Doelman Edwin Zoetebier en zanger Jan Smit: afscheid en terugkeer
Doelman Edwin Zoetebier en zanger Jan Smit: afscheid en terugkeer
Het voetbal bracht hen zo’n veertien jaar geleden voor het eerst samen. De één stond te boek als een beloftevolle keeper bij FC Volendam; de ander dartelde nog rond op De Blokwhere en in het koor van Meester Beumer was hij gewoon één van hen, De Zangertjes. Mei 2008 kan worden aangemerkt als een markante maand voor Edwin Zoetebier (38) en Jan Smit (22). De één houdt er mee op en verdwijnt van het toneel, de ander maakt zijn rentree op het podium. Nivo-verslaggever Eddy Veerman bracht hen weer bij elkaar. Twee woelige carrières, twee dorpsgenoten over lange vingers, spuiten, de bank, scheldkanonnades, een roze trui en een teken van boven.
Plaats van handeling is het terras van paviljoen Smit-Bokkum, waar foto’s van veertien jaar geleden op tafel komen. Op één foto loopt Jantje Smit tussen de net gehuwde keeper en zijn kersverse vrouw in; de andere foto is van anderhalf jaar eerder. Zoetebier geknield naast de kleine Smit, die dan als achtjarige nog totaal onbekend is. Op de achterkant prijkt een krabbel van Jacqueline, de vrouw van Edwin Zoetebier. Edwin met Jan Mop, valt te lezen. ,,Kijk, voor ons was het toen al Jan en geen Jantje”, merkt Zoete meteen op. ,,Ik heb hem in mijn tijd als speler van Volendam, Feyenoord en PSV vaak moeten verdedigen. Soms hoorde ik spelers zeggen wie Jantje wel dacht dat hij was. En dat hij een mooi leven had. Heeft-ie ook, maar die soap op tv heeft veel ogen doen openen van de mensen in Nederland. Wie Jan werkelijk is en hoe zijn daginvulling eruit ziet. En als jongetje van acht durfde hij al alles te zeggen, hij was niet verlegen.”
Zo. Die zit. ,,Tja”, neemt Jan over. ,,Ik zat in de klas bij meester Dick de Boer, de schoonvader van Edwin. Dick maakte best onderscheid in de klas, helemaal als je gek van voetbal was, dan zat je goed. Ik mocht wel eens bij hem thuis komen eten als Edwin daar ook was. In 1995 mocht ik met Jacqueline mee naar de bekerfinale Feyenoord-FC Volendam in De Kuip. Raakte Edwin tijdens die wedstrijd geblesseerd. Jacqueline zat naast me te huilen.”
Edwin: ,,Nee, nee, volgens Jacqueline liet jij een traantje toen ik uitviel…” Jan: ,,Nee, het was echt Jacqueline. Logisch toch, als vrouw zijnde.” Jan: ,,Uiteindelijk misten we bij de 2-1 van Feyenoord de lange vingers van Edwin. Op de terugweg mocht ik met de spelersbus mee. En volgens mij was het niet gebruikelijk dat jongetjes daar in mee mochten, dus ik had geluk. Later kwam ik via Edwin nog eens bij een uitwedstrijd van FC Volendam bij PSV. Mocht ik met de FC-spelers op de foto, maar ook met Ronaldo. Historisch moment. Haalde mijn moeder daarna het fototoestel open… Met Edwin kon ik nog wel duizend keer op de foto, met Ronaldo nooit meer…”
,,En ik kan je vertellen dat het een leuk seizoen gaat worden, want het is net rond gekomen dat ik volgend seizoen keeperstrainer ben van de FC”
De wedstrijd wordt komend seizoen in ere hersteld, gezien het kampioenschap van Volendam. Jan vierde dat laatste uitbundig, als supporter. Edwin: ,,En ik kan je vertellen dat het een leuk seizoen gaat worden, want het is net rond gekomen dat ik volgend seizoen keeperstrainer ben van de FC. Gaat de clubposter er ook weer een beetje fatsoenlijk uitzien…”
Jan: ,,Nou, dan kan-ie tenminste weer boven m’n bed hangen…” Jan heeft eveneens heuglijk nieuws: ,,Ik ben weer serieus aan het werk. Zaterdag stond ik tegen het nachtelijk uur in Zelhem en vanavond wordt het ook weer laat ergens in Nederland. Ik heb net wat liedjes ingezongen voor de nieuwe cd en het gaat heel goed. Voordat ik op het Museumplein bij Radio 538 aftrapte voor mijn comeback, had ik een try-out in het Jozefgebouw. Ik had die dag al veel gerepeteerd en mijn stem hield het goed en de volgende morgen bleek ik, net als na de daaropvolgende optredens, steeds goed hersteld. Top.”
