Naar de inhoud

Kermis overlast

Bron: Politie

Kermis overlast
(Volendam, 09-09-2008)
De politie heeft maandag tijdens de kermisdienst verdachten van mishandeling, vernieling en gebruikers van cocaïne aangehouden. In de middag werden twee personen betrapt tijdens het snuiven van het verdovende middel. Een vrouw werd onwel op de Zeestraat en moest met de ambulance naar het ziekenhuis worden gebracht. Oorzaak was vermoedelijk drank, al dan niet in combinatie, met verdovende middelen.

Een jonge vrouw trommelde na een handgemeen bij een snackbar haar ouders op om wraak te nemen op 'de dader'. De ouders met hun dochter werden vechtend met jongens aangetroffen. Het drietal werd ingesloten. De jongens deden aangifte van mishandeling. De verdachten zullen na ontnuchtering worden gehoord.

Kort na half tien in de avond werden vier mannen uit Edam en Volendam aangehouden wegens vernieling van een kermisattractie. De boksbalmachine werd eerst hard aangepakt en vervolgens omgegooid. Een van de verdachten had bij insluiting een wikkel met vermoedelijk cocaïne bij zich. Het middel werd in beslag genomen.

22 reacties

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.

  • Jammer dat u niet ingaat op het feit dat de straat van u gemeten 3,98 met daarin geparkeerde auto’s sowieso te smal is voor hulpdiensten. Dat was gister toch u argument?
    Hier gaat het toch allemaal over? Of gaat u nu inene zorgen dat die auto’s daar niet meer mogen parkeren. Die staan daar gewoon bij bewoners van de BBstraat voor de deur met de daarbij behorende parkeer vergunning.
    De weg is tijdens evenementen afgesloten voor rijdend verkeer maar als je er voor de afsluiting staat dan sta je.
    Ook al gezegd; en àls de brandweer er wel in zou kunnen rijden ze kunnen de draai naar de Prinsenstraat niet maken.(andersom ook niet) Gaat u nu zorgen dat ook daar het terras weggaat of de geparkeerde auto’s,en misschien is de draai dan nog wel te klein, misschien moet er wel een huis aan de overkant van het café gesloopt worden om de draai toch mogelijk te maken?
    Het gaat om een stukje terras van 12m2 vanaf de hoek Prinsenstraat 4 bij 3 vooraan in de straat, dit terras staat op de Drank&Horecavergunning onder de noemer terras 5, betekent dat er wel drank verstrekt mag worden maar er mag nu ineens geen terras/tappunt/overkapping meer staan.
    De plattelandsvrouwen die daar jaarlijks tijdens de kaasmarkt ’n koppie met ’n taartje komen gebruiken vonden het toch wel ’n probleem om dat staand te doen.

    Bond:Het kan best dat het gemeentebestuur eerder minder strak in de leer was als het om het handhaven van de eigen regels ging.
    Ann: Het kan best? > zou u moeten weten.Mooi excuus. Minder strak?> gemeente heeft gebruik van dit terras gestimuleerd! Eerder?? >tot en met 2006 dus.

    Bond: We hebben dat eerder gezien, en toen ging het ook om een horecaonderneming. Toen werd er door de politie, brandweer en de bevolking ook vooraf gewezen op een gevaarlijke situatie. Toen was er ook oppositie vanuit de ondernemer, geholpen door slimme advocaten, en anderen tegen een correcte toepassing van de regels. Lang leve de gezelligheid stond voor de meesten voorop, en de horeca voer er wel bij. Het gevolg was 14 overleden kinderen en vele tientallen zwaar gewonden.
    Ann: WILT U DE SITUATIE VAN 12 TAFELTJES BUITEN OP DE STRAAT NIET VERGELIJKEN MET EEN VERGUNNING VAN ’n CAFÉ OP DE BOVENVERDIEPING VAN ’n ANDER CAFÉ MET HEKWERKEN VOOR DE RAMEN. NIET DOEN!

  • O,ja even voor Vraagteken,

    zzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzzz

  • Beste Anneke,

    Ik kan me heel goed inleven. Jij bet een horecaondernemer en je komt op voor jezelf. Je omzet is belangrijk voor je, zo schreef je hier eerder. Dat snap ik best, maar het gemeentebestuur moet met meer zaken rekening houden dan de omzet van een bepaalde ondernemer.

    Het kan best dat het gemeentebestuur eerder minder strak in de leer was als het om het handhaven van de eigen regels ging. We hebben dat eerder gezien, en toen ging het ook om een horecaonderneming. Toen werd er door de politie, brandweer en de bevolking ook vooraf gewezen op een gevaarlijke situatie. Toen was er ook oppositie vanuit de ondernemer, geholpen door slimme advocaten, en anderen tegen een correcte toepassing van de regels. Lang leve de gezelligheid stond voor de meesten voorop, en de horeca voer er wel bij. Het gevolg was 14 overleden kinderen en vele tientallen zwaar gewonden.

