Naar de inhoud

Geen noodzaak Zuidpolder

Bron: NHD

Geen noodzaak Zuidpolder
Woningwetwoningen of premie-A woningen. Wie weet het nog? Ooit waren dat gesubsidieerde startposities voor jongeren op weg naar een eigen huis. Kees Kwakman uit Volendam was er zo een. Hij betrok zijn woningwetwoning aan de Mercuriuslaan begin jaren zeventig en kocht het rijtjeshuis twintig jaar geleden van de corporatie voor de somma van 67. 000 gulden, wat nu gelijk staat aan dertigduizend euro. Kwakman is tevreden met zijn zelf verworven onroerend goed en blijft er tot in lengte van jaren wonen.

Zelf loopt de zestigjarige Volendammer niet met deze informatie te koop. Maar het is wel tegen die achtergrond waarop hij aankijkt tegen de Zuidpolder. Het woningbouwplan waarop politiek Volendam zich volgens hem blindstaart. De cijfermatige onderbouwing van de Structuurvisie Edam-Volendam van de auteurs Franken/Sluijs die ten grondslag ligt aan het plan Zuidpolder, houdt volgens hem geen rekening met de gewijzigde omstandigheden van de laatste jaren. Kwakman heeft het rapport doorgespit en komt tot de conclusie dat de woningbehoefte helemaal niet zo groot is als wordt voorgesteld. Kwakman heeft cijfers paraat, over instroom, uitstroom, woningbezetting en beschikbare voorraad woningen.

„Feit is gewoon dat de gemeente die grond voor de Zuidpolder al heeft aangekocht, dus ze kunnen niet meer terug, dat is het verhaal!' Kwakman hecht eraan te benadrukken dat hij vrijblijvend reageert en er zelf geen enkele economisch belang bij heeft zijn mening te uiten. “Wat mij stoort, is dat het meteen allemaal zo groot moet. Nog voordat ze een woning betrekken, moet er een verbouwing van veertig mille tegenaan. Toen ik achttien werd, liet je je inschrijven bij woningbouwvereniging De Vooruitgang. Huren was in die tijd een heel gangbare manier van wonen. Als je wel geld had, ging je zelf bouwen, zoals mijn broers want die zaten in de vis maar huren was ook een aantrekkelijke optie. Vooral dankzij die premiewoningen. Dat systeem, waarbij je op jaarbasis bedragen tot maximaal tienduizend gulden gestort kreeg, bevorderde het eigen woningbezit. Die opzet had grote voordelen. Je kweekte verantwoordelijkheid want je beheerde je woning zorgvuldig, verder bevorderde dit de spaarzaamheid en door waardestijging bouwde je een eigen kapitaal op."

Wat Kwakman eigenlijk wil zeggen, is dat de huidige generatie dat stappenplan overslaat en meteen voor de hoofdprijs gaat en dat de gemeente daar met de Zuidpolder handig op inspeelt. “Wat je ziet, is dat nu alles vastloopt. De gemeente spiegelt iets heel moois voor dus wat zegt de jeugd? We blijven nog wel. een paar jaar thuis wonen en wachten tot de Zuidpolder straks vrijkomt. De bevolkingsgroei wordt sterk beïnvloed waardoor er in feite geen of slechts geringe behoefte bestaat aan meer woningen.”

Kwakmans conclusie is heel simpel: “Het gaat niet om woningnood, het gaat ook niet om woningbehoefte, maar kennelijk om investeringsbehoefte aan nieuwe woningen. Daar is niks
verkeerds mee. Maar de discussie over grote groepen woningzoekenden en de noodzaak van bouwen wordt vertroebeld als je dit rapport leest. Er zijn tot nog toe voldoende woningen gebouwd en aangeboden."

5 reacties

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.

  • Het activeren van baggerwerk en ander onderhoud is binnen de BBV niet toegestaan, maar deze mevrouw weet het gewoon weer beter. Zie hieronder voor de uitleg.

