Naar de inhoud

Vraag en antwoord Raadsplein 26 mei 2011

Bron: Gemeente

Bespreekronde Ia

Derde ontsluitingsweg

Fractie Lijst Kras

Ergens in de Nivo (niet op de gemeentepagina) stond een klein bericht met blauwe achtergrond over de derde ontsluitingsweg.

Er zaten subtiele verschillen in vergeleken met de berichtgeving van het college n.a.v. de vragen over de derde ontsluitingsweg door Lijst Kras.

In de Nivo wordt gesuggereerd dat de derde ontsluitingsweg min of meer toch bij de Broeckgouw hoort.

Hij moet gerealiseerd worden na het voltooien van de Broeckgouw en daarop wordt dan vanaf 2015 geanticipeerd.

In de beantwoording naar Lijst Kras staat letterlijk:

Daarnaast is de weg noodzakelijk ten behoeve van de ontsluiting van de Lange Weeren.

Op dit moment vindt een actualisering plaats van de geraamde kosten (op basis van de thans beschikbare informatie). Naar verwachting zal in het 1e kwartaal van 2011 besloten worden of de planvorming zal worden voortgezet dan wel in de wacht wordt gezet en qua planvorming gelijk met de Lange Weeren zal gaan oplopen.

In het bestemmingsplan zal namelijk de economische uitvoerbaarheid moeten zijn onderbouwd en de vraag is of dat mogelijk is zolang er nog geen afspraken zijn gemaakt met een ontwikkelaar m.b.t. de aanleg van de Lange Weeren en dan met name het verhaal van kosten van diverse voorzieningen w.o. de 3e ontsluitingsweg die als bovenwijkse voorziening ten behoeve van de Lange Weeren is c.q. kan worden aangemerkt.

Vraag:     

De vraag blijft nog steeds: Wat gebeurt er met de miljoenen die aan de grondkopers van de Broeckgouw in rekening worden gebracht t.b.v. de derde ontsluitingsweg terwijl die “als bovenwijkse voorziening van de Lange Weeren” kan worden aangemerkt?

Bijkomende vraag is nu waarom de bevolking op subtiele wijze krijgt voorgeschoteld dat de derde ontsluitingsweg bij de Broeckgouw hoort.

Antwoord:

Geen antwoord binnengekomen op de griffie

 

Voorstel inzake de voorjaarsnota

Fractie Lijst Kras

Pagina 6 van de voorjaarsnota

Vraag:     

Waarom is blad 1 Bestuur helemaal leeg?

Antwoord:

Met betrekking tot programma 1 Bestuur zijn er geen voorstellen en vinden er geen bijstellingen plaats.

 

Voorstel 5 pagina 9 van de voorjaarsnota

Vraag:     

Geen vooroever project meer. Afgeblazen. Het krediet kan afgevoerd (blz. 9) Blijft over het door de gemeente jaarlijks verplicht uitbaggeren van de Buiten haven. Zijn daarvoor op een andere plaats gelden gereserveerd?

Antwoord:

In principe wordt het jaarlijkse baggeren bekostigd uit het budget voor de haven Edam. Daarnaast is er een bestemde reserve uitvoering baggerwerken aangelegd ter dekking van de jaarlijkse kapitaallasten en onderhoudskosten voortvloeiende uit het planmatige baggeronderhoud aan vaarten en waterwegen in de gemeente. Het huidige baggerplan reikt tot en met de jaarschijf 2013. Momenteel worden voorbereidingen getroffen voor het opstellen van een nieuw baggerplan. Extra nog niet geraamde kosten van baggeren zullen opgenomen worden in dit plan en gedekt moeten worden uit deze bestemde reserve.

Voorstel 14,15 en 16 pagina 14 en 15 van de voorjaarsnota

Vraag:     

Veel (onderhouds) werkzaamheden konden in 2010 vooral in het najaar niet uitgevoerd worden. Die bedragen zijn doorgeschoven naar 2011, zonder gevolgen voor onvoorzien (zie voorstel 15 en 16 blz. 15).

Heeft dat wel consequenties voor een vergelijkbaar voorstel zoals voorstel 14 (blz. 14)?

Antwoord:

De kosten van voorstel 15 en 16 zouden in 2010 gedekt worden uit de bestemde reserve onderhoud gemeente-eigendommen. Aangezien deze kosten nu in 2011 gemaakt worden zal de dekking in 2011 in plaats van in 2010 uit de bestemde reserve onderhoud gemeente-eigendommen plaats vinden. Daardoor heeft dit geen gevolgen voor het saldo onvoorzien. De kosten van voorstel 14 worden niet gedekt uit een bestemde reserve en komen daardoor ten laste van het saldo onvoorzien.

Pagina 37 van de voorjaarsnota

Vraag:     

Blz. 37 van de voorjaarsnota daalt het aantal inwoonruimten in 2011 met 5  (11.982 wordt 11.977) . Er zijn toch 57 woningen in de Broeckgouw begin dit jaar opgeleverd en het Siriusplein komt er aan dit jaar. Hoe zit dat?

