Naar de inhoud

Onberekenbare snelheid: Jaap Molenaar uitgegroeid tot fenomeen bij zaterdagamateurs RKAV (foto)

Bron: NIVO

Onberekenbare snelheid: Jaap Molenaar uitgegroeid tot fenomeen bij zaterdagamateurs RKAV
Volendam heeft zijn eigen TGV. Jaap Molenaar (23). Eenmaal ‘gelanceerd’, dan beweegt de sneltrein zich op intuïtie richting het vijandelijke doel. Ondertussen de wanhopige verdedigers van de tegenstander per station van zich afschuddend. ‘Vlugge Japie’, ‘Snelle Japie’, de zaterdag-1 van RKAV Volendam heeft er sinds een tijdje een fenomeen bij. Inmiddels in de wijde omtrek bekend; waar de finishlijn van zijn sprint ligt, nog niet. ,,Voorlopig ben ik nog kraanmachinist.” Over zijn beste maatjes, een foute vriend (drugs), zijn (gescheiden) ouders, zijn opleider (Berry Smit) en het onbeschrijflijke gevoel op het veld van Spakenburg en in de kantine van IJsselmeervogels.

De eerste echte confrontatie met zijn huidige trainer, Berry Smit, dateert van zijn tijd als C2-junior. ,,Ik kwam er via de D13, D11 en D7”, omschrijft hij zijn omweg. ,,Ik heb een stuk opleiding gemist.” Hij ‘zat’ op de LTS, leerde voor timmerman. ,,Ondertussen keek ik niet zozeer naar voetballers als jongetje. Meer naar Edwin Zoetebier. Omdat ik twee keer keeper ben geweest bij de pupillen. Dan ging ik weer voetballen en een seizoen later stond ik weer op doel. Moest m’n moeder elke keer nieuwe spullen kopen…’Weet je het al’, vroeg ze me op een gegeven moment.”

Groeiproblemen
,,Ik voetbalde elk vrij moment van de dag. En wilde echt hogerop. Dat wil toch bijna elke jongen.” Maar nog tijdens dat seizoen werd hij teruggezet naar de C5. ,,Vanwege groeiproblemen en blessures, de overbelasting van ‘lage’ elftallen naar het hogere niveau van de C2, dat was even teveel. Toch maakte ik in de C5 onder Jan van Mechelen nog 85 goals dat seizoen.”

Naderhand kwam hij twee keer in de B2 terecht. ,,Had Luuk Ubbels geregeld dat ik met FC Volendam B1 mocht meetrainen. Met Maarten Woudenberg, Rowin van Zaanen, Kees Kwakman, Martin Tol. Zei trainer Peter van Ingen dat ik mocht blijven. Een week later kwam de Nieuwjaarsbrand…”

Vrienden en vriendinnen van hem waren erbij, raakten gewond of stierven. ,,Zelf zat ik thuis. Met Kerst was ik nog twee dagen in bar De Hemel geweest, maar omdat ik in de selectie was gekomen, wat ik altijd zo graag wilde, wilde ik ook voor het voetbal gaan leven. Stond ik thuis voor het huis wat bommetjes af te steken. Wilde m’n moeder me geld geven om alsnog naar mijn vrienden op de dijk te gaan. Maar dat hoefde ik niet. Ik was voor mijn gevoel zo dicht bij, als je dan niet alles op voetbal gooit, dan kun je beter stoppen.”

Wat het in vervulling gaan van zijn voetbaldroom moest worden, resulteerde in een fase van andersoortige groeistuipen. ,,Tussen de trainingen door moest ik naar begrafenissen en ziekenhuizen. Dat heeft me erg aangegrepen.”

,,Daarna kwam ik bij de A1 van de AV onder Jeroen Kroes te voetballen. Maakte ik er 32 en bleven we er net in. Samen met zijn vrienden Bart Jonkerman, Johan Mühren en Martin Tol mocht ik naar de FC A1, maar ik kreeg rug- en bekkenproblemen, waardoor ik nauwelijks speelde. De trainer was positief bij aanvang, maar als je nauwelijks wedstrijden kunt spelen, kun je ook niets laten zien. Daarom was ik niet zo zwaar teleurgesteld toen ik in het tweede van de zaterdagamateurs belandde. Het bleef mijn grootste hobby, het voetbal.”

