Jaap Siebeling: verknocht aan het schaatsen (foto)
Het was de tijd van Ard en Keesie, van Peter Nottet met beslagen brillenglazen, Jan Bols - de nuchtere geweldenaar uit Hoogeveen, Fred Anton Maier - de schaatsende zeeman en van Per Ivar Moe, een fenomeen dat kwam, zag, overwon, ging en nooit meer terug is gekomen. Het was ook een tijd van stampen met de bevroren voeten, je handen warmen voor een oliekachel, leren schaatsen op de Achterhaven, loszittende veters aan de Friese doorlopers, ijskoude tochten maken rondom Edam en de tijd van locale schaatshelden zoals de onnavolgbare Jaap Siebeling. Want hoe je het wendt of keert, Jaap was voor velen een grote held als het aankwam op locale wedstrijden op de Balkenhaven. Hij moest het uiteindelijk afleggen tegen broodschaatsers uit de regio, maar dat maakte niets uit. Zo goed en mooi schaatsen als Jaap; nou dat wilde ik ook! Het schaatsen en Jaap zijn uiteindelijk altijd met elkaar verbonden gebleven. Op het ijs en op het droge. Na een mensenleven lang bij de IJsvereniging Edam actief te zijn geweest als bestuurslid en vrijwilliger, zwaait de man - die wij kennen met het shaggie in de mondhoek - tabee. Een mooi moment om Jaap eens aan het woord te laten.
Ruilverkaveling
"Ik woonde als klein ventje aan het Oorgat, nu het huis van de heer Luger. Dicht op het water en dat was tijdens de winter natuurlijk een prima plaats om te schaatsen, al werd er wel eens wat stukgevaren door de scheepvaart. Schaatsles? Ben je helemaal mesjokke, ik werd gewoon op het ijs geflikkerd en mocht het verder zelf uitzoeken. Ik leerde vrij snel en na de doorlopers en houten noren kreeg ik van mijn oma ijzeren noren. Nou dat was wat! Je ging gelijk een stuk harder. Rond die tijd ook begon ik met het maken van tochten door de Zeevang, samen met Cor Dorsman. Er was geen Lokkemientjeweg en ook die ellendige strekdammetjes langs de weg naar Oosthuizen waren er niet. Voor tochten schreven wij ons in bij Nicolai en stapten vervolgens bij de Westervesting op en zaten in een mum van tijd midden in de polder. Niks klunen of kruipen. Alleen maar schaatsen. Die ruilverkaveling in de Zeevang heeft wat het schaatsen betreft niet veel goeds gebracht."
Mieke Havik
"Jazeker, ik heb wel eens wedstrijden gereden, maar dan alleen in Edam. Er waren wel eens afvalwedstrijden en clubkampioenschappen op de Balkenhaven. Bij de afvalwedstrijden waren de Edammers uiteindelijk kansloos want dan waren er jongens uit het gewest die op de langebaan trainden met schaatstrainers en de hele santemekraam er omheen. Die gaven even gas en weg waren ze. Bij de clubkampioenschappen deed Mieke Havik mee. Die kon er wat van! Zij reed het hele veld compleet zoek."
Proefstart
"In 1981 stapte Cor van de Nes op als bestuurslid bij de IJsvereniging Edam en ben ik ingestapt. In 1983 werd ik jurylid en deed bij STG in Purmerend startwerk als starter en hulpstarter. Mijn dochter was er lid, vandaar dat ik bij STG ook bijsprong. Dat doe ik tot op de dag van vandaag nog steeds. Laatst in Heerenveen heb ik nog een aantal proefstarts gedaan met jongens als Simon Kuipers en Jacques de Koning. Dat is dan ook de enige mogelijkheid om gewoon contact met die jongens te hebben want zodra het wedstrijdtijd is mogen ze niet uit hun concentratie gehaald worden."
Flinke draai
"Anekdotes? We hebben ooit eens een route uitgezet voor de Noord-Hollandtocht. Bij Motel Katwoude haalden we even een versterkt opwarmertje. Het was koud hè. Ik denk dat wij drie keer zo lang over de terugweg hebben gedaan dan over de heenweg. Voor het uitzetten van een baan hadden wij een veger die niet zonder gevaar te starten was. Je moest hem een slinger geven met een stalen stang en als je pech had - en er een terugslag kwam - tja dan stond die slinger vol in je hoofd. Je begrijpt dit niemand er happig op was om hem aan de praat te krijgen.
Die veger heeft goede diensten bewezen. Hebben wij ooit eens een baan uitgezet tussen Edam en Monnickendam, hoorden wij via-via dat de veger van Middelie stuk was. Ach, toen hebben wij dat stukkie er ook maar even bij genomen. Burenhulp."
Sponsor
"Ik zit nu 28 jaar in het bestuur en vind het tijd dat een jonger iemand het stokje over neemt. Er moet jong bloed bij. Niemand zit te wachten op een bestuur met bejaarden. Toch? Theo de Lange die stopt zit tegen de 70 aan, ik ben 66, het kan dus wel weer. Ik zal de vergaderingen zeker missen want die waren altijd super gezellig. Moet je nu mijn nieuwe schaatsjack zien? Heb ik van Peter Gorter gekregen om langs de baan reclame te maken. Is het geen geweldige kwaliteit?"