Antwoord:

Naast de toename van woningen door het Siriusplein en de Broeckgouw is er een afname van woningen door de sloop Kielstraat/Julianaweg en Nicolaashof. Per saldo een afname van 5 woningen.

Pagina 38 van de voorjaarsnota

Vraag:     

Blz. 38 vanaf prioriteit  2011-10 naar beneden toe, kolom investering 2011 (2e ) staan de meeste bedragen bij investering, terwijl ze bij het prioriteitenprogramma 2011 bij de Jaarlast staan genoemd. Waarom is dat?

Antwoord:

Het overzicht op pagina 38 heeft als doel inzicht te geven in het verloop van de geraamde prioriteiten en investeringen. In dit overzicht moeten de bedragen in de kolom investering 2011 gezien worden als daadwerkelijk in 2011 uit te geven en te betalen bedragen. Bij het opstellen van het prioriteiten-programma 2011 is er van uit gegaan dat de bedragen behorende bij de prioriteiten uit 2011 met de nummers 10, 12, 15, 18,19, 20 en 24 in 2011 daadwerkelijk uitgegeven en ook betaald moeten worden. Aangezien deze bedragen ineens ten laste komen van het jaar 2011 en er niet over wordt afgeschreven is de kolom jaarlast niet automatisch gevuld. Voor de duidelijkheid zullen wij in toekomst bij dergelijke prioriteiten ook de kolom jaarlast vullen, zij het dan weliswaar met hetzelfde bedrag als is opgenomen in de kolom investering.

Pagina 38 van de voorjaarsnota

Vraag:     

Prioriteit 2011-25 Aankoop panden Schepenmakersdijk staat in de voorjaarsnota voor € 3.700.000,- en in het prioriteiten programma 2011 voor € 3.880.000,- terwijl bij beiden als Jaarlast 2011 € 487600.- wordt opgegeven?

Antwoord:

Ten tijde van het opstellen van het prioriteitenprogramma 2011 is uitgegaan van een totale investering van € 3.880.000. Dit bestond uit een koopsom van € 3.700.000 en diverse andere kleine investeringen. De hierbij behorende lasten waren in totaal € 487.600. Omdat de investeringen in het administratieve systeem apart zijn opgenomen is in de voorjaarsnota per abuis alleen het bedrag van de koopsom van € 3.700.000 opgenomen.

Voorstel inzake controleprotocol en normenkader jaarrekening 2010.

Fractie

Vraag:     

Antwoord:

 

 

Voorstel inzake Nota reserves en voorzieningen

Fractie PvdA

Onderhoud inrichting huisvesting pagina 20

Vraag:

Is deze reserve Onderhoud inrichting huisvesting met 19.000 nog zinvol en is er een reden waarom deze niet gevoegd is bij de reserve gemeentelijke eigendommen.

Antwoord:

De bestemde reserve 095.090 Onderhoud gemeentelijke eigendommen is aangelegd om lasten te dekken die verband houden met onderhoud aan gemeentelijke eigendommen.

Het betreft hier kantoren en andere gebouwen welke in eigendom zijn van de gemeente.

De bestemde reserve 095.050 Onderhoud inrichting huisvesting heeft betrekking op de inrichting van gemeentelijke kantoren. Het restant van deze reserve kan worden gebruikt voor noodzakelijke uitgaven die voldoen aan de bestemming van deze reserve.

Stads- en dorpsvernieuwing pagina 26

Vraag:

Budget voor Stads- en dorpsvernieuwing is gering. Is er geen plan voor deze reserve?

Antwoord:

Afgezien van de in de nota genoemde doelstelling bestaat er momenteel geen andere bestaansreden voor deze bestemde reserve. Tot en met 2015 worden uit deze reserve jaarlijks de kapitaallasten gedekt van de investering Reconstructie Slobbeland/Woningontwikkeling. Volgens de huidige prognose zal per 1-1-2016 nog een saldo resteren van € 59.140. Voor dit bedrag bestaat momenteel geen bestemming. Dit bedrag kan conform de bestaansreden van deze reserve aangewend worden voor toekomstige werkzaamheden op het gebied van stads- en dorpsvernieuwing.

 

Afkoop onderhoud graven/nissen pagina 29

Vraag:
Er zijn geen onttrekkingen over afgelopen 4 jaar geweest uit de reserve Afkoop onderhoud graven/nissen. Er is geen duidelijk plan en ook geen plan in voorbereiding Kan hier aangegeven worden waarvoor deze reserve in stand moet worden gehouden en waarom de reserve toe moet nemen met 11.500 per jaar.

Antwoord:

De toevoeging is afhankelijk van het afgekochte onderhoud en is gebaseerd op werkelijke gegevens van voorgaande jaren. Op dit moment zijn er diverse ontwikkelingen gaande met betrekking tot de algemene begraafplaats in Edam. Ter dekking van hieruit voortvloeiende kosten kan de bestemde reserve afkoop onderhoud graven/nissen worden ingezet.