,,Op zo’n moment heb je niet echt meer voor ogen dat je hogerop komt. Hoewel je van alles moet blijven proberen.”

Hij verdween in de anonimiteit. ,,Ik speelde bij de zaterdag 2 en in hetzelfde weekeinde vaak bij de zondag-2 mee. Wilde altijd scoren, altijd winnen, ook met drank van de vorige dag in mijn lijf.”

Gevaarlijk
Vorig seizoen nam zijn ontwikkeling een vlucht. ,,Wat er het laatste anderhalf jaar veranderd is? Dan komen we bij Berry Smit. Hij heeft me vertrouwen gegeven, heeft steeds goed uitgelegd wat hij met me wil.”

,,Wat voor type speler ik ben? Een speler die altijd voor gevaar kan zorgen. Maar eentje die af en toe ook minder gecontroleerd kan zijn. Mijn balaannames zijn niet altijd even goed, maar negen van de tien keer kan ik dat met mijn snelheid nog goed maken, zoals bijvoorbeeld tegen Ajax.”

,,Het probleem met de balbehandeling komt ook omdat het veld bij de RKAV niet goed is.” Voor de hand liggend is, om te stellen dat Molenaar met zijn snelheid en onberekenbare acties alleen bruikbaar is wanneer zijn ploeg op voorsprong staat, er ruimte is om te counteren en als de verdediging van de tegenpartij op instorten staat. Als invaller dus. Molenaar wil die logica graag loochenstraffen.

Er wordt vaak gekeken naar de dingen die een speler niet kan. ,,Ik heb mijn goals op allerlei manieren gemaakt. Kijk, als de trainer me ‘wissel’ zet, dan zal dat zo moeten zijn. Daar hoor je mij niet over. We hebben wel de afspraak gemaakt dat ik de laatste vier wedstrijden in de basis start.”

,,Ik heb tien keer gescoord en vijf penalties veroorzaakt. Ruimte om te voetballen is er altijd, niet alleen achter de verdediging. Ik wil laten zien dat ik ook van waarde kan zijn als wij op de helft van de tegenstander voetballen en moeten combineren. Als de tegenstander dus inzakt, of onder druk staat. Op dat vlak kan ik nog veel leren en dat wil ik ook. Het gaat stap voor stap. Ik moet zelf het tegendeel bewijzen.”

Pier Tol, oud-international en spitsentrainer bij Volendam-zaterdag, neemt hem regelmatig onder handen. ,,We hebben meerdere trainers met een specialisme, zoals Piet Jonk, André Boogaard en Casper Smit. Pier traint de aanvallers één of twee keer in de week. Ik leer hoe ik beter in de bal kan komen en dat ik bijvoorbeeld mijn standbeen op bepaalde momenten moet laten staan als ik schiet, in plaats van dat ik ‘m de lucht in gooi.”

,,Weet je, je voelt zelf wel dat je bepaalde kwaliteiten bezit, maar als je een trainer hebt die het beste in je naar boven haalt, Pier Tol als spitsentrainer hebt en spelers hebt die je vertrouwen geven, dan voetbalt dat alles bij elkaar heel lekker.”

,,Met Berry kun je lachen, maar hij kan ook heel serieus zijn. Hij heeft het plezier in de groep gebracht, maakt ons met zijn oefeningen beter en door een pittige voorbereiding hebben we daar het hele seizoen profijt van.”

‘Bij alles wat ik heb meegemaakt heb ik me vaak klote gevoeld, maar het heeft me ook geholpen’

Een memorabel moment in zijn nog prille loopbaan volgde twee maanden geleden in Spakenburg (1-2), waar Molenaar als invaller naar twee goals snelde en Pier Tol hem na afloop – na hem eerst kritisch op zijn ‘open’ balaannames te hebben gewezen – zoende. ,,Daarna liep ik gedoucht met mijn tas naar de spelersbus en kwamen er IJsselmeervogels-fans terug van hun uitwedstrijd. Ze namen me mee hun kantine binnen en ik werd toegezongen en op de schouders gezet. Waren ze even vergeten dat ik tegen hun club eerder in het seizoen drie keer had gescoord.”