    2.1.5. Activeren versus (groot) onderhoud
    Bij de beantwoording van de vraag of bepaalde kosten wel of niet dienen te worden geactiveerd, is het
    van belang om duidelijkheid te scheppen over wat onder (groot) onderhoud wordt verstaan. Bij
    onderhoud kan de volgende driedeling worden gehanteerd:
    1. Klein onderhoud
    Klein onderhoud keert jaarlijks terug. Het is dan ook daarom dat deze uit de jaarlijkse budgetten
    bekostigd moeten worden en dat activering van deze kosten niet tot de mogelijkheden behoort.
    2. Groot onderhoud
    Bij groot onderhoud gaat het om zaken die één keer in de zoveel jaar moeten gebeuren. Het valt dan
    onder de noemer renovatie of levensduurverlengend. Voorbeelden daarvan zijn het volledig
    herbestraten van een weg en het (buiten)schilderwerk van een gebouw. Ook dit soort lasten dient
    naar de geest van het BBV niet te worden geactiveerd. De keuze bestaat hierbij uit dekking van de
    kosten via de exploitatie dan wel via de vorming van een voorziening (bijvoorbeeld voorziening
    onderhoud binnenkant/buitenkant onderwijs).
    3. Vervangingen en reconstructies
    Voor reconstructies en vervangingen geldt de normale weg van het beschikbaar stellen van een
    investeringskrediet. Het vormen van voorzieningen is daarbij niet aan de orde.

  • Jeroen, zo had ik het nog niet bekeken.

    Kwakman woont, en zou graag willen dat ze anno 2007 ook deden wat hij vroeger deed.

    Wel meneer Kwakman, welkom in 2007. Want als ik me niet vergis, dobber jij nog in de vorige eeuw.

  • Citaat 1
    Onderhoud mag niet meer worden ‘geactiveerd’. Dit betekent dat de kosten van het onderhoud niet meer ‘uitgesmeerd’ mogen worden over meerdere jaren maar in hun totaliteit ten laste komen in het jaar waarin het onderhoud wordt uitgevoerd

    Citaat 2
    De havens worden door het baggeren meer waard, met andere woorden het gemeentelijke bezit wordt groter. Je kunt bijvoorbeeld meer inkomsten genereren als de havens beter toegankelijk worden. Dit betekent dus dat het nut van het baggeren niet alleen geldt voor het jaar dat gebaggerd wordt maar ook voor de jaren daarna.

    Ik weet niet wat de PvdA onder het onderhoud van citaat 1 verstaat. Maar volgens mijn boekhoudkundige kennis moet een grootonderhoud (bijvoorbeeld schilderbeurt gemeentekantoor, asfalteren Julianaweg, baggeren haven e.d.) geactiveerd worden. Door dit onderhoud gaat het gebouw, de weg en de haven weer enkele jaren langer mee. Daarbij slijt de verf en het asfalt ook niet in één jaar. En de haven slibt ook niet in één jaar dicht. De kosten worden opgeroepen gedurende meerdere jaren. Het is dus normaal om de kosten jaarlijks te nemen en te doteren aan een voorziening.

    Een voorbeeld.
    De schilderkosten van het gemeentekantoor bedragen over vijf jaar € 50.000. De verf beschadigt de aankomende vijf jaar. Ook de kwaliteit van de bescherming die de verf biedt wordt gedurende de jaren minder. Dus mag ten laste van het resultaat jaarlijks 1/5 deel van de kosten in een voorziening gestopt worden. Over vijf jaar is er dus € 50.000 gespaard. Bij de daadwerkelijke afrekening van de schilderbeurt kan dit bedrag ten laste van de voorziening worden gebracht.

    Ik snap dan ook citaat 2 niet. Wat is het verschil tussen groot onderhoud aan het gemeentekantoor en de haven. Het dichtslibben van de haven gebeurd ook niet in één jaar. De noodzaak van het baggeren ontstaat door het dichtslibben van de haven gedurende enige jaren. Het is m.i. ook in dit geval normaal om jaarlijks een deel van de kosten te nemen en te activeren op de balans. De voorziening valt vrij zodra het onderhoud plaatsvind. Dit is eerlijker voor de belastingbetaler van nu en van in de toekomst. De kosten worden genomen in het jaar waarop het betrekking heeft.