 

Onderhoud Buitensportaccommodaties pagina 38

Vraag:

Kan aangegeven worden waarom de reserve Onderhoud Buitensportaccommodaties moet groeien tot 800.000

Antwoord:

De jaarlijkse vaste toevoeging aan deze reserve bedroeg in 2009 nog € 175.000,  in 2010 € 150.000 en nu wordt voorgesteld deze toevoeging te verlagen tot € 120.000. Deze vaste toevoeging is niet afgeleid van een streven naar een saldo van € 800.000, maar is bedoeld om de jaarlijkse lasten van het onderliggende onderhouds- en investeringsplan te kunnen dekken. De actualisatie van dit plan reikt momenteel niet verder dan de jaarschijf 2014. De onttrekkingen na 2014 die in de onderste tabel op pagina 38 van de nota zijn opgenomen betreffen uitgaven uit eerdere jaren waarvan de vervangingstermijn is verstreken. Bij het samenstellen van de nota Reserves & Voorzieningen is uitgegaan van de verwachting dat een actualisatie van de plannen na 2014 zal leiden tot een kostenniveau dat de huidige vaste jaarlijkse toevoeging zal rechtvaardigen.

Centrale Antenne Installatie pagina 40

Vraag:

Bij de reserve Centrale Antenne Installatie vinden wij een vreemde omschrijvingen. Reserve tbv aanleg, uitbreiding, groot onderhoud, maar afnemend tot slechts 200.000 en alleen gevoed met rente. Vooral de conclusie dat de inhoud van de reserve niet buiten proporties is, is ons onduidelijk.

Antwoord:

Met de constatering dat de omvang van deze reserve niet buiten proporties is wordt bedoeld dat de hoogte van deze reserve, in relatie tot de boekwaarde van de CAI investeringen, zeker niet te hoog is maar toereikend om de kapitaallasten van de huidige investeringen tot het einde van de looptijd (2016) te kunnen dekken.

Buitengewone personele kosten brandweer pagina 44

Vraag 6:

De reserve Buitengewone personele kosten Brandweer heeft als doel, dekking buitengewone personele kosten (inhuur externe deskundigheid) Kennelijk zijn er onttrekkingen geweest alleen zijn die niet te zien in de tabel. Welke reden is er om dit op een max van 100.000 te stellen.

Antwoord:

Er zijn geen onttrekkingen geweest. Indien er in de toekomst onttrekkingen gaan plaatsvinden hebben we een idee hoe hoog deze kosten nu werkelijk zijn. Dan kan opnieuw worden beoordeeld hoe hoog deze reserve nu eigenlijk moet zijn. De € 100.000 is een schatting.

Volkshuisvestingsdoeleinden pagina 47

Vraag:

Volkshuisvestingsdoeleinden De fractie dacht dat de gemeente over 2010 een afkoopsom BLS en BWS heeft ontvangen. Als dat zo is dan is die storting niet terug te vinden in de reserve Volkshuisvestingsdoeleinden

Antwoord:

Dit bedrag is in 2010 als inkomst verantwoord in Programma 10. Met het bestemmen van het rekeningsaldo 2010 wordt voorgesteld om dit bedrag in de reserve Volkshuisvesting te storten.

 

Afvalstoffen pagina 53

Vraag:

Wij vinden een onduidelijke beschrijving in de reserve Afvalstoffen. Het is een egalisatiefonds, geen gewenste omvang, voorstel is dit op te heffen omdat voor dit doel een bestemde reserve moet worden gevormd. Dit was toch een best. Reserve. Kan dit worden toegelicht

Antwoord:

Het is niet duidelijk wat de vrager precies bedoelt. Feit is dat in het verleden onderbestedingen en/of hogere opbrengsten aan deze bestemde reserve, die het karakter heeft van een egalisatiefonds, zijn toegevoegd. Eveneens wordt in de jaren 2010 en 2011 het eerder uit hogere opbrengsten opgebouwde saldo van deze reserve aangewend voor het oorspronkelijke doel: verlichting van de belastingdruk voor de burgers. Van een gewenste omvang is bij deze reserve geen sprake, omdat een toevoeging aan deze reserve pas plaatsvindt indien bij de vaststelling van de jaarrekening over enig jaar blijkt dat de opbrengsten van de afvalstoffenheffing hoger zijn dan de kosten van dit onderdeel en dit bij de bestemming van het rekeningsaldo wordt toegevoegd aan deze reserve.

 

Tot eind 2009 was hier een voorziening voor gevormd. In 2010 is deze voorziening omgezet, (voorschrift accountant jaarrekening 2009) in een bestemde reserve. Vandaar dat er bij overige van belang zijnde onderwerpen staat dat de voorschriften aangeven dat er hier (dus in 2010) een bestemde reserve voor gevormd moest worden. Als het saldo na 2011 nihil is kan deze reserve worden opgeheven.  Maar dit geldt in principe voor elke reserve waarin geen saldo aanwezig is.