,,Die twee doelpunten tegen Spakenburg gaven al een onbeschrijflijk gevoel. Het is vrij knap wat ik deed, maar ik weet dat ik het niet zonder medespelers kan. De selectie bestaat uit 42 maatjes, waarvan er dertig in het eerste kunnen spelen.”

De aandacht voor zijn persoontje ontgaat hem niet. ,,De wedstrijden van de FC zie ik soms in het stadion en soms op groot scherm in de bar van ’t Gat van Nederland. Dan zeggen jongens wel vaak van: ‘daar hoor jij te lopen’. Dat is leuk en ik lees de krantenverslagen ook. Als je bij die selectie komt, kun je weer stappen vooruit gaan. Dan ga je ook niet meer de dijk op, dan gaat echt alles opzij voor het voetbal. Ik hoorde mensen me ook vergelijken met Melvin Platje, spits bij de FC. Het grappige is dat hij me onlangs uit het niets toevoegde op zijn Hyves.”

,,Maar ik kan van allerlei dingen gaan dromen, maar voorlopig ben ik kraanmachinist bij Mick Volendam.”

Mick is de man die veel voor h
em heeft betekend. ,,Mick (Nico Tol, EV) heeft me de kans gegeven bij hem te komen werken, toen ik het timmeren wel gezien had. En van de telekraan mocht ik op een torenkraan, zoals ik wilde. Zijn zoon Martin is mijn beste maatje en ik kwam er heel vaak in de tijd dat mijn ouders net gescheiden waren. Dan praatte Mick met me als hij zag dat het niet goed met me ging.”

De breuk tussen zijn ouders raakte hem in het hart. ,,Vooral omdat het voor mij vrij onverwachts kwam. Ik was boos, begreep het niet. Als je dan je vader ziet huilen in de bank. Er viel een stuk zekerheid van mijn bestaan weg. Vanwege zijn werkzaamheden zag ik mijn vader weinig, maar ik besloot wel bij hem te blijven wonen.”

Drugs
Zoonlief raakte stuurloos. ,,Ik was achttien. Normaal gesproken zat m’n moeder me altijd op te wachten als ik thuiskwam. Nu was er niemand. Daar heb ik het lang moeilijk mee gehad. Het kon me allemaal niet zoveel meer schelen. Het zal wel, dacht ik. Het voetbal werd een uitlaatklep. Ik kon mijn agressie kwijt.”

De verleiding om naast alcohol iets anders te nuttigen in het uitgaansleven, bleek niet te weerstaan. ,,Ik gebruikte drugs, op de zaterdagavonden. Ging nooit te ver. Gebruikte puur op nazitjes. Er was niemand die me echt controleerde. M’n vader wist het wel en vond het verschrikkelijk.”

Met tussenpozen duurde het tot acht maanden geleden eer hij het spul niet meer in de zakken stopte om daarna tot zich te nemen. ,,Er werd besloten om bij de zaterdagselectie controles uit te voeren en dat is heel goed geweest. Kijk, op bepaalde momenten hebben de drugs me geholpen, het verzachtte mijn moeilijke omstandigheden. Hoe raar dat ook klinkt. Ik hoefde gewoon even niet aan die dingen te denken. Maar ik werd later wel depressief en mensenschuw. Het was uitstel van mijn emoties.”

Ondertussen dreigde hij zijn vader, ‘Flying’ Evert, bijna definitief te verliezen, toen die tijdens een avondje stappen te water raakte in de haven van Marken en minuten lang onder water verbleef. ,,Toen ik in het ziekenhuis kwam en hem op intensive care zag liggen, zei ik tegen de dokter dat hij aan het eind van de week weer thuis zou zijn. En dat klopte bijna. Tuurlijk was ik geschrokken en ik besefte ook niet hoe erg het was geweest, hoeveel geluk hij en wij hebben gehad.”

,,Naast Martin is mijn vader beste maatje geworden. We bespreken van alles met elkaar. Bij alles wat ik heb meegemaakt heb ik me vaak klote gevoeld, maar het heeft me ook geholpen, ik sta veel sterker in het leven. Voorheen durfde ik niet zomaar iets te zeggen tegen andere mensen als ik het ergens niet mee eens was, maar nu wel. Na een negatieve tijd komt er altijd weer een positief moment. Op het veld denk ik ook zo. Ik geef nooit op.”