    Gezelligheid is prima, iedereen mag uit zijn dak gaan, zolang het gemeentebestuur en de hulpdiensten maar verstandig blijven.

  • Lekkere Jaap,jij denkt het allemaal zo goed te weten,maar ik liep van de week met een kinderwagen langs de winkels ter hoogte van Ap van Pooy tot Nieuw Leven,maar helaas moest ik voor gevaar van eigen leven het fietspad nemen,omdat ik er met de kinderwagen niet langs kon vanwege al de reclame borden die daar op de stoep staan.Is dit wel normaal?

  • Angel heeft hier echt helemaal gelijk.
    Een boekwerk regeltjes er tegen aan gooien als reactie, Is kort door de bocht, en vertoont weinig inlevingsvermogen van de heer Bond.'t Is nooit te laat om ervan te leren.
    Anneke,ik vind t knap dat je zo netjes blijft...sterkte!

  • Misschien is het goed als Anneke van de prinsenbar zich ook even inleest. De gemeente heeft een horecabeleid, op papier en officieel vastgesteld, en het is erg handig als horecaondernemers ook eens de tijd nemen om dat te lezen. Hieronder het stukje over terassen. Het is niet zo moelijk om te zien dat een terras in de Batummburgerstraat op grond van dit beleid helemaal niet mag.

    HOOFDSTUK 7 TERRASSENBELEID
    Inleiding
    De Gemeente Edam-Volendam beschikt over fraaie oude centra en prachtige natuurgebieden met
    volop recreatiemogelijkheden. Het toeristische karakter van de Gemeente Edam-Volendam brengt met
    zich mee, dat er in de centra naast de winkels ook een concentratie van horecagelegenheden is. Dit
    heeft tot gevolg, dat er zich vooral in het zomerseizoen op en achter de Dijk terrassen, uitstallingen,
    reclameborden, zonneschermen en dergelijke op of boven de openbare weg bevinden. Op zich hoeft
    dit niet bezwaarlijk te zijn, zolang de bruikbaarheid van de openbare weg niet in het geding komt, het
    straatbeeld de kwaliteit bezit die de gemeente nastreeft en gebruikers van in de nabijheid gelegen
    onroerende zaken er geen onaanvaardbare hinder van ondervinden.
    Aanleiding opstellen beleid
    In de praktijk kan het gebruik van het voor hen bestemde gedeelte van de openbare weg door
    voetgangers, rolstoelgebruikers en mensen met kinderwagens in het nauw komen. Vaak dienen zij uit
    te wijken naar de rijbaan, hetgeen gevaarlijke situaties kan opleveren. De verkeersveiligheid en
    bruikbaarheid van de openbare weg moeten derhalve gewaarborgd worden. Ten gevolge van de
    uitstalling van diverse objecten ontstaat er een wat onoverzichtelijk straatbeeld. Aangezien de
    gemeente de kwaliteit van de ruimte hoog in het vaandel heeft staan, vormt het versterken c.q.
    handhaven van de kwaliteit van het openbaar gebied, tevens reden tot het opstellen van beleid.
    Daarnaast komt het voor dat met name bewoners van het centrum hinder ondervinden van diverse
    objecten in de nabijheid van hun woning; ter voorkoming of beperking daarvan is regelgeving van
    belang. Tenslotte is het als eigenaar van de openbare ruimte belangrijk het gebruik van de openbare
    ruimte te regelen al dan niet tegen betaling van een vergoeding.
    Met het opstellen van dit beleid willen wij voor de toekomst vastleggen onder welke omstandigheden
    en onder welke voorwaarden de openbare weg voor andere dan verkeersdoeleinden kan worden
    gebruikt. Hierbij is het niet de bedoeling om andere dan verkeersactiviteiten op de openbare weg te
    verbieden; dat zou namelijk de levendigheid van het straatbeeld teveel aantasten en tekort doen aan
    een bredere functie die met name het Dijkgebied heeft. Wij willen echter komen tot een zekere
    ordening van andere dan verkeersactiviteiten op de weg, zodat de weg aan zijn oorspronkelijke
    bestemming kan blijven beantwoorden en de openbare ruimte de kwaliteit bezit die de gemeente
    nastreeft.
    Instrumenten
    Met het opstellen van beleid staan een aantal instrumenten tot de beschikking. Genoemd worden de
    APV, het bestemmingsplan en nadere regelgeving waaronder bijvoorbeeld de Drank- en Horecawet,
    die alle publiekrechtelijk van aard zijn. Daarnaast brengt de eigendom van onroerende zaken met zich
    mee dat ook privaatrechtelijke bevoegdheden ingezet kunnen worden. Bij het realiseren van het beleid
    zullen die instrumenten hetzij apart, hetzij in combinatie worden gebruikt.
    Beleid
    Bij het formuleren van het beleid moet worden uitgegaan van duidelijke regels, zodat iedereen weet
    wat er van hem of haar verwacht wordt. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen algemene
    beleidslijnen en specifieke beleidslijnen, omdat er bijvoorbeeld voor het plaatsen van een terras op de
    openbare weg andere uitgangspunten kunnen zijn dan voor reclameborden. Het beleid beperkt zich
    tot een regeling voor terrassen.
    Handhaving
    Op de naleving van de regels zal consequent moeten worden toegezien, wil de doelstelling van het
    beleid gehaald worden. Hierin ligt een gezamenlijke taak voor de gemeente en politie.

