijde van de planontwikkelaars gedreigd met juridische consequenties.
Het was RDZ die met zwaar geschut het onderwerp onder het grote publiek lanceerde. RDZ vindt dat er een veel te lage grondaanbieding lag en dat het 'besluit' eerst in de raad besproken had moeten worden. Het college vindt dat ook, maar zit met de brief in de maag. Vandaar dat de burgemeester, om allerlei speculaties voor te zijn, besloten heeft een extern onderzoeksburo in te schakelen.
Dit onafhankelijke buro moet binnen enkele maanden duidelijkheid scheppen over de gevolgde procedures binnen het stadskantoor en op welke wijze de aanbieding tot stand is gekomen. Verder moet onderzoek antwoord geven op de vraag of er sprake is van een onderliggend collegebesluit. Zo niet, dan is de vraag waarom de procedure heeft gefaald. Uiteindelijk moet gekeken worden hoe dit soort fouten in de toekomst voorkomen kunnen worden. Daarbij moet duidelijk komen in de gewekte suggestie dat er onoorbare deals zijn geweest tussen de politiek en het bedrijfsleven.
Wat de politieke en financiële consequenties van het onderzoek zullen zijn, blijft tot de uiteindelijke rapportage van het buro onduidelijk.