Edwin: ,,Maar hoeveel zing je dan in, nog voor dat je optreden moet?” Jan: ,,Eén liedje neemt zo’n twee uur in beslag. Ik ga geen hele dagen meer staan inzingen, terwijl ik ’s avonds moet optreden. Dat is wel de les die ik heb geleerd uit het verleden. En ik merk sinds ik ben begonnen, dat hoe meer dagen ik zing, hoe meer solide mijn stem wordt.” Edwin: ,,Nu je weer bent begonnen, heb je dan niet meer dan toen last van de rokerige ruimtes?”
Jan: ,,Ik ben er aan gewend. Mijn manager Jaap Buys en ook zijn zoon Aloys roken al twaalf jaar in mijn buurt en als je op het podium staat, gaat de rook van de fans die onder je staan zo je neus in. Ik heb me maar aan te passen. Maar ik ben blij als het straks 1 juli is en dat voor een groot gedeelte voorbij is.” ,,Wat me trouwens altijd is bij gebleven, is dat verhaal van die roze keeperstrui toen je bij Feyenoord speelde. Daar was nogal wat heisa omheen?”
Edwin: ,,Edwin Evers van Radio 538 belde me er zelfs een paar keer over op. Onze kledingsponsor Kappa, een Italiaans merk, koos enkele kleuren uit voor de collectie, waaronder het roze, wat voor de Italianen gelijk staat aan de leiderstrui van de Giro d’Italia. De supporters van Feyenoord kregen er lucht van en ineens was er een rel geboren. Want ze waren bang dat Ajax en PSV ons zouden betitelen als mietjes vanwege die kleur. Kwamen er weer homo-organisaties in opstand. Het was allemaal buiten mijn schuld om. Uiteindelijk zijn we wel gezwicht en werd-ie niet meer gedragen. Zoiets ligt gevoelig. Dat zul jij toch ook wel eens hebben als je in meerdere stadions optreedt?”
Jan: ,,Ik ben Volendam-supporter en dus neutraal. Aan het eind van vorig seizoen stond ik geboekt om op te treden bij de landskampioen. Dat kon PSV, Ajax of AZ worden. Het werd Eindhoven, terwijl ik al eerder in de ArenA heb gestaan en tijdens een jubileum in De Kuip zou zingen, maar dat hele festijn is destijds afgeblazen. Ik geef geen uitgesproken mening en beken geen kleur.” ,,Hoewel ik verwacht had dat Feyenoord dit jaar kampioen zou worden. Maar Henk Timmer zag er een paar keer niet goed uit, ook niet bij het Nederlands Elftal. Is een concurrent van jou geweest…”
Edwin: ,,We dwalen af… Ik zal je zeggen dat Volendam-keeper Jeroen Verhoeven straks grote stappen gaat maken en ooit bij een grote eredivisieclub terechtkomt, let maar op.” Wat zijn stem voor Jan is, waren de handen (en voeten) voor Edwin. Het gereedschap voor een speciaal beroep. Edwin: ,,Of ik er extra voorzichtig mee was? Ja. Bijvoorbeeld als je dolt met je kinderen of op vakantie bent, bij zwembaden, dan pas je altijd op. We kregen gelegenheid om te skiën, maar ik ging nooit, mede vanwege het voetbal als beroep. Je doet wel eens gek, maar dan op een gecontroleerde manier.”
Voor Jan is zijn stem zijn leven, zo is gebleken in het voorbije half jaar. Jan: ,,Of juist niet. Ik dacht voorheen dat mijn leven alleen om het zingen draaide. Maar inmiddels waardeer ik de zaken daarbuiten veel meer. Ik heb het optreden niet gemist. Voorheen stelde ik alles in het werk om carrière te maken. Nu draaf ik niet meer door. Ga ik niet meer eerst twee dagen naar Duitsland, dan naar Sjanghai en vervolgens als ik terugben in Nederland meteen weer naar en optreden.”