Asielbeleid/VVTV pagina 56

Vraag:

De reserve Asielbeleid/VVTV lijkt ons zinvol. Het is alleen bijzonder dat er geen beschikkingen zijn geweest de afgelopen jaren. Komen er geen aanvragen, is men niet op de hoogte van deze mogelijkheid of wordt hier te streng mee omgegaan.

Antwoord:

De reserve Asielzoekers/VVTV is opgebouwd voor de inkomensuitkering aan Asielzoekers. De naam Asielzoeker is gewijzigd in Statushouder. De inkomensvoorziening wordt betaald via de WWB. De reserve zal worden gebruikt om de tekorten aan subsidie aan te vullen. De reserve is de afgelopen jaren niet gebruikt omdat eerst de reserve WWB is opgebruikt. Deze is nu leeg. Bij de najaarsnota zal worden voorgesteld de reserve Asielzoekers in 2011 aan te spreken.

 

 

 

Structuurfonds pagina 61

Vraag:

De reserve Structuurfonds kent een aardige verwijzing naar hoogte alg.reserve en reserve Grondexploitatie. Bij alg. reserve wordt nog een bedrag genoemd bij de res. Grondexploitatie niet. Dat is niet duidelijk. Waar blijven de 10.000 per nieuwe woning eigenlijk? Volgens de tekst wordt de rente toegevoegd aan de reserve maar volgens het overzicht gebeurd dat niet

Antwoord:

Bij de Algemene .reserve en de reserve Grondexploitatie staat gemotiveerd wat de gewenste omvang moet zijn. Bij de reserve Grondexploitatie wordt geen exact bedrag genoemd maar wordt vermeld dat het huidige saldo voldoende is om de huidige risico’s op de grondcomplexen af te dekken.

 

Ten aanzien van de bijdrage van € 10.000 per nieuwe woning heeft de raad op 17 februari 2011 de Nota Grondbeleid vastgesteld. Hierin het volgende opgenomen:


  • Bij de uitgifte van eigen grond aan particulieren ten behoeve van woningbouw hanteert de gemeente een opslag van een vast bedrag per woning (EUR 10.000, prijspeil 2007-2011)

  • De gemeente heeft op basis van de gemeentelijke structuurvisie een fonds voor bovenplanse voorzieningen. De fondsbijdrage wordt opgenomen bij het opstellen van een exploitatieopzet behorende bij een exploitatieplan dan wel in een te sluiten overeenkomst.

  • Incidenteel geldt op locatieniveau een bijdrage aan bovenwijkse voorzieningen. Ter bepaling van de hoogte van de bijdrage gelden de wettelijke criteria profijt, toerekenbaarheid en proportionaliteit.


Met ingang van het begrotingsjaar 2011 is besloten om de rente niet meer toe te voegen aan het saldo van de bestemde reserve. De tekst onder het kopje “gewenste omvang etc”  is inderdaad niet meer juist en moet nog aangepast worden. Onder het kopje “overige van belang zijnde opmerkingen” staat wel de juiste tekst opgenomen.

Afwikkeling Drugsbeleid pagina 71

Vraag:

De reserve Afwikkeling Drugsbeleid heeft nauwelijks inhoud. Waarom wordt niet voorgesteld deze samen te voegen met reserve PvA drugsbestrijding

Antwoord:

De bestemde reserve Afwikkeling Drugsbeleid ( 095.580) en Plan  Aanpak Drugsbestijding (095.340) dienen hetzelfde doel, namelijk de financiering van het plan alcoholontmoediging en drugsbestrijding. Er is geen inhoudelijk bezwaar tegen het samenvoegen van deze reserves. Het saldo van € 3.275 van de bestemde reserve Afwikkeling Drugsbeleid  (095.580) zal in 2011 naar verwachting aangewend worden ter dekking van kosten. Aangezien de reserve daarna leeg is en opgeheven wordt stellen wij, ter voorkoming van onoverzichtelijkheid en onnodige administratieve lasten,  voor niet tot samenvoeging over te gaan.

Toerisme pagina 75

Vraag:

De reserve Toerisme heeft een geringe omvang en is zeker niet voldoende om projecten mee te financieren. Waarom wordt niet voorgesteld deze reserve jaarlijks te vullen met de inkomsten uit de  toeristenbelasting

Antwoord:

De inkomsten toeristenbelasting worden in de begroting en meerjarenraming gebruikt als algemeen dekkingsmiddel.

 

Voorstel inzake nadeelcompensatieregeling Noordeinde – haven – Zuideinde.

Fractie VVD

Rondom de nadeelcompensatieregeling hebben wij een aantal inhoudelijk en een aantal algemene vragen waar wij graag een toelichting op krijgen. Het gaat daarbij niet om de juridische juistheid, maar om de vraag hoe verstrekkend of ruimhartig de regeling uiteindelijk uit kan pakken (of juist niet). De vragen zijn de volgende:

 

Vraag:  

De opdracht om een nadeelcompensatieregeling te maken is gegeven aan

een extern bureau. Welke kaders zijn bij die opdracht meegegeven?

