De Nieuwe School 25 jaar in Edam
De Nieuwe School 25 jaar in Edam
25 jaar geleden startte een groep ouders in Edam een nieuwe school. Uit onvrede over het bestaande aanbod werd De Nieuwe School opgericht. Toen was het pionieren, nu is de school een vertrouwd onderdeel van het onderwijsaanbod in Edam-Volendam met een flinke wachtlijst. Directeur Theo Vries vertelt over de Jenaplanschool, een van de 220 in Nederland. “Elke school zegt dat het uitgaat van de uniciteit van het kind. Hier wordt dat in de praktijk gebracht.”
De school heeft in haar bestaan een flinke ontwikkeling doorgemaakt. Begonnen in 1983 als vernieuwend onderwijs, is De Nieuwe School sinds 1998 toegegroeid naar een Jenaplan school, door de basisprincipes van deze onderwijsvorm over te nemen.
Wat houdt Jenaplan onderwijs in?
”Jena is afgeleid van de stad Jena, waar Peter Petersen schoolleider was en professor aan de universiteit. Het waren de jaren dertig van de vorige eeuw, een periode die werd gedomineerd door de uitvloeisels van de industriële revolutie. Het schoolsysteem in Europa was een spiegel van die tijd: veel kinderen werden opgeleid in lijn met het idee van massaproductie door en voor werknemers. Het individu was ondergeschikt. Als antwoord hierop ontstonden er diverse stromingen: Montessori, Jenaplan, Dalton, Vrije Scholen, alle onder de noemer van traditioneel vernieuwingsonderwijs., waarbij veel meer gekeken werd naar de ontwikkeling van het individu.”
Vries: “Tegenwoordig is het grote verschil met klassikaal onderwijs dat laatstgenoemde uitgaat van vooraf vastgestelde leerstof. Jenaplan volgt vooral de ontwikkeling van het individuele kind, waarbij er uiteraard wel een methode is voor rekenen, spelling en lezen. Voor de wereldoriëntatievakken (aardrijkskunde, geschiedenis, biologie, de maatschappij) zijn zes ervaringsgebieden opgesteld, die in een periode van drie jaar worden onderzocht: techniek, communicatie, mijn leven, samenleven, omgeving en landschap en maken en gebruiken. De belevingswereld van het kind staat hierbij centraal.”
Een ander verschil met het gangbare onderwijs is dat de kinderen drie jaar lang dezelfde groepsleider houden, terwijl de groepen drie leeftijden bevatten. Kinderen leren van elkaar, helpen elkaar. “Eigenlijk als in een gezin. En doordat de groep elk jaar met 1/3 in- en uitstroomt is er geborgenheid, doordat het grootste deel van de groep intact blijft. Maar ook de positie van het kind verandert: een jongste wordt middelste, een middelste wordt oudste. Daardoor doen kinderen belangrijke sociale vaardigheden op.”
Ook geeft de school ruimte voor eigen invulling. Dat kan voor kleuters betekenen dat ze even kunnen doen wat ze zelf willen, tot het maken van een werkstuk met presentatie voor oudere kinderen, al dan niet samen. “Dat is zeker niet vrijblijvend. De keuze moet worden uitgevoerd en gepresenteerd.”
Vries noemt de kernbegrippen: gesprek, werk, spel en viering als ritmische onderdelen door de week heen. De groepsruimte is zo veel mogelijk ingericht in huiselijke sfeer.
Ander belangrijk kenmerk is de waardering die voortkomt uit persoonlijke groei. Dat kan met spel, door onderzoek, door te luisteren en door presentaties. Volgens Theo Vries de manier om zelfvertrouwen en veiligheid te bieden. “De kinderen zijn hier ontdekkend en onderzoekend bezig, vaak in de vorm van projecten.”
Vries is, zacht uitgedrukt, geen voorstander van het Cito leerling volgsysteem. Hij is dan ook ongelukkig met het feit dat die methode steeds meer ingang krijgt bij de onderwijsinspectie. “Als je vindt dat elke kind uniek is, dan moet je hier juist niet mee werken. Natuurlijk moet je aan het eind van de opleiding inzichtelijk maken dat het kind taal en rekenen beheerst. Dat gebeurt hier op school ook. Op het gebied van rekenen en taal scoren wij volgens de inspectie goed. Maar het gebruiken van landelijk genormeerde onafhankelijke toetsen wekt bij kinderen die minder goed zijn, angst op. Wij beoordelen kinderen op basis van hun eigen ontwikkeling, niet op basis van zo’n toets. Maar het observatievermogen van onze groepsleiders speelt hierbij wellicht een nog grotere rol. Daarom is die drie jaar ook zo belangrijk!”
Dat De Nieuwe School een elitaire school is ontkent Vries. Wel vindt hij het een groot nadeel dat de school weinig allochtone kinderen trekt. Volgens hem het gevolg van het feit dat veel allochtone ouders niet gewend zijn aan deze vorm van onderwijs. “Verder is decennia geleden besloten om speciale voorzieningen voor allochtonen kinderen te plaatsen bij de openbare school.” De regelgeving en financiering van de basisscholen is nu veranderd. Maar een verandering op dit vlak ziet hij pas over wellicht een generatie optreden.
Vernieuwing van de school is tegenwoordig onder meer zichtbaar via de digitale mogelijkheden, waaronder de vele computers en digitale schoolborden, waarmee met een klik, op speelse wijze, de hele wereld in de klas wordt gebracht. “Elk jaar zijn er diverse studiedagen voor de leerkrachten en met de 14 regionale Jenaplanscholen is er regelmatig uitwisseling.”
Resultaten van oud-leerlingen laten zien dat zij zeker geen hinder ondervinden van het feit dat er in het voortgezet onderwijs weinig Jenaplanscholen zijn. “Samenwerken, presentatie, leren plannen zijn juist goede vaardigheden om verder te gaan.” Vries roemt de betrokkenheid van ouders. Veel extra vaardigheden en kwaliteit worden in de school gebracht. “Bovendien zijn de lijnen tussen het door ouders gekozen bestuur en de leiding kort.”
Is het Jenaplan onderwijs geschikt voor elk kind?
“Ja, we hebben bijna geen verwijzingen naar het speciaal onderwijs. Het is eigenlijk meer de vraag of onze school geschikt is voor elke ouder. Dan is het antwoord: nee. Ouders moeten er helemaal achter staan. De driehoek: ouder, kind school is hier onlosmakelijk. Onze school is niet geschikt als je je kind overvraagt. Dan is er geen ruimte voor groei en persoonlijk succes. Kinderen willen in de breedste zin leren. Dat moet je zien te behouden.”
Vries, bestuurslid van de Nederlandse Jenaplanvereniging, gelooft in de uitgangspunten van zijn school. “Als je de basistaken goed verzorgt, dan blijft er heel veel ruimte over voor leuke en creatieve zaken. School moet leuk zijn voor elk kind! Persoonlijke groei is de beste manier om met plezier en zelfvertrouwen de wereld te verkennen. Dat zou eigenlijk voor iedereen moeten gelden, tot je laatste dag hier op aarde!”
Jubileum
Afgelopen dinsdag vierde de school het 25-jarig bestaan met een groot Circusspektakel. Eerst oefenen en daarna uitvoeren, in lijn met de gedachte van de school.
Afgelopen zaterdag vond een reünie plaats voor oud-leerlingen en ouders. Ook werd er een film vertoond over de geschiedenis van de school.