    Gebruik gemeentegrond
    Het gebruik van openbare ruimte zal geregeld moeten worden, waarbij een keuze gemaakt kan
    worden tussen de publiekrechtelijke weg en de privaatrechtelijke weg. Aangezien de Gemeente
    Edam-Volendam reeds beschikt over een precarioverordening, zal doorgaans voor de
    publiekrechtelijke weg worden gekozen.
    Algemene beleidsregels
    De bepalingen inzake voorwerpen of stoffen op, aan of boven de openbare weg uit de APV zijn vrij
    ruim geformuleerd teneinde een basis te hebben voor het gemeentelijk toezicht op het gebruik van de
    openbare weg. Uit de tekst valt niet altijd direct af te lezen of bepaalde activiteiten op de openbare
    weg al dan niet zijn toegestaan. Evenmin is het duidelijk welke regels in acht dienen te worden
    genomen. Ze dienen dan ook meer als een juridisch kader om ongewenst gebruik tegen te gaan.
    Tot op heden is bij de verlening van vergunningen voor het hebben van voorwerpen of stoffen op, aan
    of boven de openbare weg – voor zover deze vergunningen werden aangevraagd – het “beleid”
    gevoerd, dat er op het voor voetgangers bestemde gedeelte van de openbare weg te allen tijde een
    doorgang gewaarborgd dient te blijven. Aan een consequente handhaving van dit beleid en aan een
    constante controle op het al dan niet aanwezig zijn van benodigde vergunningen heeft het in de
    praktijk ontbroken met als gevolg een wildgroei van obstakels op de openbare weg.
    Om meer expliciet aan te geven welke regels in acht dienen te worden genomen ten aanzien van het
    gebruik van de openbare weg, dienen de bepalingen dus verder geconcretiseerd te worden.
    Uit artikel 2.1.5.1. van de APV is gebleken dat er een drietal weigeringsgronden zijn:
    1. de verkeersveiligheid en bruikbaarheid van de openbare weg;
    2. het niet voldoen aan de redelijke eisen van welstand;
    3. de overlast of hinder die gebruikers van de in nabijheid gelegen onroerende zaken ervan kunnen
    ondervinden.
    Verkeersveiligheid en bruikbaarheid van de weg
    Het belangrijkste criterium voor de toelaatbaarheid van het plaatsen van objecten op de openbare weg
    is, dat deze objecten zowel direct als indirect geen gevaar, hinder of overlast voor de gebruikers
    mogen veroorzaken.
    Direct gevaar, hinder of overlast voor gebruikers van de openbare weg
    Het spreekt voor zich dat het vanuit oogpunt van verkeersveiligheid nooit de bedoeling kan zijn dat
    obstakels geplaatst worden op de voor de rijbaan bestemde gedeelten van de openbare weg.
    Daarnaast dient boven dit gedeelte minimaal 4,50 meter vrije ruimte te bestaan, gebaseerd op de
    normen voor de maximale hoogte van vrachtverkeer, die 4,20 meter bedragen.
    Voor wat betreft het waarborgen van voldoende vrije ruimte op de voor voetgangers bestemde
    gedeelten van de openbare weg, zodat uitwijken naar de rijbaan en daarmee verkeersonveiligheid
    voorkomen kan worden, heeft de gemeente volledige beleidsvrijheid. Uit de richtlijnen van het
    Ministerie van Verkeer en Waterstaat en uit jurisprudentie zijn echter normen te destilleren die als
    richtsnoer gelden. Daarnaast beveelt het “handboek verkeersvoorzieningen voor mensen met een
    handicap” als profiel van vrije ruimte aan:
    - voor mensen die met een wandelstok lopen: 0,90 meter;
    - voor een blinde of slechtziende met een tasstok: 1,20 meter;
    - voor een rolstoelgebruiker: 1,50 meter.
    Boven dit gedeelte dient minimaal 2,20 meter vrije ruimte te bestaan teneinde te voorkomen dat men
    het hoofd stoot.
    Over het algemeen is het onderscheid tussen de verschillende bestemde gedeelten van de openbare
    weg fysiek zichtbaar door verschil in gebruikt bestratingmateriaal, hoogteverschil (trottoirs) dan wel
    door middel van aangebrachte belijning.
    Beleidsregel 1
    De voor de rijbaan bestemde gedeelten van de openbare weg dienen volledig obstakelvrij te zijn,
    terwijl de vrije doorrijhoogte minimaal 4,50 meter bedraagt. In de Gemeente Edam-Volendam geldt als
    richtlijn 0,90 meter als gehanteerde norm voor vrije ruimte op de voor voetgangers bestemde
    gedeelten van de openbare weg meter, terwijl hierboven 2,20 meter vrij moet blijven.
    Indirect gevaar, hinder of overlast voor gebruikers van de openbare weg
    Indirect gevaar, hinder of overlast kan ontstaan wanneer het object schade aan de weg veroorzaakt,
    waardoor de feitelijke bruikbaarheid van de weg in het geding komt. Doorgaans betreft dit zware
    objecten zoals containers en bouwmaterialen, of vervuilende objecten zoals autowrakken. Het mag
    duidelijk zijn dat deze laatste in geen geval geplaatst mogen worden en direct optreden vereisen. Voor
    wat betreft het plaatsen van zware materialen kan toestemming worden verleend, met inachtneming
    van de toegankelijkheidsnorm en mits er goede afspraken gemaakt worden ter voorkoming van
    schade dan wel het direct herstellen van de schade. Het verwijderen van klinkers of tegels voor het
    plaatsen van objecten is enkel mogelijk wanneer er geen goede alternatieven zijn en alleen onder
    toezicht van de gemeente.
    Beleidsregel 2
    Vervuilende objecten die schade aan de weg kunnen veroorzaken zijn nooit toegestaan, zware
    objecten dan wel objecten die geplaatst worden door middel van het verwijderen van klinkers of
    tegels, alleen onder nadere voorwaarden.
    De redelijke eisen van welstand
    Het plaatsen van een object kan vanwege zijn verschijningsvorm of juist de beoogde locatie niet
    voldoen aan de redelijke eisen van welstand en daarom ongewenst zijn. Hiervoor dient te worden
    teruggegrepen op het bepaalde in de welstandsnota, die volgens de Woningwet nodig is. Per soort
    object dienen daarin toetsingscriteria te worden geformuleerd.
    Beleidsregel 3
    Voor de verschillende soorten objecten kunnen “welstandscriteria” geformuleerd worden gelet op de
    verschijningsvorm en/of de beoogde locatie.
    Overlast voor gebruikers van in nabijheid gelegen onroerende zaken
    In zijn algemeenheid moet overlast c.q. hinder voor gebruikers van de in nabijheid gelegen
    onroerende zaken ten gevolge van de aanwezigheid van objecten op de openbare weg voorkomen
    dan wel beperkt worden. Met name bewoners kunnen – direct dan wel indirect – hinder van objecten
    ondervinden.
    Directe hinder ten gevolge van een object
    Directe hinder ontstaat natuurlijk wanneer de toegang of ontsluiting van de in de nabijheid gelegen
    onroerende zaken onmogelijk wordt gemaakt door de plaatsing van het object. Bij het verlenen van
    medewerking zal toegezien worden op de precieze locatie. Blijkt hinder of overlast onontkoombaar
    dan zal medewerking geweigerd worden.
    Beleidsregel 4
    De toegang of ontsluiting van belendende percelen mag niet belemmerd worden.