,,Ik was te ver gegaan. Op een gegeven moment moest ik spuiten halen bij dokter Iflé. Een paardenmiddel. Daardoor had ik mijn beste optredens, maar de volgende dag was ik telkens compleet kapot. Alles ging steeds goed, zelfs een jaar geleden nog. Totdat je stem wegvalt. Dan ben je ineens brodeloos…” Edwin: ,,Maar jij hebt je zo ontwikkeld, dat je altijd op een andere manier aan de slag kan?”
Jan: ,,Maar in dat opzicht is muziek wel je leven geworden. En de dokter wist niet zeker of na de operatie alles helemaal goed zou komen. Vóór en na de operatie heb ik dagen gehuild. Van de schrik. En ik huilde nooit…” Edwin: ,,Weet je, zoiets overkomt je. Bij mij gebeurde er ook iets. Voor aanvang van dit seizoen had ik al besloten dat het mijn laatste jaar zou worden als keeper. Maar als j
e fit bent en er komt een club, dan ben je toch geneigd er een jaartje aan vast te plakken. Prompt raakte ik geblesseerd aan mijn schouder. Het bracht me tot bezinning.”
Jan: ,,Bij mij kwam er misschien ook een teken van boven. Zo van: die jongen moet even tot bezinning komen”
Jan: ,,Bij mij kwam er misschien ook een teken van boven. Zo van: die jongen moet even tot bezinning komen. Maar Ed, jij hebt toch noodgedwongen afscheid moeten nemen, vanwege de blessure?” Edwin: ,,Nee. Het is een keuze, want ik word nu weer fit en zou volgend seizoen misschien weer onder de lat kunnen. Maar die blessure vergemakkelijkte mijn keuze. En dat ik op deze manier afscheid moet nemen van het betaalde voetbal, daar heb ik totaal geen problemen mee. Ik was al maanden geen onderdeel van de selectie meer, omdat ik in Utrecht aan mijn herstel werkte. Maar ik volgde de club bij al zijn uit- en thuiswedstrijden. Dat zit in de aard van het beestje.”
De net 38-jarige Volendammer startte dit seizoen nog bij NAC Breda tussen de palen, maar na een lichte blessure ging de voorkeur van trainer Ernie Brandts, ondanks dat Zoetebier vorig seizoen goed draaide, uit naar Jelle ten Rouwelaar. ,,De hele selectie stond achter mij en dat is iets wat je in de voetballerij nooit meemaakt. Ik noem het een memorabel moment, net als dat ik na geruime tijd van blessureleed terugkeerde bij Feyenoord, maar niet in de basis mocht starten. Ook dat is ongebruikelijk in de voetballerij. Dat doet best wat met je en iedereen weet dat ik een streber ben, maar vanwege je leeftijd ga je dingen naderhand relativeren. Bij NAC had ik af willen sluiten met twee seizoenen keepen, het is er één geworden. Die blessure droeg daar aan bij en ik moet stellen dat ik geluk heb gehad dat zoiets me niet in het begin van mijn carrière gebeurd is. Nu staat me bij de FC een mooie uitdaging te wachten.”
Jan: ,,Vind je het niet gek dat je straks op de tribune moet toekijken”
Jan: ,,Vind je het niet gek dat je straks op de tribune moet toekijken, terwijl je doordeweeks dezelfde inspanning levert? Als de spelers het veld opgaan, moet jij naar boven.” Edwin: ,,Maar dat gevoel heb ik als het ware al driekwart jaar.” Jan: ,,Maar als je op de tribune of de bank zit, kun je nog in het veld komen. Nu kom je er nooit meer op?” Edwin: ,,Nu krijg ik andere dingen, wil ik stappen maken als trainer. In mijn hoofd ben ik nog dat scherpe jongetje van achttien.” Jan: ,,Maar in de laatste jaren had je niet meer die felle scheldkanonnades op je medespelers?” Edwin: ,,Al een tijdje niet meer.” Jan: ,,Ben je daar wel eens op geattendeerd?”
Edwin: ,,Veel mensen zeiden het tegen me. Maar het ging er niet in. Tegen jou zullen ze ook vaak genoeg gezegd hebben dat je een das moest omdoen om je stem te beschermen. Je bent jong. Ik kreeg een etiket opgeplakt, terwijl wanneer ervaren keepers hetzelfde deden, dat niet negatief werd uitgelegd. Die keepers gingen misschien ook nog wat vriendelijker met de pers om. Ik had er moeite mee, dat als we trainden op situaties, vervolgens in de wedstrijd de afspraak niet na werd gekomen. Dan kon ik ontploffen. Maar sinds mijn 25e ben ik rustiger geworden. Alleen bleef het beeld bij de buitenwacht bestaan, dat liet men niet los.”