De trainer: ‘Jaap kan ideale voor de FC zijn’
Berry Smit: ,,Jaap is in korte tijd veel veranderd, vooral richting het ‘totaalvoetbal’. Het is meer geworden dan dat snelle sprintje. De hoofdklasse vraagt meer dan de goede eigenschappen die je als voetballer al in je bezit hebt. Feit is dat hij ons met zijn goals meerdere punten heeft bezorgd, maar Jaap geeft zelf al goed aan dat als de verdediging de boel achterin niet dichthoudt, hij ook niet de beslissende goal kan maken.”

,,De vraag is altijd of het ten koste gaat van de pluspunten als je binnen het individu met allerlei verbeteringspunten aan de slag gaat. Dat is wat moet gebeuren met Jaap en een hele mooie uitdaging. Het zou geweldig zijn als dat bij de FC kan, want dan kun je dagelijks er aan schaven. Er zit wel een ‘maar’ aan dat verhaal. We kennen zijn tekortkomingen en het moet niet zo zijn dat hij niet aan spelen toekomt en de FC over een half jaar of een jaar ons die tekortkomingen komt melden. Ik ga er echter van uit dat hij dan een kans krijgt. Als FC Volendam in de eredivisie blijft en zoals de laatste maanden regelmatig gelijk staat of op 1-0 voor, dan kun je Jaap rustig op de middenlijn zetten. Weinig eredivisieverdedigers die hem dan af kunnen stoppen. Dan is Jaap een ideale.”

De spitsentrainer: ‘Onbewust briljante momenten’
Pier Tol: ,,Jaap heeft onbewust briljante momenten. Dat je denkt: dit bestaat niet. Dan doet Jaap dat wel. Als-ie het kan regelen dat die momenten ‘bewust’ gebeuren, dan zou hij een eind in de goede richting zijn.”

,,We zijn op de training veel met hem bezig. Wanneer hij moet komen of juist moet kruisen om een gat te trekken voor een ander. Hij doet onberekenbare dingen en dat maakt hem sterk. Maar soms mist hij wat gogme. Dat is iets wat je van nature moet hebben, maar als je bereid bent kun je heel veel leren. Ik kijk ook altijd naar wat een speler doet zonder bal. Beweegt-ie zich goed vrij en verdedigt-ie ook mee? Jaap heeft maandag een gesprek gehad bij de FC en mijn zoon Nick krijgt dat op 29 april.”

,,Mits ze goede begeleiding krijgen, kunnen die jongens slagen in het eerste. Zaak is dat ze een kans krijgen en op waarde geschat worden. Te lang is er een scheef beeld geweest tussen spelers van buiten en van eigen bodem, qua beloning. Dan kun je altijd mooi roepen dat ze in zichzelf moeten investeren, maar eens moet het gecompenseerd worden.”

De medespeler: ‘Vlugge Japie, dat zegt genoeg’
Pieter Jonk: ,,’Vlugge Japie’, dat zegt genoeg, Hij is bijna altijd sneller dat zijn tegenstanders. Jaap heeft voorheen nooit echt een kans gehad in de zaterdag-1, maar na goede invalbeurten kon Berry Smit niet meer om hem heen. Het blijft een dilemma voor een trainer, want je kan zeggen dat hij als invaller beter tot zijn recht komt. Hij is vaak beslissend geweest voor de ploeg.”

,,Ik heb al vaak vanuit het achterveld zijn acties bekeken en als-ie dan had gescoord, dan dacht ik: die mafkees doet het gewoon weer… Hij mist ook kansen, maar in moeilijke situaties doet hij de gekste dingen. Als hij leert meer overzicht te houden, ziet hij medespelers niet meer over het hoofd in bepaalde situaties. Maar hij is nog jong en ik hoop dat hij het redt.”



Foto: Jaap Molenaar: ,,Na de scheiding van mijn ouders kon het me allemaal niet zoveel meer schelen. Het voetbal werd een uitlaatklep.”

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.