    Citaat 3
    Het grootste potje dat aangeboord wordt is de ‘egalisatiereserve’. Het doel van dit potje is om geld dat in het verleden niet gebruikt is maar waar wel belasting voor is gevraagd terug te geven aan diezelfde inwoners. Fout? Nee juist. Dat is immers aan de inwoners beloofd toen we in voorgaande jaren de belastingen verhoogden. Dit college en deze coalitie houdt zich aan de afspraak!

    Een egalisatiereserve of ook wel genoemd de kostenreserve is een reserve of voorziening die (fiscaal) in het leven is geroepen om kosten gelijkmatig te verdelen over de periode waarin het haar nut afwerpt. Volgens het woordenboek betekent egalisatie ook gelijkmaking. De PvdA spreekt zich m.i. in dit stuk heel erg tegen. Het doel van de egalisatiereserve is dus om de uiteindelijke werkelijke kosten die gemaakt zijn met het groot onderhoud ten laste van de reserve te brengen. Hierdoor worden de kosten gespreid genomen. Zie voorbeeld.

    De fractievoorzitter van de PvdA moet zich denk ik boekhoudkundig laten bijscholen. De boekhoudregels worden m.i. dus niet juist toegepast. Op zijn minst worden ze niet consequent toegepast. Indien de reserves vrijvallen en niet gebruikt worden waarvoor ze bedoeld waren (groot onderhoud) dan schuiven ze grote financiële problemen door naar de volgende wethouders. Want hoe wordt het onderhoud dan betaald? Ja ten laste van het resultaat over x-jaar. Maar is dat geld er dan wel? De rekening wordt dan uiteindelijk betaald door de inwoners. Klasse PvdA. Maar dan zitten jullie wel weer in de oppositie en kunnen jullie tegen deze problemen van de toekomstige wethouders aanschoppen. Ja ja leuk die partij.

  • Het activeren van baggerwerk en ander onderhoud is binnen de BBV niet toegestaan, maar deze mevrouw weet het gewoon weer beter. Zie hieronder voor de uitleg.

    2.1.5. Activeren versus (groot) onderhoud
    Bij de beantwoording van de vraag of bepaalde kosten wel of niet dienen te worden geactiveerd, is het
    van belang om duidelijkheid te scheppen over wat onder (groot) onderhoud wordt verstaan. Bij
    onderhoud kan de volgende driedeling worden gehanteerd:
    1. Klein onderhoud
    Klein onderhoud keert jaarlijks terug. Het is dan ook daarom dat deze uit de jaarlijkse budgetten
    bekostigd moeten worden en dat activering van deze kosten niet tot de mogelijkheden behoort.
    2. Groot onderhoud
    Bij groot onderhoud gaat het om zaken die één keer in de zoveel jaar moeten gebeuren. Het valt dan
    onder de noemer renovatie of levensduurverlengend. Voorbeelden daarvan zijn het volledig
    herbestraten van een weg en het (buiten)schilderwerk van een gebouw. Ook dit soort lasten dient
    naar de geest van het BBV niet te worden geactiveerd. De keuze bestaat hierbij uit dekking van de
    kosten via de exploitatie dan wel via de vorming van een voorziening (bijvoorbeeld voorziening
    onderhoud binnenkant/buitenkant onderwijs).
    3. Vervangingen en reconstructies
    Voor reconstructies en vervangingen geldt de normale weg van het beschikbaar stellen van een
    investeringskrediet. Het vormen van voorzieningen is daarbij niet aan de orde.

  • 60 en dan uitkijkend naar een seniorenwoning.. zou natuurlijk niet zo moeten zijn dat dan je eigen huisje (iets)minder waard wordt door de bouw van woningen voor starters...