Naar de inhoud

Souvenirs uit De Seinpaal (foto's)

Bron: NIVO

Souvenirs uit De Seinpaal


Jan Smit (koet) 25 jaar na eerste landstitel zaalvoetballers Kras Boys

Geen club die het hen naderhand nadeed. Het zeldzame verhaal van een vriendenploegje dat een zaalvoetbalteam oprichtte in 1979 en onder de naam Kras Boys in één keer en vijf seizoenen tijd doorstoomde naar de landstitel. Exact een kwart eeuw geleden trilde De Seinpaal op zijn grondvesten toen een Volendams gezelschap na strafschoppen historie schreef. Met aan het roer coach Jan Smit (koet). Hij gaat terug in de tijd. Van onder meer een sporthal waar straks geen topsport meer bedreven wordt.

De oude kiekjes en de plakboeken komen op tafel, het graven in het geheugen verloopt probleemloos. Een foto toont het zwart-wit van het oud papier bij Kras Recycling als decor, met daarvoor het in rood-geel tenues mooi afstekende eerste ploegje van Kras Boys opgesteld. Met onder meer één van de meest geniale zaalvoetballers die ons land ooit voortbracht: de op dat moment zestienjarige Dick Kes.

Kras-fam
De Kras-fam met als afgevaardigden Jan Kras als speler en Theo als speler/begeleider/sponsor. Broer Henk speelt op dat moment bij ’t Gat van Nederland. Zwager Jan Smit (koet) heeft dan al het doel verdedigd van Job Boys en Sporthuis Theo Tol. ,,Maar mijn rug liet het niet meer toe. Zwager Theo vroeg me vervolgens coach te worden van een vriendenploegje, met naast Dick en Piet Kes verder Gerrie de Boer, Sjaak Molenaar, Fred Bond, Hans Veerman en Johan Steur.”

,,Ik was blij dat ik zo in het zaalvoetbal kon blijven. En we werden elk jaar kampioen. Eén van de weinige keren dat we verloren, was van US Edam. Dat moet ik nu nog al horen van Jan Klein…” ,,Ondertussen werd de ploeg aangevuld met spelers als Jan ‘barre’ Molenaar, Dick Kwakman (ket), Cor Veerman (buif), Jaap Zwarthoed (gokker) en zwager Henk kwam er ook bij.”

Onderaan de dijk was het kloppend hart van de club. In het huis van oma Kras aan de Zeedijk bij het recyclingbedrijf werden in het weekeinde de voorbije en komende wedstrijden doorgenomen. Smit: ,,Dat was de bestuurskamer. Oma en haar dochters waren ook nauw betrokken en misten bijna geen wedstrijd, zowel thuis als uit. En niet te vergeten ome Jens Kras, die als enige met een sigaartje in de sporthal mocht, anders kwam hij niet. Twee andere mannen volgden ons ook overal: collega Jan Kemper en Zeppi.”

De coach van de ploeg was vrachtwagenchauffeur bij Kras Recycling. ,,Onderweg hoefde ik geen systemen te bedenken, welke tegenstander er ook op komst was. Het zat zo goed in elkaar, ik hoefde tijdens wedstrijden praktisch nooit te wisselen. Dat was de kracht van Kras Boys. Ik ben er vaak door buitenstaanders op gewezen dat we verdedigend speelden, maar ik hechtte er gewoon waarde aan dat het achterin dicht zat en speelde eerst op resultaat. Uiteindelijk maakten we steeds de meeste goals.”

,,Piet Kes stond in het doel en voor hem stond een muur, met Henk Kras en Dick ‘Ket’. Die konden een hele wedstrijd spelen en ik wisselde pas als we dik voor stonden. Vóór dat tweetal liep zowel creativiteit als scorend vermogen in het veld. Gerry de Boer had de snelheid en het schot, Dick Kes de passes en de technische doelpunten en hij kreeg de bal ook door drie ‘kruizen’ heen bij Cor Veerman, waarvan tegenstanders zich dikwijls afvroegen waarom hij in Gods naam bij de tweede paal ging staan. Het was een kleine formatie die zo sterk was, als de Berlijnse muur.”