Antwoord:

Aan het externe bureau is gevraagd om een risicoanalyse op te stellen inzake planschade en nadeelcompensatie voor de maatregelen die getroffen worden en verkeersregelingen die ingesteld worden op het Noordeinde, Haven en Zuideinde.

Bij de risicoanalyse is vervolgens, op ons verzoek door het externe bureau, een concept nadeelcompensatieregeling gevoegd voor deze specifieke situatie, zodat deze bij de belangenafweging van het te nemen verkeersbesluit kan worden meegenomen.

De risicoanalyse en de concept nadeelcompensatieregeling zijn vervolgens extern getoetst door de gemeentelijke advocaat. Naast een aantal opmerkingen over de analyse zijn er geen opmerkingen gemaakt over de nadeelcompensatieregeling.

 

Vraag:

Een schaderegeling in het kader van goede ruimtelijke ordening bestaat al in de vorm van een wettelijke planschaderegeling. Waarom stelt het raadsvoorstel dat in het kader van goede ruimtelijke ordening het verstandig is een nadeelcompensatieregeling in te stellen?

Antwoord:

Wij beschouwen ruimtelijke ordening breder dan alleen ruimtelijke ordening in de zin van de Wro.

De Wro bepaalt dat een belanghebbende ten gevolge van een planologische maatregel als bedoeld in artikel 6.1 lid 2 van de Wro voor planschade in aanmerking kan komen. Maatregelen zoals het herstructureren en/of afsluiten van wegen en het aanleggen of verwijderen van parkeervakken vallen niet onder de Wro maar beschouwen wij in dit geval wel als ruimtelijke ordening. Voor deze maatregelen kan geen planschade geclaimd worden, maar wel nadeelcompensatie op basis van een rechtmatige uitoefening van publiekrechtelijke bevoegdheid of taak. De schade als gevolg hiervan die moet uitgaan boven het normaal maatschappelijk risico en een benadeelde in vergelijking met anderen onevenredig zwaar treft, dient het bestuursorgaan, op basis van het rechtsbeginsel van de gelijkheid van openbare lasten, de benadeelde op zijn aanvraag te vergoeden.

Vraag:

Waarom wordt gekozen voor volledige schadevergoeding en niet voor een redelijke tegemoetkoming in schade? (mede in het licht van de positieve effecten van het Marinapark op de lokale economie)

Antwoord:

De concept nadeelcompensatieregeling stelt in artikel 3: “voor zover de schade redelijkerwijze niet of niet geheel te zijnen laste behoort te blijven en voor zover een vergoeding niet, of niet voldoende, op andere wijze is verzekerd.”

Vraag:

Waarom wordt schadevergoeding toegekend op basis van een voorgenomen verkeersbesluit?

Antwoord:

Het vergoeden van schade kan plaatsvinden via een zelfstandig of via een onzelfstandig schadebesluit. Van een onzelfstandig schadebesluit is sprake, indien in het kader van de besluitvorming tevens een financiële belangenafweging heeft plaatsgevonden. Er is dan nog geen besluit genomen. In die fase wordt gesproken over een voorgenomen besluit.

Vraag:

Waarom gaat de rente lopen bij het indienen van de aanvraag? (juist in combinatie met een voorgenomen, nog niet uitgevoerd of onherroepelijk besluit en toekomstige, verwachte schade)

Antwoord:

In het voorontwerp van wet - Vierde tranche Algemene wet bestuursrecht - is over het vergoeden van rente bepaald: De ingangsdatum voor het bepalen van de wettelijke rente is de datum van ontvangst van de aanvraag of, indien de schade pas later is ingetreden, het tijdstip waarop de schade is ontstaan.”

Voorgesteld wordt in de concept nadeelcompensatieregeling toe te voegen: “indien de schade pas later is ingetreden, het tijdstip waarop de schade is ontstaan.”

Vraag:

Bestaat nog de noodzaak om de regeling vast te stellen, nu er voldoende draagvlak is voor de maatregelen en naar verwachting geen gang naar de rechter wordt gemaakt?

Antwoord:

Als er geen regeling wordt vastgesteld kunnen belanghebbenden altijd nog verzoek tot schadevergoeding indienen, Met de voorgestelde regeling wordt duidelijkheid gecreëerd op welke wijze de gemeente met nadeelcompensatie omgaat.

Vraag:

En zo ja, is dat dan nodig voor 5 jaar? Binnen 2 jaar is eventuele schade toch ook inzichtelijk en zijn eventuele aanvragen toch ook te dienen?

Antwoord:

Met de termijn van vijf jaar is aansluiting gezocht bij het voorontwerp van wet en de termijn die ook voor planschade ingevolge de Wro geldt.