    Indirecte hinder ten gevolge van een object
    Van indirecte hinder is sprake wanneer ten gevolge van de aanwezigheid van het object hinder
    ontstaat. Gedacht kan worden aan licht- en geluidsoverlast. Bepalend is natuurlijk of hierbij de
    aanvaardbare grenzen overschreden worden. Hierbij zijn de normen van de hierop toeziende
    regelgeving van toepassing (bijvoorbeeld het Besluit horeca-, sport- en recreatie-inrichtingen
    milieubeheer).
    Beleidsregel 5
    Teneinde indirecte hinder of overlast van objecten te voorkomen, zijn de aanvaardbare normen van
    hierop toeziende regelgeving van toepassing.
    Zoals eerder gesteld voorziet het bestemmingsplan elke onroerende zaak van een bestemming
    waaruit de eventuele gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden af te leiden zijn. De openbare weg en/of
    ruimte heeft meestal de bestemming verkeers- en verblijfsdoeleinden. Dit betekent echter niet dat het
    plaatsen van objecten op, aan of boven de openbare weg automatisch strijdigheid tot gevolg heeft.
    Wanneer een en ander past binnen het kader van de APV, is er geen aanleiding voor optreden.
    Nadere regelgeving
    Het plaatsen van objecten aan, op of boven de openbare weg is veelal onderhevig aan nadere
    regelgeving. Per soort object dient dit in beeld te worden gebracht en meegenomen te worden in de
    behandeling van de aanvraag van de vergunning.
    Eigenaarbevoegdheden
    Hoewel de openbare weg veelal gemeente-eigendom betreft, wordt vanuit de visie dat het tevens
    publieke ruimte betreft meer toegestaan dan op basis van het privaatrecht behoeft. Zolang voldaan
    wordt aan de eisen uit de publiekrechtelijke regelingen hoeft dit ook geen problemen op te leveren.
    Desalniettemin is het zaak het gebruik goed te regelen. De Gemeente Edam-Volendam heeft een
    precarioverordening op basis waarvan gebruikers van gemeentegrond belasting betalen.
    Beleidsregel 6
    Voor het gebruik van gemeentegrond is precariobelasting verschuldigd.
    Beleidsregels voor het plaatsen van terrassen op de openbare weg
    Vanuit de algemene beleidsregels kunnen ten aanzien van het plaatsen van terrassen de volgende
    specifieke beleidsregels worden geformuleerd, waarbij uitgegaan wordt van normale omstandigheden.
    In bijzondere gevallen (bijvoorbeeld tijdens evenementen) kan worden afgeweken van deze
    beleidsregels. Onder verwijzing naar het gestelde onder “evenementen” zal hierop verder worden
    ingegaan.
    Betreffende het plaatsen van terrasmeubilair is ons voornemen om niet zonder meer medewerking te
    verlenen aan uitbreiding van het huidige aantal vierkante meters terras. Waar mogelijk zal eerder
    gekozen worden voor het terugdringen van het aantal terrassen c.q. de omvang daarvan. Hiervan is
    met name sprake in die situaties waarbij de laatste jaren zonder terrasvergunning enig terrasmeubilair
    geplaatst is, zonder dat daartegen is opgetreden, maar onder het nieuwe beleid niet toegestaan kan
    worden. Aan verzoeken tot het plaatsen van een terras op plekken waar nu nog geen terras aanwezig
    is, maar waar dit in het kader van het nieuwe beleid wel ingepast kan worden, zullen wij – onder
    voorwaarden – medewerking verlenen.
    Beleidsregel 7: Obstakelvrije zone op en boven de openbare weg
    Normale omstandigheden in acht genomen, kunnen terrassen niet geplaatst worden op de voor de
    rijbaan bestemde gedeelten van de openbare weg. Op de voor voetgangers bestemde gedeelten van
    de openbare weg zijn wel mogelijkheden, waarbij de gehanteerde norm voor een vrije ruimte van 0,90
    meter gehanteerd wordt. Op plaatsen waar het mogelijk is meer ruimte vrij te houden en dit in verband
    met de functie van desbetreffende ruimte naar het oordeel van het college de voorkeur geniet, wordt
    de minimumnorm naar boven bijgesteld. Hierbij kan gedacht worden aan gebieden die vanwege zeer
    frequent gebruik meer vrije ruimte behoeven (doorstroming). De vrije ruimte boven dit gedeelte dient
    minimaal 2,20 meter te bedragen; een zonneluifel mag dus nooit lager hangen.
    In bijzondere gevallen (evenementen) kan het college in afwijking van het bovenstaande het gebruik
    van de voor de rijbaan bestemde gedeelten van de openbare weg ten behoeve van de exploitatie van
    een terras toestaan. Hierbij speelt het waarborgen van de toegang voor direct aanwonenden en ook
    de hulpverleningsdiensten een belangrijke rol. Voor hulpverleningsdiensten dient de ongehinderde
    doorgang minimaal 3,50 meter breed en 4,50 meter hoog te zijn.
    Beleidsregel 8: Minimale diepte van terrassen
    Het in acht nemen van de obstakelvrije zone van minimaal 0,90 meter, kan tot gevolg hebben dat de
    mogelijkheid van het exploiteren van een terras beperkt wordt tot minder dan 1 meter. Hoewel het
    plaatsen van terrasmeubilair dan nog wel mogelijk is, zal dit in de praktijk ten koste gaan van de
    obstakelvrije zone ten gevolge van het gebruik door bezoekers. Gelet hierop wordt tegelijkertijd een
    minimale diepte voor een terras vastgesteld, die – naast de obstakelvrije zone – beschikbaar moet zijn
    voor het exploiteren van een terras. Deze minimale diepte dient zodanig te zijn dat in alle redelijkheid
    een terras kan worden geëxploiteerd. In een optimale situatie is een diepte van 1,50 meter de norm.
    Wanneer dit tot gevolg heeft dat een bepaald terras niet gerealiseerd zou kunnen worden, kan het
    college overwegen een minimale diepte van 1,00 meter aan te houden. Anderszins behoort de
    exploitatie van een terras niet tot de mogelijkheden.
    Beleidsregel 9. Situering terrassen
    Voor vergunning in aanmerking komende terrassen zijn gesitueerd in de onmiddellijke omgeving van
    het horecabedrijf. Tijdens bijzondere gelegenheden (evenementen) kan voor de duur hiervan voor
    andere (naastgelegen) panden het plaatsen van terrassen worden toegestaan. Belangen van
    eigenaar/gebruikers van naastgelegen panden verdienen dan bijzondere aandacht. Weigeringgronden
    voor de situering van terrassen zijn: vrees voor verstoring van de openbare orde en veiligheid,
    verkeersveiligheid, welstandscriteria en de desbetreffende bestemmingsplannen.
    Beleidsregel 10: Maximale oppervlakte van terrassen
    Wanneer rekening gehouden wordt met al het hiervoor gestelde ten aanzien van diepte, breedte en
    obstakelvrije zone, zijn er locaties die volledig benut zouden kunnen worden voor het plaatsen van
    een terras. Aangezien dit niet overeen hoeft te stemmen met een ter plaatse beoogd straatbeeld, is
    het college bevoegd aan het terras een maximumoppervlakte te verbinden. Deze situatie kan zich
    bijvoorbeeld voordoen op plaatsen waar de voor voetgangers bestemde gedeelten van de openbare
