Naar de inhoud

De kritische achterban van FC Volendam: "De trainer kan maar beter rechts afslaan"

Bron: De Pers

De kritische achterban van FC Volendam: "De trainer kan maar beter rechts afslaan"
FC Volendam is zich aan het voorbereiden op een seizoen in de Eredivisie. Voor een trainer van buiten is het niet altijd eenvoudig om er te werken. ‘Stel dat een speler zich thuis beklaagt.’

Bij zijn weten is Henk Wisman met krap vier dienstjaren nog altijd de langstzittende trainer ooit van FC Volendam. Dat heeft hij zich althans laten influisteren door perschef Cor Tol. Waarmee Wisman, van 2000 tot 2004 Volendam-trainer en tegenwoordig werkloos, maar wil zeggen: als trainer van buiten is de Volendamse trainersstoel doorgaans een hete plek om te zitten.

Dat heeft zo zijn redenen, schetst Stanley Menzo, de trainer die vorig jaar kampioen werd met Volendam in de eerste divisie, maar zelf opstapte. Een oefenmeester van buiten moet zich realiseren dat ‘Het Andere Oranje’ huist in een heel aparte gemeenschap, waar iedereen elkaar kent.

‘Als je trainer heb je daar soms last van, omdat iedereen alles van elkaar weet’, stelt Menzo, momenteel eveneens werkloos. ‘Ouders van spelers kennen elkaar allemaal. Wat in kleine kring besproken wordt, ligt zo op straat. Stel dat een speler zich thuis beklaagt. Eerst horen de ouders dat, dan de buurman, daarna de slager. Zo gaat het nou eenmaal in Volendam.’

Menzo vond de omgang met die randzaken niet altijd even eenvoudig. ‘Er werd bijvoorbeeld gezegd van mijn spelers dat ze geen conditie hadden. Een aantal supporters riep dat, vervolgens kwam het in een plaatselijk weekblaadje (Nivo, red.). Zoiets werd verteld door mensen die alleen de eerste tien minuten van de training naar het rondootje keken, om daarna te gaan kaarten. Maar in de tussentijd hadden ze wel hun oordeel al geveld. Dat was wel eens vervelend, ja.’

Volgens Tol moet een trainer van Volendam niet alleen disciplinair onderlegd zijn, maar zich ook thuis voelen in die typische dorpse sfeer. ‘Hier woont een groep mensen die gewend is resultaten te halen. En daarbij zijn ze ook nog erg eigengereid. Ze houden daarnaast ook van een geintje en een borreltje op z’n tijd.’

Kritiek hoort nu eenmaal bij de dorpscultuur, verklaart Tol. ‘Wij Volendammers kunnen dat van elkaar hebben, liggen niet met elkaar te rollebollen op straat. Er ontstaan geen relletjes om.’

Een kritische achterban tref je als oefenmeester bij elke club wel aan, vergoeilijkt Frans Adelaar, de nieuwe trainer, die met de selectie in Vaals op trainingskamp is als voorbereiding op het nieuwe seizoen. Bij zijn vorige werkgevers FC Utrecht, ADO Den Haag en De Graafschap – allen clubs met een mondige schare fans – was de situatie niet veel anders. ‘De beste stuurlui staan óveral aan wal. En ik heb ook nog even kort in Griekenland (bij Akratitos, red.) gewerkt’, zegt Adelaar. ‘Ik kan je zeggen, vergeleken met Griekenland is elke Nederlandse club een makkie.’

Wisman kent de druk van buitenaf bij FC Volendam. ‘Weet je wat het is’, zei voorzitter Henk Kras altijd gekscherend tegen de Amsterdammer. ‘Jij als trainer slaat bij het stadion rechtsaf, de rotonde op en naar huis. Ik sla linksaf het dorp in en moet daar alle kritiek nogmaals aanhoren.’

Wisman heeft naar eigen zeggen tot zijn ontslag bij de dorpsclub altijd in alle rust kunnen werken. Lachend: ‘Misschien was het maar goed ook dat ik in die tijd níet in Volendam woonde.’

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.