Naar de inhoud

De zegeningen van Koos Klok (foto)

Bron: Stadskrant

Zodra Koos Klok zijn voordeur open doet zie ik dat hij nog steeds een gezonde kleur op z’n wangen heeft staan. Eerder die avond had mijn beoogde gesprekspartner circa 664 ml. bloedplasma bloedgroep A+ afgegeven ten behoeve van humanitaire doeleinden, maar kennelijk brengt deze aderlating hem niet uit z’n evenwicht. Zoals weinig dingen Koos uit het lood lijken te kunnen slaan. In het gesprek wat wij voerden komt deze gemeenschapsman in ieder geval uitermate rustig over. Hij formuleert zijn gedachten met grote precisie en zal zelden op een opmerking betrapt kunnen worden die kant noch wal raakt. De laatste uitdrukking zal bij Koos overigens een glimlach teweeg brengen, want hij heeft jarenlang een innige relatie met de scheepvaart onderhouden. Iets waar hij nog steeds met weemoed naar terug kan kijken.

Wat kun jij ons over Koosje Klok vertellen?

Die kwam in de winter van 1957 ter wereld op Achterhaven 116. Mijn twee broers Piet en Con waren mij jaren eerder al voorgegaan. Tja, wat kan ik vertellen over mijn prille jeugd? Ik had het goed thuis, een warm nest. Op de buurt vermaakte ik mij uitstekend met m’n buurtvrienden Ruud Hompe, Harry Smink, Albert Grumbock en Flip van Essen. We waren tot groot verdriet van onze buren bijzonder actief op het voetbalveldje achter de Gereformeerde Kerk. Er sneuvelden nogal wat terracottapotten die bovenop een muur bij een moestuin stonden. De betreffende muur deed ook dienst als doel. Je kunt dus raden wat er gebeurde als wij het vizier iets te hoog hadden gezet.

Had je een geslaagde maatschappelijke carriere in gedachten?

In het geheel niet. Familie van mij was vooral actief in de weg- en waterbouw, dus dat leek mij vanzelfsprekend een terrein waarin ik zou kunnen slagen. Toch dreef die ambitie geleidelijk naar de achtergrond. Ik haalde mijn HAVO-diploma en ging naar de Lerarenopleiding Vrije Leergang in Amsterdam. Ik gokte op Wiskunde en Economie, omdat ik in het 1e vak goed was en Economie mij ook wel aardig leek. Uiteindelijk draaide Wiskunde op een fiasco uit en bleek Economie mijn sterkste vak. Het was een tijd waarin ik tijdens de schooluren op een vrijdag vaak op het Leidseplein in Café Reijnders te vinden was met studiegenoot Jaap van der Spek, die nog niet zo lang geleden veel te vroeg overleden is. Wij trokken er ook vaak op uit om te snuffelen in platenwinkels. Een mooie tijd.

Het onderwijs was een misser?

Toch niet. Ik vond het leuk, vooral aan mijn stage op de LTS in Edam beleef ik nog zeer fijne herinneringen. Ik ging toch verder in het onderwijs en meldde mij aan op de HPA, aan de Plantage Middenlaan, het linkse bolwerk. Het kostte mij weinig moeite er mijn diploma te halen, maar de situatie in het onderwijs was indertijd zo dramatisch dat ik er geen vaste baan in kon vinden. Ik moest dus iets anders bedenken.

Solliciteren

Ik waste indertijd op zaterdag auto’s in Volendam en raakte aan de praat met een directeur van RIHO, een bedrijf wat handelde in drukgroepen, koppelingen en remblokken. “Kom bij mij aan de slag. Ik kan nog wel iemand gebruiken op de administratie”, bood hij mij aan en ik hapte toe. Het bleek niet echt iets voor mij te zijn, maar in de tussentijd had ik een vacature gezien voor een reserveringsmanager bij Townsend Car Ferries, een Brits bedrijf.

Het werd de baan van je leven

Van mijn leven is zwaar aangezet, maar ik heb er een fantastische periode meegemaakt, waarin zowel Townsend Car Ferries als ikzelf behoorlijk zijn gegroeid. Uiteindelijk werd ik er General Manager en was ik door geheel Europa op reis om met collega’s te overleggen, of voor aanverwante zaken. Engels werd een taal waarmee ik mij niet alleen verbaal uitte, maar waarin ik ook vaak dacht.

Je werd zelfs een TV-persoonlijkheid

Ik werd door Frits Bom ‘De Vakantieman’ gevraagd om te vertellen welke tarieven wij hanteerden voor automobilisten, die nu ook de keuzemogelijkheid hadden om door de Kanaaltunnel te reizen. Ik weet nog goed dat mijn communicatieadviseur mij op het hart had gedrukt mezelf in oneliners uit te drukken en kort en krachtig te formuleren (“anders ga je voor de bijl”). Dat lukte mij wonderbaarlijk goed, terwijl mijn concurrenten zich helemaal in de nesten werkten met wollig taalgebruik. Best leerzaam.