    weg heel royaal zijn of op het voor parkeren bestemde gedeelte van de openbare weg.
    Beleidsregel 11: Terrasschotten
    Om bezoekers uit de wind te laten zitten, mogen terrasschotten worden geplaatst, mits het geen vooren
    tussenschotten parallel aan de weg betreft. Een maximale hoogte van 1,50 meter is voldoende om
    aan dit doel te voldoen, waarvan minimaal 0,75 meter volledig transparant dient te zijn. De lengte van
    terrasschotten is afhankelijk van de breedte van het betreffende terras, maar mag nooit langer zijn dan
    de maximaal toegestane breedte van het terras (diepte). De terrasschotten dienen bovendien
    demontabel/inklapbaar te zijn, zodat zij kunnen worden verwijderd gedurende de tijden dat de
    terrassen niet worden geëxploiteerd en de tafeltjes en stoeltjes van het terras zijn verwijderd. Naast
    deze in de vergunning op te nemen terrasschotten, zijn er ook terrasschotten, die op eigen terrein –
    geen deel uitmakende van de weg – zijn gesitueerd. Ten behoeve van deze meer permanente
    terrasschotten zullen daarvoor mogelijk de benodigde vergunningen op grond van de Woningwet
    moeten worden aangevraagd.
    Beleidsregel 12: Terrasinrichting
    Aangezien onder meer in het straatbeeld van de Gemeente Edam-Volendam kwaliteit wordt
    nagestreefd, is het voor de hand liggend ook ten aanzien van de inrichting van terrassen
    kwaliteitscriteria op te stellen.
    Er mogen slechts tafels en stoelen van aantoonbaar brandveilig materiaal gebruikt worden die passen
    bij de inrichting. Parasols (incl. voet) mogen alleen gebruikt worden indien zij een semi-permanent
    karakter hebben en als afzonderlijke elementen herkenbaar blijven. Bovendien moeten deze
    inklapbaar zijn en parasolvoeten dienen verwijderd te kunnen worden. In uitgeklapte toestand moet
    zich de onderkant van de volant op minimaal 2,20 meter hoogte bevinden en mogen de grenzen van
    het terras niet overschreden worden.
    De aan het terras gerelateerde objecten, waaronder maximaal één reclamebord, mogen niet groter
    zijn dan 0,80 bij 1,15 meter. De totale constructie mag niet hoger zijn dan 1,50 meter en niet breder en
    dieper dan 1,00 meter. Deze objecten dienen binnen de grenzen van het terras te worden geplaatst.
    Verlichting- en verwarmingselementen mogen alleen op een terras direct grenzend aan een pand
    aangebracht worden aan de gevel. Bij wijze van uitzondering kan ingeval de maatvoering van het
    terras tot gevolg heeft dat de op deze wijze aangebrachte verlichting dan wel verwarming ondercapaciteit
    tot gevolg heeft in overleg met de gemeente gezocht worden naar een passende oplossing.
    Beleidsregel 13: Terrasseizoen
    De vergunning is alleen van kracht gedurende het terrasseizoen, ofwel de maanden april tot oktober.
    Het terrasmeubilair, schotten en andere voorwerpen voor zover afkomstig van het terras op de
    openbare weg, dienen buiten dit seizoen van de openbare weg verwijderd te zijn. Het is niet
    toegestaan buiten de inrichting terrasmeubilair op te stapelen, tenzij het op een brandveilige manier in
    overleg met de sector Brandweer/Veiligheid gebeurt en er in de terrasvergunning toestemming voor
    wordt verleend. In incidentele gevallen kan het college overwegen medewerking te verlenen aan het
    plaatsen van een terras op de openbare weg waarbij nadere voorwaarden worden gesteld.
    Beleidsregel 14: Openingstijden van het terras
    Het terras mag dagelijks geëxploiteerd worden van 09:00 uur tot 22:00 uur. In de nachten van vrijdag
    op zaterdag en zaterdag op zondag mag het terras geëxploiteerd worden tot 24:00 uur, met
    uitzondering van terrassen die gesitueerd zijn in de directe nabijheid van een woning. Na sluitingstijd
    dient het terrasmeubilair op zijn minst opgestapeld te worden en op een afdoende wijze te worden
    beveiligd. De Gemeente Edam-Volendam is niet aansprakelijk voor schade als gevolg van diefstal,
    vandalisme etc.
    Beleidsregel 15: Afval op de openbare weg ten gevolge van gebruik van terras
    De vergunninghouder dient ervoor zorg te dragen dat het terras en de naaste omgeving daarvan (ca.
    25 meter) vrij blijven van afval en andere ongerechtigheden afkomstig van of veroorzaakt door het
    gebruik van het terras.
    Beleidsregel 16: Muziek
    Op het terras mag geen live-muziek ten gehore worden gebracht. Tijdens een collectieve festiviteit als
    bedoeld in artikel 4.1.2. APV of indien een kennisgeving incidentele festiviteit op grond van artikel
    4.1.4. APV is gedaan en artikel 4.1.4. APV niet van toepassing is, kan door het college onder
    bepaalde voorwaarden ontheffing worden verleend.
    Beleidsregel 17: Gedragsregels
    De vergunninghouder is gehouden te doen en na te laten hetgeen redelijkerwijs gevergd kan worden
    om hinder en overlast, veroorzaakt door de op een terras aanwezige bezoekers, te voorkomen of
    beperken.
    Beleidsregel 18: Terrassen op niet openbare gronden
    Voor de beoordeling of terrassen op niet openbare gronden toelaatbaar zijn of niet, dient gekeken te
    worden naar het betreffende bestemmingsplan.
    Beleidsregel 18: Precariobelasting
    De mogelijkheid tot het gebruik van de openbare weg voor commerciële doeleinden heeft zonder
    twijfel een meerwaarde voor de bedrijfsvoering. Anderzijds heeft de aanwezigheid van terrassen ook
    een meerwaarde voor de uitstraling en beleving van de Gemeente Edam-Volendam. Indien het terras
    op gemeentegrond wordt geplaatst, dient precariobelasting te worden betaald. Indien het terras op
    particuliere grond wordt geplaatst, is geen precariobelasting verschuldigd. Wel zijn dan leges
    verschuldigd vanwege de afhandeling van de vergunningaanvraag.
    Beleidsregel 19: Gebruik gemeentelijk eigendom
    Het is niet toegestaan:
    1. veranderingen in de grond aan te brengen, waaronder in ieder geval begrepen het slaan van
    palen en pennen en het verwijderen van klinkers of tegels;
    2. de grond op enige wijze geheel of gedeeltelijk aan derden in gebruik te geven;
    3. gedurende de periode dat door of vanwege de gemeente of vanwege nutsbedrijven
    werkzaamheden in of aan de grond moeten worden uitgevoerd, dit in te richten als terras.
    Gedurende de periode dat de vergunninghouder geen gebruik kan maken van de plaats waar het
    terras zich normaliter bevindt, bestaat geen recht op schadevergoeding of restitutie, tenzij dit
    schriftelijk anders is bepaald.
    4. het college kan voor het genoemde in sub 1. ontheffing verlenen.
    Beleidsregel 20: Markeringen
    Ter afbakening van de grenzen van het terras worden op de openbare weg markeringen aangebracht
    die voor beide partijen op niet mis te verstane wijze duidelijkheid schept. Deze markeringen worden
    aangebracht door de gemeente door middel van zogenaamde “punaises”.

