Naar de inhoud

De bodem van het glaasje voorbij zijn

Bron: Webregio

De bodem van het glaasje voorbij zijn
Afgelopen maandagmorgen, 2e paasdag. Mijn vriend is eerder wakker dan ik. Ik ben me ervan bewust dat hij uit bed stapt en naar beneden glipt. Ik ben me ervan bewust dat de zon schijnt buiten, zonder mijn ogen zelfs maar geopend te hebben. Onze dochter is onder de pannen bij mijn moeder, waar ze de nacht heeft doorgebracht als logeetje. Ik bedenk me dat ik mijn bed dus nog niet uit hoef. En zelfs al móest ik mijn bed uit, dan zou ik daar niet toe in staat zijn.

Ik kan mijn hoofd namelijk niet draaien. Ik droom over vrachtwagens volgeladen met ijskoude flesjes Spa Blauw. Grote slokken koud, verrukkelijk smakend water stromen langs mijn tong mijn keel in. Ik neem mezelf voor dat ik mijn bed uit ga, maar al wat ik tracht te doen, is tevergeefs. Mijn lichaam blijft liggen waar het ligt. De seinen die vanuit mijn hersenen naar mijn ledematen worden gestuurd bewegen zich te traag voort en halen hun einddoel niet. Dus ik blijf liggen waar ik lig.

En als ik daar zo lig, terwijl de dag begint te rijpen, neem ik mezelf voor nooit meer een druppel wijn door mijn keel te laten glijden. Al martelen ze me dood. Ik zal nooit meer drinken. Na die gedachte nogmaals de revue te laten passeren, denk ik dat het wellicht een beter idee is een ander drankje te proberen. Maar wat?

Als ik min of meer gedwongen ben mijn bed te verlaten is het moeilijk mezelf staande te houden. Ik voel een warm, wee en stroperig gevoel vanuit mijn maag naar mijn keel trekken. Het zweet staat op mijn bovenlip. ‘Naar de wc’, is het eerste wat ik denk. Maar er komt niets, want het laatste wat ik gegeten heb is immers meer dan twintig uur geleden. ‘Dat is natuurlijk de oorzaak’, denk ik dan naïef. ‘Daar komt die kater van. Een bodempje in mijn maag ontbrak.’

Na wat gegeten te hebben en ik een lange douche heb genoten, gaat het stukken beter. Ik neem de dag van gisteren nog eens door in gedachten. Het was gezellig druk op de dijk in Volendam. Zoals met iedere feestdag wordt ook Pasen aangegrepen om er weer een heus zuipfestijn van te maken. Toeristen die langslopen, kijken enigszins verbaasd hun ogen uit. Al die opgedirkte meisjes die om drie uur ’s middags al met rooddoorlopen ogen met een dubbele tong spreken. Het is hier nu eenmaal een gewoonte, maar normaal is het niet.

Ik kijk in mijn tas of ik alles nog heb wat ik bij me had en kom voor een heus mysterie te staan. Hoe kan het dat ik slechts vijfendertig euro heb gespendeerd, terwijl ik een kater heb van minstens honderd? Het ligt aan de leeftijd volgens mijn geliefde zuster. Ik kan alleen maar beamen dat ik er niet goed meer tegen kan. Na vier glazen ga ik lallen. Na vijf glazen ga ik brallen. Na tien glazen weet ik het niet meer. Na twaalf glazen ga ik huilen. Om niks. En bij vijftien word ik nooit meer wakker. Is dat te diep in het glaasje kijken? Het bodempje van míjn glas heb ik echter helaas niet kunnen waarnemen. Ik heb toch echt wel diep gekeken…

Gina Schilder

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.