Naar de inhoud

Deel Nederlandse industrie behoort bij wereldtop

Bron: Intermediar

De rol van de industrie in de Nederlandse economie is tanende. Maar de industrie die er nog is, behoort dikwijls tot de wereldtop
Is de Nederlandse industrie op haar retour? Velen denken van wel. In China, Vietnam en Zuid-Korea kunnen ze tastbare producten veel goedkoper in elkaar zetten dan hier, zo is de gedachte. En ook: laat ons hier maar het ontwerp, de sales en de marketing doen, dan besteden we de productie wel uit naar lage lonenlanden.

Even wat cijfers. In 1930 was de industrie goed voor 28 procent van de werkgelegenheid. In I990 was dat gedaald tot 22 procent en tegenwoordig heeft nog maar 11 procent van de werkenden, 900 duizend mensen, een betaalde baan in de industrie. Elke baan in de industrie, zo wordt wel gezegd, is goed voor nog een arbeidsplaats, bijvoorbeeld bij het installatiebedrijf dat de fabriek onderhoudt, bij de bank die de financiering regelt of bij het transportbedrijf dat zorgt voor de afvoer van de gemaakte spullen. Is het daarom niet zorgelijk dat de werkgelegenheid in de industrie steeds verder terugloopt? Dat valt mee. Om te beginnen zijn de cijfers van vroeger niet goed met die van nu te vergelijken. Industriële bedrijven hebben de afgelopen twintig jaar veel diensten uitbesteed. Vielen medewerkers van de catering, onderhoud, automatisering en de klantenservice vroeger vaak onder de sector waar zij in dienst waren - de industrie - tegenwoordig vallen zij, hoewel zij hetzelfde werk doen, onder de commerciële dienstverlening.

Mede hierdoor is de toegevoegde waarde van de industrie veel minder snel gedaald dan de werkgelegenheid. In 1990 bedroeg de toegevoegde waarde van de industrie 19 procent van het bbp, drie procentpunt minder dan het aandeel in de werkgelegenheid. In 2008 was dat 14 procent - drie procentpunt méér dan het aandeel in de werkgelegenheid. Dat betekent dat de industrie die er nog is wel veel productiever is dan de grotere industriesector van vroeger. Dat komt niet alléén door statistische onvergelijkbaarheid; het komt ook doordat de industrie veel meer dan de dienstensec-tor is blootgesteld aan internationale concurrentie en daarom voortdurend bezig is de productiviteit te verhogen. Door de productie verregaand te automatiseren en door niet alleen diensten, maar ook delen van de productie uit te besteden.

De bedrijven die overblijven zijn niet per se hightechbedrijven als ASMI., Philips, Fokker Aircraft Services en Nedap. De Nederlandse industrie kent ook makers van schepen, staal, postzegels en verf die tot de wereldtop in hun sector behoren. Dat alles neemt niet weg dat er in elke recessie meer industriële bedrijven uit Nederland verdwijnen dan er naderhand bijkomen, zegt Jules Theewes, hoogleraar economie en directeur van de SEO Economisch Onderzoek. 'Nederland zal altijd een geavanceerde industrie blijven houden. Maar ten opzichte van andere sectoren wordt de industrie wel steeds kleiner. Dat ligt niet zozeer aan de krimp van de industrie in absolute zin, maar aan de snelle groei van andere sectoren, zoals de zorg.'

Onderschat product
Bij Boon Edam in de hal staat een futuristische glazen cilinder, waarvan de eerste deur alleen opent met een persoonsgebonden identificatiepas. Een intelligent camerasysteem test of er meer dan één persoon in de cilinder staat. Een irisscan controleert of de persoon in de cilinder ook de eigenaar van de pas is. Pas dan gaat de tweede deur open. Dit is de meest geavanceerde 'entrance solution' van Boon Edam, begonnen in 1873 als timmerfabriek, maar nu wereldwijd marktleider in draaideuren. Het bedrijf maakte ook een draaideur in Manilla bedekt met bladgoud, en een gigantische deur in New York met erin een compleet aquarium met kleine haaien.

'Draaideuren zijn een onderschat product', zegt Jan Jongerling, hoofd van de fabriek. Er zit veel meer techniek in dan mensen denken. Onder de fabriek, niet toegankelijk voor bezoekers, bevindt zich de 'geheime kelder', waar de nieuwste technieken worden ontwikkeld en getest. Zo is er de 'Flowslide', een deur ontwikkeld voor vliegveld Charles de Gaulle, waar twee passagiersstromen elkaar kruisen, maar zich niet met elkaar mogen vermengen. Het is een soort sluisdeur geworden. Boon Edam is de enige ter wereld die die specifieke deur maakt.

'We waren er vroeg bij. We zijn beregoed. En we zeggen nooit nee, hoe moeilijk de opdracht ook is', zo verklaart marketing manager Henk Goede het succes van het bedrijf. Daarbij heeft Boon Edam de draaideur van onder tot boven gepatenteerd. Dat helpt ook. Licenties geeft het bedrijf niet af. Het bedrijf maakt in Edam vooral deuren voor de Europese markt. De deuren zijn onhandig om te vervoeren. Daarom wil het bedrijf het liefste midden in zijn markt zitten. Het bedrijf heeft wel een fabriek in China, maar die produceert vrijwel uitsluitend voor de Chinese markt.

De hele productie verplaatsen naar China, dat wil de eigenaar van Boon Edam niet. Het bedrijf moet dicht bij de klant zitten om geregeld te kunnen overleggen. 'Dat gaat veel verder dan: de deur moet nu een meter groter of kleiner', zegt Jongerling. 'We praten met de architect over het aantal mensen dat erdoor moet, over drie of vier vleugels, over welk softwareprogramma er in de deur komt, over de afmeting van de lobby en de luchtstroom door het gebouw. In een wolkenkrabber trekt de lucht naar boven en zuigt de deur vacuüm. Daarmee moeten we rekening houden. Als we eruit zijn met de architect komt meestal de aannemer vertellen dat wat de architect wil, niet uit te voeren is. Dan wordt die deur weer gewijzigd. En bij alle wijzigingen aan de rest van het gebouw moet de deur zich aanpassen. De deur is het sluitstuk.'

Aluminium en glas gaan aan de ene kant de fabriek in, aan de andere kant rollen de prefab bouwpakketten eruit - de elektronica zit er dan al in en de onderdelen hoeven op de bouwplaats alleen nog maar in elkaar geschroefd te worden. Hoog boven de freesmachines hangt een breedbeeld-tv. Niet voor het voetbal, maar voor de planning. Het bedrijf heeft de hele workflow onlangs omgegooid. Eén teamleider houdt een deur van preproductie tot assemblage in de gaten. In plaats van negen dagen per deur is de doorlooptijd nu drie dagen. Dat scheelt. Na een dip vorig jaar zit het bedrijf weer op 25 draaideuren per week.

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.