Cocaïnegebruik in Volendam is een probleem van iedereen (foto)
Cocaïnegebruik in Volendam is een probleem van iedereen
Nergens in Nederland is het drugsgebruik zo hoog als in Volendam. Officiële cijfers ontbreken, maar het schijnt dat tachtig procent van de Volendamse jongeren die uitgaan, cocaïne gebruiken. De organisatie Moedige Moeders strijdt al vier jaar om het cocaïnegebruik in Volendam aan het licht te brengen en door middel van goede voorlichting ervoor te zorgen dat het gebruik onder jongeren afneemt. Wat is het resultaat na deze vier jaar en is het probleem eigenlijk wel op te lossen?
Foto: Cor van Bruggen
Door Juliëtte van Eeten
De Volendamse Gary Kok, oprichtster en initiatiefneemster, begon met Moedige Moeders om haar eigen zoon van de drugs af te helpen. Ze wil ouders alert maken op het drugsgebruik van hun kinderen. Dat het al vroeg kan beginnen blijkt wel uit verhalen van ouders; sommige tieners experimenten op hun twaalfde al met cocaïne. Eén manier om te weten of je kind gebruikt, is een speciale spray. "Deze spray spuit je over de tafel waar je kind heeft gezeten, op spullen in zijn kamer, een tas, een jas of een pet. De kleur die het oppervlak krijgt, verraadt het gebruik van een bepaalde drugs. Dan kan je een gesprek met je kind aangaan. Want hoe eerder je erachter komt, hoe eerder je kind er nog van af kan komen. Als je zoon al vanaf zijn dertiende gebruikt en op zijn twintigste kom je erachter dan is het eigenlijk al te laat en zal het heel moeilijk zijn om hem uit die vicieuze cirkel te krijgen."
'Ik hield zelf zijn verslaving in stand’
Ze vertelt het verhaal van haar zoon Ruud. "Het was altijd zo’n lieve en gezonde jongen. Hij vond het vreselijk dat ik rookte. Tot hij er op zijn veertiende zelf mee begon. Hij rookte ook af een toe een joint. Prima dacht ik, heb ik vroeger ook gedaan. Tot het moment dat hij rare buien kreeg. Ik kon niet meer met hem omgaan. Hij praatte niet, ik zag hem amper en elke poging om met hem te praten, liep uit op ruzie. Het werd verschrikkelijk thuis. Toen ik aan hem vroeg of hij gebruikte, ontkende hij. Zo stom zou hij nooit zijn!
Ik merkte dat hij ook geld van me stal en wist niet meer wat ik met hem aan moest. Hij werd broodmager en zag vreselijk wit. Ik bleef voor mezelf ontkennen dat hij cocaïne gebruikte, voor alles had ik wel een excuus. Ik hield hem thuis en bleef me aanpassen aan zijn regels. Hij kon eten wanneer hij honger had, hij kon zo laat thuiskomen als hij zelf wilde. En doordat ik me aan Ruud bleef vasthouden, hield ik zelf zijn verslaving in stand. Ik moest leren om hem liefdevol los te laten. Als je ze loslaat dan zijn ze op zichzelf aangewezen en bereiken ze vroeg of laat hun ‘bodem’, waardoor ze inzien dat ze hulp nodig hebben."
Dat is wat Gary duidelijk probeert te maken met de Moedige Moeders. "Liefdevol loslaten helpt om je kinderen van hun verslaving af te krijgen. Ik wil ouders behoeden voor al het verdriet dat ik heb gehad en wil dat ze er zo snel mogelijk bij zijn. Met de gesprekken die wij onderling hebben, helpen we elkaar. Het werkt zo goed omdat we het allemaal hebben meegemaakt.”
‘Het is een prachtig plan, maar geen enkele gemeente geeft toestemming’
Samen met Stichting 12 Stappen en Roads probeert Moedige Moeders een aantal herstelhuizen van de grond te krijgen in de omgeving van Waterland. “In deze herstelhuizen willen wij verslaafden helpen om hun leven weer op te rails te krijgen. Het is een goedkope manier van zorg, waarbij veel aandacht is voor nazorg en begeleiding van familieleden. ” De verslaafde zit eerst zes weken in een kliniek en daarna voor 3 tot 6 maanden in een herstelhuis. Er wordt vervangend werk voor ze gezocht. Overdag gaan ze daar heen en ’s avonds krijgen ze begeleiding. Zodra de patiënt weer thuis is, is er nazorg: de bemoeialservice. Er wordt bepaald of de ex-verslaafde het alleen redt.