Vraag:

Is het beleidsmatig niet verstandiger om aan te geven dat het om feitelijke schade moet gaan, die een direct gevolg is van een onherroepelijk geworden verkeersbesluit of uitgevoerde werkzaamheden, waarbij sprake is van een redelijke tegemoetkoming en de aanvraag pas na het onherroepelijk worden van het besluit kan worden ingediend?

Antwoord:

Met de tekst in de concept nadeelcompensatieregeling is zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij jurisprudentie en het voorontwerp van wet.

 

 

Fractie Groen Links

Een goede regeling voor nadeelcompensatie is onmisbaar. Over dit voorstel hebben wij echter nog enkele vragen en twijfels, met name over de onevenwichtigheid van de regeling: het college heeft vrijwel absolute en onbeperkte macht, de aanvrager heeft nauwelijks rechten, zekerheden en/of beroepsmogelijkheden. Wij vragen het college daarom:

Vraag:

Artikel 6 lid 1 geeft het college de bevoegdheid om een aanvraag zonder meer te weigeren als deze “kennelijk ongegrond is” en toe te kennen als deze “zonder nader onderzoek voor toewijzing vatbaar is”.  Of/wanneer dit het geval is, bepaalt het college, aangezien geen van beide begrippen nader gedefinieerd of omschreven zijn. Is dat niet een onevenredige/onevenwichtige bevoordeling van het college t.o.v. de aanvrager?

Antwoord:

Indien reeds na summier onderzoek blijkt dat de aanvraag niet kan worden gehonoreerd, dan wel zonder nader onderzoek kan worden toegewezen is sprake van kennelijke ongegrondheid respectievelijke kennelijke gegrondheid van de aanvraag. De kennelijke (on)gegrondheid van de aanvraag moet duidelijk zijn zonder dat nader op de inhoudelijke merites van de zaak wordt ingegaan.

Er mag geen twijfel bestaan.

Als duidelijk is voor de gemeente wat voor het bepalen van de omvang van de schade aan vergoedingsregeling is opgenomen zal hierop de toewijzing kunnen plaatsvinden. Dat kan het geval zijn wanneer in een toelichting, zoals bedoeld in artikel 15, bij de regeling een toelichting is gevoegd waaruit dat duidelijk blijkt. Zolang dat niet het geval is zal in het algemeen artikel 6 lid 1.b nog inhoudsloos zijn. 

 

Vraag:

Artikel 8 lid 1 geeft het college de bevoegdheid te bepalen wie adviseert; die adviseur of commissie kan vervolgens wel gewraakt worden (lid 4), maar de uitspraak op die wraking doet het college zelf, zonder dat daar bezwaar/beroep op mogelijk is (lid 5). Is dat niet een onevenredige/onevenwichtige bevoordeling van het college t.o.v. de aanvrager?

Antwoord:

In de regeling wordt voorzien in een mogelijkheid voor de belanghebbende tot wraking van de benoemde deskundigen bij gegronde vrees voor partijdigheid of belangenverstrengeling.

Het college zal hier gemotiveerd een antwoord op moeten hebben. Tegen de beslissing staat geen rechtsmiddel open, echter tegen het uiteindelijke besluit van het college op het verzoek om schadevergoeding kan men zich altijd nog tot de rechter wenden. Deze zal bij een afwijzing tot wraking dit zeker in zijn beslissing meenemen.

 

 

Vraag:

Artikel 13 lid 1 van deze regeling verplicht het college om kennis te nemen van het advies van de adviseur of commissie – als deze al wordt ingeschakeld – maar niet om dit advies op te volgen. Het college kan dit advies dus in principe zonder meer naast zich neerleggen. Is dat niet een onevenredige/onevenwichtige bevoordeling van het college t.o.v. de aanvrager?

Antwoord:

Ingeval de beslissing afwijkt van het advies van de adviseur, voorziet het college de beslissing van een deugdelijke motivering. In de beslissing wordt gemeld hoe hiertegen bezwaar kan worden gemaakt of beroep kan worden ingesteld. De rechter zal zowel het advies als de motivering van het college om van het advies af wijzen in zijn overwegingen meenemen.

Vraag:

Artikel 13 lid i van deze regeling verplicht het college om in de beslissing te vermelden of er bezwaar/beroep mogelijk is, niet dat er bezwaar/beroep mogelijk is. Het college kan dus in principe bij elke beslissing opnemen dat er geen bezwaar/beroep mogelijk is. Is dat niet een onevenredige/onevenwichtige bevoordeling van het college t.o.v. de aanvrager? Is het niet rechtvaardiger, evenwichtiger en verstandiger om sowieso een bezwaar/beroepsmogelijkheid in de compensatieregeling op te nemen?

Antwoord:

Bij een beslissing op een aanvraag zal, overeenkomstig het bepaalde in artikel 3:45 van de Algemene wet bestuursrecht, melding worden gemaakt door wie, binnen welke termijn en bij welk orgaan bezwaar kan worden gemaakt of beroep kan worden ingesteld.

Volgens  de Verordening commissie bezwaarschriften gemeente Edam-Volendam 2010 zal deze commissie advies uitbrengen over bij het college  ingediende bezwaarschriften.