De succesformule leidde in eerste instantie tot de districtstitel. ,,Daar hadden we op de laatste speeldag wel de hulp van onze dorpsgenoten van ’t Gat van Nederland voor nodig. Die wonnen van Scagha. Bij ’t Gat was Piet Kroon (pedel), een vriend van me, de coach. Mooi jaloers op onze successen”, glimlacht Smit. ,,Maar dankzij hun inzet in Schagen mochten wij op voor de landstitel.”

‘Het waren de tijden dat je zo uit de vrachtwagen in de spelersbus stapte en het land inging’

,,Het was een bijzondere tijd. Aan ‘snippers’ deden we niet. Vaak stapte ik op vrijdagmiddag om vier uit de vrachtwagen zo de spelersbus in en dat gold ook voor de spelers. Dan gingen we het land in.” Via allerlei sporthallen kwam de finale in het zicht. In juni 1984 in Limburg kwam Kras Boys – zeer ongebruikelijk – niet tot scoren. De 2-0 nederlaag bij De Haantjes ten spijt zat en stond het publiek een week later rijen dik in De Seinpaal. Meer dan duizend toeschouwers waren getuige van een apotheose die zijn weerga niet kende.

,,In spanning leef je naar zo’n wedstrijd toe. Je bent zo dichtbij. En tweede, dat telt niet. Anderhalf uur voor de wedstrijd zag ik de mensen vanuit mijn huis al naar De Seinpaal fietsen. Zoals altijd verzamelden we een half uur van tevoren in de kleedkamer. Geen minuut later. Daarvoor namen we altijd even een bakje koffie en praatten wat bij. Dan had ik alle tenues al klaargelegd in de kleedkamer. Over tactiek hoede ik nooit moeilijk te doen. We gingen uit van de eigen kracht en er zat geen zwakke schakel tussen.”

,,De Haantjes had een superploeg. Met een enorme schare fans. Uiteindelijk verkeken ze zich op onze jonge jongens. Betaald voetballer Johan Steur deed in de return bij ons mee en we kwamen met 5-1 voor. Zij kwamen terug en door een 5-3 stand, ook na de verlening, werd het strafschoppen nemen. Een loterij. Want ook de beste spelers schieten in zulke situaties wel eens huizenhoog over.”

Omdat De Haantjes in de slotfase een speler in het doel had geplaatst om de achterstand kleiner te maken, moest die speler ook keepen tijdens de penalties. ,,Ze wilden hun keeper terug in het doel zetten, maar dat zorgde voor een rel. Uiteindelijk nam Gerry de Boer de beslissende penalty. Keihard in het net. Vlogen we met z’n allen om zijn nek en de vloer van De Seinpaal stond ineens vol met supporters. Onvergetelijk.”

,,Sfeer is altijd belangrijk geweest. Ik zorgde ervoor dat de spelers na afloop altijd aanschoven voor een biertje. Dan gebeurde het nog wel eens dat we er nog zaten wanneer kantinehouder Werner Smit het licht aandeed, maar dat hoorde erbij. Tenslotte waren het jongens van 21, 22 jaar oud. Sponsor en speler Henk Kras beloofde bij het begin van de competitie vaak een vat bier voor als we halverwege een bepaald aantal punten hadden gehaald. Dat motiveerde. Gezelligheid kende geen tijd van een ploeg die vol met humor zat; maar in het veld werd strijd geleverd. Er was weinig spelersverloop daardoor en inmiddels was er met Wim van der Niet iemand die alle zaakjes buiten het voetbal uitstekend regelde.”

‘Betalen’

Tien jaar lang was Smit hoofdcoach van een club die drie landstitels behaalde en ook de Benelux-beker zoveel keer won. ,,Totdat het ‘betalen’ in beeld kwam van spelers en coaches.” Toen moest hij het veld ruimen. ,,Ze wilden professioneler. Daarop moest ik opzij. Van de gemoedelijkheid van een vriendenploeg draaide de sfeer helemaal om. En werd het nooit meer zoals het was. Kras Boys had zich niet mee moeten laten sleuren door wat andere clubs deden.”