  • In geval van Prinsenbar geen blaam wat dat betreft, aanvragen zijn op 8 januari verstuurd voor alle evenementen,dat is elk jaar dezelfde aanvraag met als enige de toevoeging op de aanvraag dat àls Edam autovrij zou zijn tijdens de feestweek dat er dan tijdens die afsluiting extra terras geplaatst mag worden.Aanvragers zijn vanaf maart wekelijk in de weer met de vergunningen..2 dagen voor koninginnendag kwam de eerste vergunning binnen, allen voor die koninginnendag.Sinds 29 april bijna dagelijks contact met (nieuw aangestelde) terrasambtenaar , maar zolang er geen beslissing was genomen over wegafsluitingen konden er geen terrasvergunningen worden afgegeven.Logisch.Uiteraard gesprek met Burgemeester aangevraagd 2 x maar helaas dit verzoek is afgewezen. In het geval van de Boei hetzelfde verhaal.Ondernemers zijn gewent aan het laat binnenkomen van terrasvergunningen, voor elk evenement is dat al jarenlang in een van de laatste dagen voor het evenement.En dat is prima zolang er niets verandert of afgekeurd wordt,BIJ AFKEURING HEB JE RECHT OP GENOEG TIJD OM JE AANVRAAG AAN TE PASSEN EN OPNIEUW IN TE DIENEN! Als de beunen vorig jaar TIJDIG waren afgekeurd dan hadden de aanpassingen gelijk doorgevoerd kunnen worden,nu stonden ze al!Er is geen excuus voor dit beleid, als iets netjes/volledig en op tijd aangevraagd wordt(en het gaat op die wijze al jaren goed,betekent: de vergunningen worden altijd afgegeven ook al is het op het laatste moment)dan mag je verwachten dat de Gemeente bij afkeuring dit ook netjes/volledig en op tijd meldt.