Je hield het lang uit bij Townsend

Ruim 17 jaar en ik had vrijwel alles wat mijn hartje begeerde. Toch raakte ik er op uitgekeken. Ik besloot alsnog in het onderwijs te gaan en wel in het onderwijs voor moeilijk lerende kinderen, zoals gehandicapten of kinderen met gedragsstoornissen. Na een sollicitatie in 1998 kreeg ik tot mijn verrassing direct een job in Zaandam.

Een hele stap vanuit je driedelig maatpak. Wat bracht jou er toe deze stap te zetten?

Het verbaasde mijn nieuwe collega’s ook, dat ik deze stap had gezet. Ik moest bijvoorbeeld nu zelf mijn leslokaal schoonvegen. Daarvoor had ik nu geen schoonmaakbedrijf bij de hand. Maar ja, ik werd gedreven door zwaarwegende factoren.

Zoals?

Mijn dochter Maaike is gehandicapt en ik weet uit ervaring dat kinderen als zij ontzettend veel hulp nodig hebben. Daarnaast herinnerde mijn geloof mij er ook aan dat je als mens ook dingen terug moet geven aan de maatschappij. Het is niet alleen nemen. Geven hoort er ook bij. Datzelfde geloof bracht mij ook in aanraking met de beweging ‘Geloof & Licht’, die oorspronkelijk uit Frankrijk afkomstig is. Deze beweging zorgt voor vieringen voor gehandicapten, muziek en dans en meer fijne vrijetijdsbestedingen, die in relatie staan met het geloof.

Daar zal je best wat tijd in kwijt zijn geraakt

Ik werd voor ‘Geloof & Licht’ uiteindelijk de eindverantwoordelijke persoon in Nederland. Samen met mijn gezin heb ik er 14 jaar aan meegewerkt. Heb fantastische dingen meegemaakt, mocht de paus ooit de hand drukken in een kaasdragerspak en heb er enorm veel voldoening aan over gehouden. Een periode waar ik in dankbaarheid naar terug kijk.

Toch nog even terug naar het onderwijs. Is de relatie kind-leerkracht-ouder niet aan het veranderen ten opzichte van zo’n 20 jaar geleden?

Er bestaat een tendens bij heel veel ouders om hun opvoedkundige taken af te schuiven op leerkrachten. Tijdgebrek bij ouders en de vele prikkels die zowel hen, als hun kinderen behoorlijk beïnvloeden, zorgen ervoor dat ouders het liefst ‘qualitytime’ met hun kind door willen brengen. Alles leuk, vooral geen gezeur en zeker geen corrigerend gedrag. Dat doet de leraar tijdens schooltijd maar. Nou, daar bedank ik dus voor. We hebben elkaar allemaal nodig in deze driehoek, maar we moeten wel in onze rol blijven. Naast dit fenomeen merk ik in de vorm van onderwijs waarin ik opereer, dat veel ouders de lat voor hun kind veel te hoog leggen. Zij accepteren niet dat hun kind nimmer in staat zal zijn ‘normale’ schoolprestaties te leveren. Meestal tegen beter weten in.

Je dochter woont in Breidablick in Middenbeemster. Ook daar werd je weer actief

Het zit gewoon in mij. Voordat ik er erg in had zat ik in de Cliëntenraad, een vertegenwoordiging voor de bewoners. Vier jaar geleden heb ik dat opgericht en ik ben er nu dagelijks mee bezig. Het voelt in ieder geval aan als een baan (met een scheve glimlach op het gezicht).

Er zijn toch nog meer activiteiten die je dagelijks bezig houden?

Niet dagelijks. Ik ben voorzitter en medeoprichter van kerkkoor ‘Cantate Domino’, dirigent van dameskoor ‘Ladies Voice’ in Zuidoostbeemster, heb tot voor kort een aantal jaren een kinderkoor gedraaid en gedirigeerd en verschijn elk jaar als Goedheiligman in Breidablick.

Volgens mij haal je ontzettend veel voldoening uit dit vrijwilligerswerk

Het geeft je alle emoties die je als mens mee moet maken. Ik zal je een voorbeeld geven. Afgelopen december was ik Sinterklaas in Breidablick. Daar zitten niet alleen verstandelijk gehandicapten, ook mensen die ooit normaal functioneerden, maar door een hersenbloeding of ongeval gehandicapt zijn geraakt. Met alle inwoners maak ik een praatje en dus ook met mensen uit die laatste categorie. Ik vroeg een man met mijn zware sinterklaasstem; “en hoe gaat het met jou beste man? Klote!”, was het antwoord wat ik in eerste instantie kreeg. Ik was even sprakeloos en besloot mijn zalvend stemgeluid op te doeken en vroeg hem met mijn normale stem of hij er over wilde vertellen. Dat deed hij gepassioneerd en met heel veel emotie. Aan het eind van zijn relaas zei hij tegen mij; “je bent dan wel geen echte bisschop, maar ik zou toch graag de zegen van je willen ontvangen”. Die heb ik hem dan ook gegeven.

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.