“Het is een prachtig plan, het probleem is alleen dat we geen locatie hebben. Geen enkele gemeente geeft er toestemming voor, ze zijn allemaal bang voor overlast. Zo heeft de Beemster het plan afgeketst en in Volendam zelf is geen ruimte meer. Gelukkig hebben we nu iets op het oog, met een beetje geluk openen we dit jaar het eerste huis. Stichting 12 Stappen en Roads gaan het herstelhuis runnen.”
‘Ons kind gebruikt niet hoor!’
Volgens Gay Kok is het cocaïneprobleem bijna niet op te lossen. "Volendam is een hechte gemeenschap. Iedereen kent elkaar en de groepsdruk is groot. Doe je er niet aan mee, dan hoor je er niet bij. Daarnaast werken Volendammers hard en ze verdienen veel." De Volendamse barkeepster Gerie Smit zegt hierover: “In het weekend gaan de Volendammers helemaal los: er gaat veel drank doorheen en om je de volgende dag toch een beetje lekker te voelen wordt er even een lijntje gesnoven. Dat is heel normaal. Ik weet nog goed dat ik een keer in het toilet van een café kwam en zag dat een meisje van vijftien jaar een portemonnee bij zich had vol met envelopjes cocaïne. Ze vroeg of ik ook wilde. Het is zo makkelijk om aan drugs te komen. Als ik ooit besluit te gaan gebruiken, kan ik er zo aan komen."
Om het probleem op te lossen moet er een mentaliteitsverandering plaatsvinden, vindt Gary Kok. "Want het is niet stoer als je gebruikt, maar juist ontzettend stom. Daarom hebben we ook op onze campagneposters gekozen voor modellen met een varkensneus op. Als je in Volendam iemand een varken noemt, zeg je eigenlijk dat diegene heel stom is. Het is dus stom om drugs te gebruiken of te geloven dat je kinderen niet gebruiken...“
“Vroeger, in de tijd van de flower-power werd er ook flink veel drugs gebruikt, maar die tijd ontgroeide je. Bij cocaïne is dit een heel ander verhaal. Mensen blijven verslaafd. Er komen jonge gezinnen met kinderen bij Moedige Moeders, dan hebben we het over ouders van rond de dertig, die nog steeds verslaafd zijn!”
Gerie Smit: "Ik denk niet dat je die mentaliteit kan veranderen. Vaak genoeg kom ik mensen tegen tijdens het uitgaan die ontzettend strak staan of heel agressief zijn. Dan vraag ik ook, wat heb jij nu weer gebruikt? Maar ze ontkennen allemaal dat ze gebruiken en schieten in de verdediging. Ook ouders houden zichzelf voor de gek, ze zeggen allemaal: “Ons kind gebruikt niet hoor!” Om het probleem op te lossen moeten de dealers aangepakt worden. Iedereen weet wie de dealers zijn. De politie kan ze alleen nooit aanhouden, want er zijn geen bewijzen voor."
‘De horeca moet ook inzien dat ze niets hebben aan klanten die gebruiken’
Politiewoordvoerder Willem Melius: “Je kan niet één iemand aanwijzen die verantwoordelijk is voor het drugsgebruik en er is niet één partij die het alleen kan oplossen. De politie surveilleert door Volendam, maar we kunnen niet overal tegelijk zijn. Bij grote evenementen, zoals de Volendammer kermis, loopt er altijd extra politie rond. Maar horecagelegenheden hebben ook hun eigen verantwoordelijkheden. Zij moeten inzien dat zij op lange termijn niets hebben aan mensen die gebruiken. Ik denk dat het probleem alleen op te lossen is als iedereen zijn steentje bijdraagt. Zowel de politie, Moedige Moeders, de horecabazen als de bevolking.”
Melius geeft aan dat het moeilijk is om te weten hoeveel gebruikers er in Volendam rondlopen. “Er komen uit de hoek van Volendam heel weinig meldingen binnen over het drugsgebruik. Zelfs via Meld Misdaad Anoniem. Terwijl je dat wel zou verwachten.” Gary Kok: “Of het aantal drugsgebruikers de afgelopen jaren is afgenomen, is moeilijk te zeggen. We weten wel dat 150 verslaafden nu clean zijn. Met of zonder hulp van Moedige Moeders. Maar we hebben in ieder geval de dialoog geopend; het gebruik uit het isolement gehaald. We dachten altijd dat er ongeveer 300 verslaafden waren in Volendam. Maar het zijn er veel meer. Het is niet te meten."