Zodra Nadeelcompensatie conform het voorontwerp van wet in de Algemene wet bestuursrecht is opgenomen ligt dit ook in de wet vast.

Vraag:

Als ondanks dit alles de uitkomst “onmiskenbaar als onbillijk moet worden aangemerkt” – ter beoordeling van wie staat niet in de regeling, dus ter beoordeling van het college zelf – dan kan het college op grond van de “hardheidsclausule”  alsnog naar eigen inzicht van deze regeling afwijken. Is dat niet een onevenredige/onevenwichtige bevoordeling van het college t.o.v. de aanvrager?

Antwoord:

De hardheidsclausule geeft het college de bevoegdheid onbillijkheden voor bepaalde gevallen weg te nemen ten gunste van de belanghebbende.

 

Vraag:

Is deze compensatieregeling (hier of elders) in deze vorm ooit juridisch getoetst? Zo ja, waar, wanneer, door wie en met welk resultaat? Zo nee, is het college dan bereid alsnog een dergelijke toetsing uit te laten voeren?

Antwoord:

Aan het externe bureau is gevraagd om een risicoanalyse op te stellen inzake planschade en nadeelcompensatie voor de maatregelen die getroffen worden en verkeersregelingen die ingesteld worden op het Noordeinde, Haven en Zuideinde.

Bij de risicoanalyse is vervolgens, op ons verzoek door het externe bureau, een concept nadeelcompensatieregeling gevoegd voor deze specifieke situatie, zodat deze bij de belangenafweging van het te nemen verkeersbesluit kan worden meegenomen.

De risicoanalyse en de concept nadeelcompensatieregeling zijn vervolgens extern getoetst door de gemeentelijke advocaat. Naast een aantal opmerkingen over de analyse zijn er geen opmerkingen gemaakt over de nadeelcompensatieregeling.

Bespreekronde Ib

 

Voorstel inzake bezwaarschriften ogv Wet voorkeursrecht gemeenten.

Fractie PvdA

In dit voorstel wordt onze toestemming gevraagd, om in te stemmen met een tijdelijk Voorkeursrecht op de percelen Zeestraat-Bokkingstraat die zou gaan gelden voor 3 jaar.
Vraag:     

Wat gebeurd er na die 3 jaar? Als mensen hun verkoop voor 3 jaar uitstellen, mogen ze dan weer vrij verkopen?
Antwoord:

Deze vraag kan met ja worden beantwoord, indien de gemeente er b.v. niet in slaagt om binnen drie jaar (en drie maanden) een nieuw bestemmingsplan of structuurvisie voor dit gebied vast te stellen.

Wordt daarentegen het bestemmingsplan of structuurvisie wel vastgesteld door de gemeenteraad binnen de hiervoor genoemde termijn, dan blijft het voorkeursrecht voor onbepaalde tijd op het perceel rusten en is vrije verkoop aan een derde niet mogelijk.

Het perceel moet dan eerst aan de gemeente worden aangeboden.

Vraag:     
Lees ik het goed, dat er uitzonderingen worden gemaakt voor eigenaren van deze percelen die hun bezit aan bloed-of aanverwanten in de rechte lijn willen verkopen?

Antwoord:

Indien een overeenkomst wordt gesloten tussen bloed- of aanverwanten in de rechte lijn of in de zijlijn tot in de tweede graad of met een pleegkind, dan kan het perceel ingevolge het bepaalde in de wet wel worden vervreemd aan b.v. zijn dochter of zoon.

Voorstel inzake nota bestemmingsregeling horeca.

Fractie Lijst Kras

Vooraf:

Deze nota hoort in raadsplein 1A . Het is een zeer belangrijke nota met verstrekkende gevolgen. Voor alle partijen lijkt het ons noodzakelijk dat de raadsleden bij de bespreking hiervan aanwezig zijn.

Lijst Kras komt hoe dan ook op deze nota in de Raad terug. De nota reserves en voorzieningen en de Voorjaarsnota zijn al voorgekookt in de commissie Planning & control dus deze nota had gerust in 1A gekund.

Kan dat nog veranderd worden? Leg die vraag eens neer bij andere partijen en de agenda commissie.

Opvallen zaken overzicht indeling inrichtingen:

-          Grill bar Max 1b

-          De Lunch 1b –

-          Venezia Pizzeria 1c

Vraag:

Van bovenstaande drie is bekend dat zij sinds jaar en dag ook ’s nachts open zijn. Gaat dat veranderen bij aanname van de ze beleidsnota? Zo nee, dan moeten ze in een zwaardere categorie ingedeeld worden

Antwoord:

Voor “Grill bar Max” en “De Lunch” zou indeling in een zwaardere categorie een verruiming ten opzichte van het huidige bestemmingsplan betekenen, hetgeen niet op voorhand de bedoeling is en niet is gehonoreerd.  Qua openingstijden bestaat het voornemen de APV in overeenstemming te brengen met deze nota. Als gevolg hiervan zal op termijn een nadere afweging moeten plaatsvinden ten aanzien van handhaving.