Jan: ,,Wel goed voor je stembanden… Hoe ging je daarna om met je agressie?” Edwin: ,,Ik heb best wat confrontaties gehad met spelers in de loop der jaren. Het mooie was dat die spelers, zoals hier bij Volendam, naderhand andere keepers achter zich kregen. Als ik dan bijvoorbeeld eens over was uit Engeland en hier mee trainde, dan werd gevraagd of ik even op doel wilde. Dan wist ik genoeg. Dat waren verkapte achteraf-complimentjes.” ,,Ik kon op die momenten fel zijn in het veld, maar ik heb wel geleerd mensen te allen tijde in hun waarde te laten.” Jan: ,,In het voetbal is er nog wel eens wat aan de hand bij clubs. Laatst las ik iets over pesterijen bij Feyenoord, is dat aan de orde van de dag?”
Edwin: ,,Je hebt altijd kliekjes. Die is een vriendje van die en die een vriendje van die. En die zullen elkaar altijd dekken. Het voetbalwereldje is klein, is er vooral een van ikke, ikke, ikke en de rest kan stikken. Dat kun je niet veranderen. Ik ben zelf een teamspeler. Geef veel van mezelf aan anderen. Zolang iemand daar geen misbruik van maakt. Dat gebeurt wel eens. Over het algemeen ben ik gedurende mijn carrière te weinig voor mezelf op gekomen. Te weinig de confrontatie aangegaan. Ik dacht het telkens met mijn keeperkunsten te kunnen beïnvloeden. Als je het op het veld laat zien… Maar dat pakt niet altijd zo uit, zo als je denkt. Maar ik ben nou eenmaal geen type die daar wat meer vriendjes maakt en zich daar wat anders voor gaat doen. Misschien had mijn carrière er dan iets anders uit gezien, maar je bent zoals je bent.”
,,Als keeper was ik gewend scherp te observeren en meteen te reageren. Als mens observeer ik ook veel. Ook omdat je BN-er bent. Dan kan iemand anders altijd en overal zomaar iets vervelends voor je veroorzaken. Dat moet jij nog erger hebben?”
Jan: ,,Ligt ook een beetje aan je imago. Met mij zullen ze niet zomaar iets aan de hand halen. Ik probeer me ook gewoon tussen de anderen te begeven”
Jan: ,,Ligt ook een beetje aan je imago. Met mij zullen ze niet zomaar iets aan de hand halen. Ik probeer me ook gewoon tussen de anderen te begeven, bijvoorbeeld in het uitgaansleven. Ik voelde bar De Vrijheid als een beschermde omgeving. Daar zaten mijn vrienden en daar kon en kan ik rustig zitten.”
,,Verschil is wel dat mijn optredens zich niet op het voetbalveld afspeelden, maar in gezellige gelegenheden. Dan blijf je wel eens hangen of dan wil je daarna graag zelf even naar de bar. Daar werd dan wel eens wat over gezegd. Ik was gewoon op ontdekkingsreis, enkele jaren geleden. Zoals elke jongen van die leeftijd dat heeft. Of ik roofbouw pleegde? Na een lange dag en een nachtelijk optreden ging ik niet naar bed voor wat extra rust, maar reed ik snel naar huis om nog even de bar in te gaan. Als ik een kwartiertje vrij was, zat ik daar. Dan dronk ik ook best veel, en ik rookte. Het was een soort van prestatiedrang. Ik was echt beroemd geworden en dan wil je ook kijken wat je kunt maken. Je maakt er in sommige situaties gebruik van.”
,,Of ik spijt heb van sommige dingen? Nee, ik ben blij dat ik het zo gedaan heb. Ik hoef niets meer te ontdekken. Op dat vlak zou de relatie tussen mij en Yolanthe ook niet meer kunnen barsten. Soms was het een toevlucht, stapte ik inderdaad even uit het leven waarin ik zo werd geleefd. De druk, de stress, ik kan me best voorstellen dat grote artiesten doorslaan, ontsporen en aan en drank en drugs bezwijken. Als ik tijdens deze zomerse dagen op de dijk wil lopen, dan duurt dat uren. Altijd iemand die naar je kijkt en op je let.”
