Naar de inhoud

Iedereen houdt van Platje: Sympathieke subersub schiet FC Volendam richting lijfsbehoud

Bron: De Pers

Iedereen houdt van Platje: Sympathieke subersub schiet FC Volendam richting lijfsbehoud
De wedstrijd tussen Heracles Almelo en FC Volendam is 56 minuten en 24 seconden oud als een blond jochie zich in een oranje tenue aan de zijlijn meldt. De Almelose supporters stoten elkaar aan: dat is ’m! Het is tijd voor het wekelijkse half uurtje van Melvin Platje, de Volendamse Lucky Luke die aan een handvol minuten per wedstrijd genoeg had om uit te groeien tot clubtopscorer.

Het staat nog 0-0, en daarvoor mogen de Volendamse hekkensluiters de Heer op hun blote knieën danken. In 56 minuten produceerden de vissers welgeteld één slap kopballetje richting doel, terwijl Heracles aan de andere kant de ene na de andere kans om zeep helpt. FC Volendam speelt als de gedoodverfde degradatiekandidaat. Dat kan kloppen, want dat zijn ze ook. Alleen zijn ze dat zelf vergeten. Door de goede resultaten van de laatste weken – Volendam staat in de halve finale van de beker, speelde gelijk tegen NEC en won van Vitesse – is het zelfvertrouwen van Het Andere Oranje naar ongekende hoogten gestuwd.

Zo juicht de site van Volendam dat de club in het restant van de competitie een ‘gunstig’ programma heeft. ‘Alleen Heerenveen-uit kan lastig zijn.’ Dat FC Utrecht, FC Groningen en Feyenoord nog langskomen op De Dijk, daar ligt geen Volendammer blijkbaar nog wakker van. Hallucinaties Ook Bernard Hofstede heeft last van hallucinaties. De doelstelling van Volendam was handhaven, desnoods via de play-offs, maar volgens de middenvelder moet die doelstelling binnenkort naar boven bijgesteld worden. Het oranje uitvak vindt het allemaal prachtig: ‘We gaan Europa in’, zingen de fans, ook al speelt hun team nog zo beroerd.

Pas als Platje binnen de lijnen komt, wordt de ploeg zo af en toe een beetje gevaarlijk. Een beetje, want een geniale voetballer is de 20-jarige pinchhitter ook weer niet. Hij heeft geen briljante pass, geen geweldige actie en geen feilloze techniek, maar hij ruikt het vijandelijke doel op kilometers afstand. Hij staat nog maar een paar minuten op het veld als hij in een onmogelijke positie opeens een stuiterende bal voorbij ziet komen. Nadenken is niet nodig: schieten. Het publiek schrikt – hij flikt het toch niet nog een keer? – maar de bal vliegt bijna het stadion uit. Zijn doelgerichtheid zorgt ervoor dat Platje de bal áltijd wil hebben – ook als dat helemaal niet kan.

Als een teamgenoot besluit de bal een keer niét naar hem te spelen, kijkt de sluipschutter hem stomverbaasd aan. Je ziet het hem denken: wat doe je nou? Ik moet scoren! Dan valt de bal plots achter de Almelose verdediging. Platje snelt langs een verdediger, laat hem langszij komen, kapt met buitenkant rechts naar zijn rechterbeen en krult de bal vanaf zestien meter in de verre hoek. Hij draait zich om naar zijn teamgenoten (die bijna allemaal nog op eigen helft staan), spreidt zijn armen en knikt. Ik zei het toch, jongens? Het is 13 minuten en 18 seconden na zijn invalbeurt: een beetje tegenvallend, voor Platjes doen.

Tegen NEC had hij nog geen minuut nodig om te scoren, in de thuiswedstrijd tegen Heracles deed hij er zes minuten over, tegen Vitesse acht, en tegen Roda JC had hij na twaalf minuten zijn eerste in het doel liggen. ‘Ik schiet vanuit standen van waaruit anderen niet schieten’, is zijn eigen verklaring. ‘Dit doelpunt kwam ook weer uit het niets.’ Hij zegt het haast verontschuldigend, alsof hij ook niet weet wat hem overkomt. Die onbevangenheid, gecombineerd met die rare naam en dat rare loopje, maakt hem sympathiek. Beter gezegd: geliefd. Zelfs bij de tegenstander. Als Platje na rust met zijn warming-up begint, is dat voor de Heracles-fans het teken zijn naam even te scanderen. ‘Platjuhh! Platjuhh!’

Even daarvoor, toen Jack Tuyp startte met zijn opwarmsessie, slingerde datzelfde publiek de ene na de andere verwensing naar diens hoofd. Maar niemand beledigt Platje. ‘Platje is een schatje!’, roept iemand. Gewoon zijn best doen Platje grijnst, smakt lekker verder op zijn kauwgum en al rekkend maakt hij een praatje met de supporters op de eerste rij. Zo is hij ook na de wedstrijd, als hij tot zijn verbazing de ene cameraploeg na de andere op zich af ziet komen. Of hij nou eindelijk eens tegen die kuttrainer gaat zeggen dat hij zijn topscorer verdomme eens in de basis moet zetten, willen ze weten. ‘Ik doe gewoon mijn best’, reageert hij. ‘En dan zie ik het wel. Ik hoop dat ik een keer een kans krijg.’ En het leuke is: hij meent het.

Dat het uiteindelijk nog 1-1 wordt vindt hij ‘klote’, maar het punt is wel genoeg om De Graafschap op de ranglijst voorbij te gaan. Even verderop in de catacomben loopt Heracles-voorzitter Jan Smit verbijsterd rond. ‘Volendam pakt deze competitie vier punten tegen ons. Hoe kan dat nou?’

Eén woord, meneer Smit. Twee lettergrepen.

4 reacties

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.

  • Bij Heracles zaten er toch wel mannetje of 30 a 40 Volendamsupporters op hun eretribune.

  • Op de hoofdtribune zitten alleen rollatorgebruikers en die hebben geen stem meer?

  • Platjuhh platjuhh werd gezongen door Volendam-supporters op de hoofdtribune.

    Bron: ikzelf