  • Hoe schandalig het ook is om aanvragen van ondernemers zo laat te behandelen dat er geen tijd meer is voor 'n allernatief moeten de ondernemers (en met name de horecaondernemers )vooral maar niet te veel ophef en protest naar buiten brengen. Je hebt de gemeente voor elk dingetje nodig, te veel protest en je krijgt nooit meer iets voor elkaar!De ambtenaren die dondergoed weten dat dit soort dingen gewoon echt niet kunnen en die weten dat het oneerlijk gaat denken alleen maar aan het behouden hun baantje en zwijgen,(stel je voor dat je zo'n luizeleventje in de waagschaal gaat stellen ) niemand spreekt iemand aan, niemand durft verantwoordelijkheid te nemen. In Amsterdam lopen duizende mensen op 30 april in lange stromen door de smalste straatjes, overal tappunten/muziek/bandjes,maar hier kan niks, hier moet achter elke barkruk een vluchtroute staan aangegegeven want stel je toch eens voor....Nu moet het hele buitengebeuren tijdens evenementen terug gebracht worden,het moet rustiger op de Dijk/Brugstraat,rustiger in Hoogstraat/Prinsenstraat, beter alles weer terug naar binnen, als haringen in een ton, lekker veilig!De 6 terrastafeltjes uit de Batumburgerstraat waar tijdens de Kaasmarkten al jarenlang koffie met gebak genuttigd wordt door 60-plussers mogen niet meer staan.Alhoewel deze straat te smal is voor de auto's van brandweer en politie wil de gemeente dit vrijhouden als 'vluchtroute voor voetgangers' > VLUCHTEN WAARVOOR? Verwachten ze een aanslag? Stormvloed? Vallende ster? Tankwagens? Natuurlijk moet het op en top veilig,volgens de landelijke richtlijnen en niet volgens de bedenksels van 'n gemeente die geen verantwoordelijkheid durft te nemen.