Ook tijdens dit gesprek vragen toeristen meerdere malen of ze een handtekening mogen of even op de foto kunnen. Jan blijft er tijd voor uittrekken. ,,De weelde heeft best een keerzijde, maar ik heb geleerd me er bij neer te leggen. Je hebt geen keuze.” Edwin: ,,Ik zou het niet kunnen. Er wordt voor jou bijna altijd bepaald wat je wel en niet mag of kan.”
Het is de tol die Smit moet betalen voor zijn roem. Edwin: ,,En dan kijken mensen nog eens graag naar de buitenkant, naar hoeveel geld je verdient. Daarvoor moet je wel veel inleveren. Toegegeven, voetbal blijft voor mij het mooiste spelletje op de kermis. Ik ben mijn toenmalige werkgever Cas Sombroek nog altijd dankbaar dat ze me als elektricien tijd gunden om te trainen bij de FC en me mijn droom lieten verwezenlijken. Maar zoals jij nu meer aan je sociale leven hebt kunnen doen, is het voor mij belangrijk dat ik meer tijd aan de kinderen kan besteden.”
Jan: ,,Dat ik sinds vorig jaar bij Yolanthe in Hilversum ben gaan wonen, is vooral heel belangrijk geweest voor me. Anders was ik nooit zo tot rust kunnen komen zoals nu het geval was. Ik ben veel bewuster geworden; vooral van wie i
k wil zijn. Laatst had ik nog een gesprek van rond de vier uur met Marco Borsato. Ook over allerlei dingen die aan ons beroep kleven. Vroeger had je ook fans, die artiesten volgden. Maar het is nu massaler en nog meer hype-achtig dan toen.”
Elke voorbijganger heeft wel een cameraatje op zak, of een mobiele telefoon die fotografeert, blijkt in dezelfde minuut. Diverse ouders vragen of Jan even wil smilen naast hun telg. ,,Je bent meer idool geworden. Zelfs de Volendammers zijn daarin veranderd en hebben hun nuchterheid losgelaten.” Komt ook, zegt Jan, omdat hij gangbare muziek maakt. Hij grijpt zijn mobieltje om aan tafel even zijn nieuwe single ‘Stilte in de storm’, die op 11 juli uit gaat komen, te laten horen. De wenkbrauwen van zijn dorpsgenoot fronzen. Edwin: ,,Wacht nou even, met al die mensen van buitenaf om je heen.” Jan knikt bevestigend: ,,Ik heb dat enthousiasme nou eenmaal.”
Edwin: ,,Had ik ook, maar die spontaniteit is in de loop der jaren wat ingekapseld geraakt.” Hij wil zó graag laten horen dat hij weer terug is. En goed ook, want het stemgeluid van nu klinkt lichter en fraaier dan het geblesseerde keeltje van vóór de operatie. Iets wat op bepaalde cd’s en tv-opnames van toen duidelijk terug valt te horen. ,,Ik weet het. Ik kon niet beter. Vals was het nooit, ik haalde de noten, maar de klank was niet meer mooi.”
Hij wil zó graag laten horen dat hij weer terug is. En goed ook, want het stemgeluid van nu klinkt lichter en fraaier dan het geblesseerde keeltje van vóór de operatie.
,,Waarom niemand om me heen ingreep? Omdat niemand uit mijn omgeving het hoorde. Met name het laatste half jaar voordat ik moest stoppen, was ik behoorlijk depressief vanwege mijn stem. Na een optreden moest ik meteen aan een bepaalde kruidenthee en pepermunt om op de terugweg nog te kunnen praten met mijn oom Cor, de chauffeur. De volgende ochtend kon ik dan nauwelijks praten.”
Het tegenstrijdige is dat zijn populariteit steeg en zijn stem aan kracht inboette met de intrede van de tv-soap ‘Gewoon Jan Smit’. ,,Toen begon de invasie, in twee opzichten. 300 optredens in een jaar, overal naar toe en tegelijkertijd het inzingen van nieuwe nummers was teveel van het goede. Maar nu, nu klink ik heel anders. Ik zette laatst één van de vorige cd’s op en vervolgens luisterde ik een van de nieuwe nummers af. En dacht: dit is echt iemand anders wat zingt.”