 

“Venezia Pizzeria” is één van de vier specifieke gevallen zoals is aangegeven onder het kopje “Conclusies risicoanalyse planschade” op pagina 22 van de nota.

Onderhavige pizzeria is gevestigd op de tweede bouwlaag van het pand. Omdat op de eerste bouwlaag een café is gevestigd geldt voor dit perceel de categorie 2a.

In het huidige bestemmingsplan is horeca uitsluitend op één bouwlaag toegestaan. Mede door het vigerende bestemmingsplan is onderhavige pizzeria al onder de werking van het overgangsrecht gebracht. Uit opgestelde risicoanalyse valt af te leiden dat het continueren van deze gedragslijn tot planschade kan leiden, zodat voor die vier specifieke gevallen waarin sprake is van horeca op een tweede bouwlaag is voorgesteld die positief te bestemmen.

Voor onderhavig geval houdt dat in dat te zijner tijd bij de herziening van het bestemmingsplan zal worden geadviseerd een specifieke aanduiding op de verbeelding op te nemen met een verwijzing naar de planregels, waardoor ter plaatse op de tweede bouwlaag een pizzeria met nachtopenstelling is toegestaan. Dit leidt ertoe dat het huidige gebruik positief is bestemd en op termijn andere vormen van horeca in dit pand op de tweede bouwlaag niet meer zijn toegestaan.

-          Palingrokerij Smit-  Bokkum 1c

-          Pompadour 1c

Vraag:

Van bovenstaande twee bedrijven is bekend dat daar regelmatig trouwpartijen gegeven worden en op diverse feestdagen tot in de late uurtjes gefeest wordt. Gaat dat veranderen na aanname van deze nota?

Zo nee, dan moeten ze in een zwaardere categorie ingedeeld worden.

Antwoord:

Qua openingstijden bestaat het voornemen de APV in overeenstemming te brengen met deze nota. Als gevolg hiervan zal een nadere afweging moeten plaatsvinden ten aanzien van handhaving. Ten aanzien van de toelaatbaarheid van feesten en partijen wordt verwezen naar pagina 10, paragraaf “Zalenverhuur” van onderhavige nota.

-          Lotje 1c

Vraag:

Voor Lotje geldt hetzelfde als voor Pompadour en Smit – Bokkum maar daar is “nog “ geen sprake van gewoonterecht

Waarom indeling in de lichtste categorie, terwijl er regelmatig sprake is van een zwaardere categorie?

Antwoord:

Qua openingstijden bestaat het voornemen de APV in overeenstemming te brengen met deze nota. Als gevolg hiervan zal een nadere afweging moeten plaatsvinden ten aanzien van handhaving.

Ten aanzien van de toelaatbaarheid van feesten en partijen wordt verwezen naar pagina 10, paragraaf “Zalenverhuur” van onderhavige nota.

Bij de ondersteunende horeca:

-          De St. Jozefvereniging en de Pius X

Vraag:

In de St Jozefvereniging  zullen zo’n 100 bruiloften en 30 feestavonden voor breed publiek jaarlijks worden gegeven tot in de late uurtjes. Is dat ondersteunende horeca t.o.v. biljarten en jokeren?

Ook in de Pus X wordt wat af gefeest.

Ook deze twee inrichtingen moeten goed ingedeeld worden om verwarring en precedentwerking te voorkomen

Antwoord:

Gelet op de aard van de activiteiten die voor een groot deel bestaan uit sociaal culturele en cultureel maatschappelijke activiteiten op niet-commerciële basis, is er voor gekozen hier uit te gaan van een bestemming ‘Maatschappelijk’.

De horeca-activiteiten zijn in dit geval ondersteunend aan de overige activiteiten, waarbij de sociaal culturele en cultureel-maatschappelijke activiteiten de overhand hebben. Voorts achten wij een primaire horecabestemming in dit geval niet het meest aangewezen. Indien onverhoopt op enig moment de grenzen van de ondersteunende horeca zouden worden overschreden (dus niet meer ondersteunend zijn), zal een nadere afweging moeten plaatsvinden ten aanzien van de bestemmingsregeling en de daaraan mogelijk te verbinden consequenties met betrekking tot handhaving. Onder de huidige omstandigheden achten wij hiertoe geen aanleiding.

Vraag:

Het moet een goed beleidsstuk worden en we moeten elkaar niet voor de gek houden

Verder mis ik in deze nota  het hoofdstuk controle en handhaving.

Antwoord:

Deze nota geeft de beleidsuitgangspunten voor de in de nieuwe bestemmingsplannen op te nemen planregels met betrekking tot horeca-activiteiten c.a..

De noodzaak tot handhaving vloeit daarentegen voort uit de controle en naleving van dergelijke planregels en/of APV. Om die reden is er in deze nota als zodanig geen hoofdstuk “controle en handhaving” opgenomen.

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.