  • Als ik goed ben ingelicht begint de LOVE om 7 uur met haar uitzending, en het concert van BZN begint vanaf 8.30 uur,Dus met een beetje goeie wil kun je het allemaal bekijken.Want er is meer dan in de wereld dan alleen maar BZN.

    Veel kijkplezier

  • Angel ik ben ook trots op de bzn.
    Trots op het feit dat ze eindelijk de banjo aan de wilgen hangen.

  • Net zo goed als de gemeente bij anneke een straat tijdens de feestweek er uit haalt, zo goed kan ik deze programering van onze lokale zender niet waarderen/gebruiken.

    De gehele gemeente zit toch in Rotterdam of, voor de buis naar de laatste BZN avond te kijken.

    Hoi he.

  • Verward meisje 13

    Leuke reclame, maar wanneer is de muziekdag/kaaspop???? Oh zaterdag 23 juni, gelijktijdig met de zaterdag van het Volendammer weekeinde. Handige programmering ......

  • Ik had liever een aanvraag gezien van de gemeente voor serieuze top-sportaccomodaties.
    Recent is de handbal Nederlands kampioen geworden en wachten ze al jaren op een kanppe oplossing.
    Mauritius had dit jaar weer vele Volendammer nationale kampioenen bij de jeugd. Echter zij moeten deze jongens en meisjes op hun 13e wegsturen naar andere verenigingen omdat de gemeente al jaren verzuimt om het accomodatieprobleem bij Mauritius op te lossen. Gemeente, schaam je!! Geen geld is het probleem niet. Met grondruil is er veel mogelijk voor zowel de handbal als voor Mauritius.