Hoe zuur ook, Smit ging wel in op het aanbod om het tweede team van de vereniging te gaan coachen. ,,Ik prentte mijn ideeën erin bij de jongens. Die werden meteen voor het eerst kampioen en met dat team creëerden we ook zo’n sfeer, dat sommige jongens niet eens meer met het eerste meewilden. Dat werd een relletje. Van dat kampioenschap genoot ik net zoveel als het landskampioenschap van het eerste. Het was mijn sportieve revanche voor het feit dat ik plaats moest maken.”

,,Zonde, want in de jaren daarna zag ik nauwelijks nog spelers na de wedstrijd ‘boven’ aan de tafel zitten. Wat was opgebouwd, werd afgebroken. Sommige spelers waren niet geïnteresseerd in geld, maar je hebt ook echte broodvoetballers. Dan krijg je kampen in een team.”

Het deed Smit pijn. Terwijl hij tussentijds meerdere dreunen kreeg te verwerken. ,,In korte tijd overleden er drie collega’s bij Kras Recycling, met Kees Sier, Jan Runderkamp en Ton Bont. Destijds sloeg de angst toe, want daarmee verdween bij ons één op de vier personeelsleden. Wie zou de volgende zijn?”

‘Niet te verhapstukken’

,,Bij het vrachtwagen-ongeluk van die laatste twee waren mijn zoons Alex en Leon betrokken. Zij overleefden, maar lagen maandenlang in het ziekenhuis. Mijn zuster overleed, mijn oudste broer en mijn jongste broer, Cor, onder een stapel hout bij Hein Schilder Bouw. Zo triest. Eigenlijk is dat niet te verhapstukken, allemaal. Je probeert door te gaan. Maar twee jaar geleden ging het mis… Ik stortte in.”

,,Ik zat te janken achter het stuur. Steeds weer. Tot ik eens een keer het adres van een vaste klant voorbij reed. Toen heb ik de vrachtwagen langs de kant gezet en mijn vrouw gebeld. Die had het al veel eerder verwacht. Een tijd lang had ik de dingen vooral afgereageerd op mijn omgeving. Bij de kleinste dingetjes zat ik de op de kast. Ik was zeer gesloten en liet niets los, helemaal niet aan mijn jongens. Maar buiten de deur probeerde ik een feestnummer te blijven. Bleef gein schoppen en was altijd de zogenaamde voorzet.”

,,Ik was het schaamtegevoel voorbij en nam zelf de stap om hulp te vragen aan een psycholoog. Dertig jaar geleden verklaarde men je nog voor gek, maar dat is nu niet meer. Sindsdien gaat het veel lekkerder met me. De psycholoog heeft me gereedschappen gegeven waar je je aan kunt vasthouden. Ik zou het mensen zeker aanbevelen om hulp te vragen wanneer ze het moeilijk hebben. Ondertussen ben ik ook in het koor van Forever Young gaan zingen en ik ben blij dat ik die stap heb gemaakt. Een ontzettend goede uitlaatklep. In die groep zitten ook een hoop clowns. Mijn zoons hebben het nu ook goed. Een genot om te zien. Als zij gelukkig zijn, heb je het zelf ook goed.”


Foto: Jan Smit over de bewuste avond: ,,Uiteindelijk nam Gerry de Boer de beslissende penalty. Keihard in het net. Vlogen we met z’n allen om zijn nek en de vloer van De Seinpaal stond ineens vol met supporters. Onvergetelijk.”


Foto: Grote vreugde bij Kras Boys na het behalen van de eerste nationale zaalvoetbaltitel in 1984.

3 reacties

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.

  • Ons vlaggeschip, "het eerste" is op fantastische manier kampioen geworden. Alles worg gedaan voor lijfsbehoud de komende jaren. Toch wil ik enigzins kritisch zijn mbt de vertegenwoordigende 11-tallen. De resultaten zijn zeer teleurstellend. Van a junioren t/m d junioren valt bijna alles tegen. Op een uitzondering na. Jammer vind ik het vooral dat van het 'gouden' B1 elftal van Berry Smit zo goed als alle Volendammers een afscheidsbrief hebben gekregen. Ik zie liever debuterende Volendammers in het eerste als Gerry Koning van 28 jaar die voor de 3e keer op hangende pootjes terug komt. Nu we weer een TELEVISIE team zijn vind ik ook dat er nadrukelijk eigen jeugd de kans moet krijgen, ondanks het hogere niveau van Eredivisie. Die mix moet te maken zijn.