Naar de inhoud

Schaatser Jan Duif Nederlands kampioen bij de veteranen (foto)

Bron: Webregio

Schaatser Jan Duif Nederlands kampioen bij de veteranen
WebRegio interviewt regelmatig een bijzondere sporter uit Noord-Holland. Deze week in Sportief type(n) de schaatser Jan Duif uit Middelie.

De 44-jarige schaatser heeft al heel wat rondjes op de ijzers erop zitten, want hij schaatst al meer dan 30 jaar. Donderdag is hij in Utrecht Nederlands kampioen geworden bij de veteranen, ook wel masters genoemd. Nu is hij hard aan het trainen voor het WK in Erfurt in Duitsland.

Hoe het begon….
“Als kind was ik al gek op schaatsen. Als tiener werd ik er heel goed in en ik had ook de ambities om heel ver te komen, maar ik werd gevloerd door de ziekte van Pfeiffer”, vertelt Jan. Door de ziekte raakte zijn schaatscarrière in de slop. “Twee jaar had ik de last van de ziekte en zo raakte ik los van de schaatsgroep en ben toen gestopt met trainen.”

Toch bleef Jan zijn sport trouw?
“Als je eenmaal met het schaatsvirus bent besmet, dan kom je er nooit meer van af. “Ik kon niet meer naar de top, ik was er natuurlijk een lange tijd uitgeweest en de KNSB, de Koninklijke Nederlandse Schaatsbond, bood toen nog niet zoveel mogelijkheden.”

Je behoort nu tot de top bij veteranen, hoe is dat zo gekomen?
“Tien jaar terug heb ik het schaatsen weer serieus opgepakt. Nu schaats ik bij de veteranen, of wel de masters genoemd. Dat gaat heel goed.” Jan traint op de ijsbaan de Westfries in Hoorn. “Daarvoor trainde ik in Alkmaar, met de komst van de Westfries hebben wij besloten om naar Hoorn te gaan. Het is dichterbij en de baan is beter doordat het voor een groot gedeelte overdekt is.”

Je bent Nederlands kampioen, hoe heb je daar naar toe gewerkt?
“Ik train met jonge mensen, onder de naam team De Wit. Doordat ik met die jonge jongens train, moet ik hun snelheid bijhouden en daardoor moet ik ook een goede basis uitvoeren om tot die snelheid te komen. Met een hoge snelheid en een goede basis kan ik goede tijden rijden.” Jan is Nederlands kampioen op het onderdeel de kleine vierkamp. “Dat zijn de afstanden 500, 1500, 3000 en 5000 meter. “De afstanden 1500 en 3000 zijn mijn favoriet”, aldus Jan.

Nu op naar het WK?
“Jazeker, eind februari reis ik af naar de Erfurt om daar de Wereld Kampioenschappen te rijden. Uiteraard ga ik voor de eerste plaats, die ontbreekt namelijk nog aan mijn lijstje. Vorig jaar ging deze titel net aan mijn neus voorbij en werd ik in het Canadese Calgary tweede. De beker ging naar een Canadees die in zijn jonge jaren had meegedaan aan de Olympische Spelen. Dat zegt wel veel over het niveau waar wij op schaatsen. Wij moeten het opnemen tegen oudkampioenen. De wedstrijden die wij rijden zijn nu nog officieus maar dat gaat  binnenkort veranderen. Dan wordt het serieus opgenomen door de KNSB en dat betekent dat wij niet alleen voor de kosten hoeven op te draaien.”

Je dochter is ook besmet met schaatsvirus, vertel?
“Mijn 14-jarige dochter Rowan, doet het ook heel goed op het ijs. Ze schaatst nu bij de junioren C en behoort tot de top 20 van Nederland van de junioren C. Dus Rowan kunnen we binnenkort op tv zien? “Om daar te komen, zal ze nog een lange weg moeten afleggen. Als ze er maar plezier in heeft, dat is belangrijker”, aldus Jan. 

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.