Naar de inhoud

Een slachtoffer van ná de brand

Bron: Peter Louter

Al een paar jaar liggen er wat stukken op mijn bureau waar ik graag wat mee wil doen. Ze hebben echter betrekking op wat voorafging aan de brand in het Hemeltje, en over wat er daarna volgde. Een brandbaar onderwerp eigenlijk ,waar ik liever bij uit de buurt bleef.

Kennis maakt echter verantwoordelijk. Het belast mijn geweten. Je zou je daar niet aan mogen onttrekken. Daarom verdwenen die stukken niet van mijn bureau. Ze liggen te wachten op het moment dat ik er wat mee ga doen en dat moment is nu aangebroken.

Er is een slachtoffer van ná de brand. Het is hem niet aan te zien. Zijn lijf is niet geschonden door brandwonden. Zijn ziel is niet belast met het trauma dat het inferno in het Hemeltje bij de aanwezigen heeft achtergelaten. De omvangrijke hulpverlening heeft hem niet in de armen gesloten, niet getroost en niet geholpen. Zondebokken staan er meestal alleen voor en worden door bijna iedereen in de steek gelaten. Maar een slachtoffer is hij wel. Hij is het slachtoffer van alle verantwoordelijken die niet in staat waren hun verantwoordelijkheid te dragen en hem daarom naar beneden doorschoven. Ik ga geen namen noemen. Dat is nu niet zo interessant meer. Interessant is om vast te stellen dat het ging om collectieve schuld. Geen directe schuld. De brand was het gevolg van een reeks van oorzaken. Van gebrekkige procedures, van verkeerde inschattingen en gebrek aan handhaving op verschillende niveaus. Achteraf, als de rust is teruggekeerd, is het gemakkelijk vast te stellen wat er allemaal fout is gegaan.

Direct na de ramp ging dat anders. In de schrik en paniek na de brand wilde niemand in verband worden gebracht met schuld aan het gebeurde. De gevolgen van de brand waren gewoon te erg. Te erg om het eigen aandeel in de reeks van oorzaken en gevolgen onder ogen te durven zien. Dan begint het afwentelen van schuld.

De schuld rolt de trap van verantwoordelijkheden af naar beneden en blijft steken op het punt waar de trap eindigt. Bij mensen die geen macht hebben en die niet over netwerken beschikken die ze kunnen beschermen. Een van hen was Cees Bont, de ambtenaar belast met brandpreventie. Zijn naam werd ten onrechte publiekelijk gebruikt om verantwoordelijkheden naar af te schuiven. Maar Cees Bont had zijn werk juist wel goed gedaan. Dat kon hij ook bewijzen. Maar daar werd druk overheen gepraat door anderen die alles aangrepen om zelf uit de wind te blijven of anderen uit de wind te houden.

De nasleep van de brand heeft een aantal losse eindjes nagelaten. Rafels die terecht zijn gekomen bij mensen die dat geenszins verdienden en die nadien nooit zijn gehecht. Cees Bont is daar een van. Hij is een slachtoffer van ná de brand. Zijn langdurig trauma is het onrecht wat hem is aangedaan. Hij is terechtgekomen op een achterafplekje in de geschiedenis en loopt al bijna tien jaar rond met het verdriet dat hem en zijn gezin is aangedaan en met het onrecht dat nooit is rechtgezet. Tien jaar is veel te lang voor zoiets. Dat zijn gewoon veel te veel dagen dat je met een last op je schouders loopt die daar alleen maar door anderen vanaf kan worden gehaald.

Door erkenning van de ongerechtvaardigdheid van die last. Tien jaar is misschien ook lang genoeg om het eindelijk mogelijk te maken dat die last van hem wordt afgenomen. Cees Bont heeft het barre lot getrokken om een van de zondebokken te worden, waardoor anderen zich konden vrij pleiten. Hij was niet de enige. In de consternatie en paniek na de brand zijn er dingen gebeurd die we misschien menselijk kunnen noemen, maar weinig verheffend waren. Gerommel met dossiers, doofpotten, wegmoffelen, rekeningen vereffenen (het zittende college, van CDA, VVD en PvdA, wees VD'80 aan als zondebok), machinaties, handen boven het hoofd houden, waarheden verdoezelen en zondebokken zoeken, vormden de duistere kant van de nasleep van de brand.

De nasleep van de brand bracht ook de goede en soms grootse kanten van mensen aan het licht. De kant waarin mensen compassie toonden en zich naar vermogen in hebben gezet om het ontstane leed te delen, te verzachten en te compenseren.

Op die kant wil ik beroep doen. Ik weet niet precies waar ik dat beroep moet neerleggen. Het zou denk ik een initiatief en taak van de gemeenteraad kunnen zijn om na tien jaar, en met de kennis van nu, de laatste rafels te hechten. In dit geval zou dat betekenen dat Cees Bont volledig eerherstel krijgt en weer wordt teruggeplaatst in zijn oude functie waarin hij op tijd was begonnen om te waarschuwen voor de gevaren die er dreigde.

Dat is de ènige manier om de last die ten onrechte op zijn schouders is komen te liggen weer van hem af te nemen. Het is de enige manier om na de brand gemaakte fouten recht te zetten. Het is de enige manier om hem het leven, dat hem is afgenomen, weer terug te geven.

Peter Louter

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.