Geen visrokerij op bedrijvenerf Katwoude
De gemeente Waterland heeft een ondeugdelijke motivatie gebruikt om de vestiging van een visrokerij in Katwoude mogelijk te maken. Dat heeft de Raad van State bepaald in een zaak die was aangespannen door de Polderraad van Katwoude en Kees Huiberts, buurman van het toekomstige bedrijvenerf. De Polderraad en Huiberts maakten bezwaar tegen het bestemmingsplan voor het bedrijvenerf in Katwoude.
Op dat terrein aan de Hoogedijk wil de gemeente ruimte maken voor ondernemers die nu nog zitten op het Galgeriet, aan de rand van de historische binnenstad van Monnickendam. En hoewel de plannen om van het Galgeriet een woonwijk te maken wegens de grote financiële risico's op een laag pitje staan, is de procedure rond Katwoude doorgezet. Om de eventuele verhuizing van Zalmhuis Steur van het Galgeriet naar Katwoude mogelijk te maken, is in het bestemmingsplan ruimte voor de vestiging van een visverwerkend bedrijf.
Maar daar is buurman Huiberts van het toekomstige bedrijfsterrein tegen. Kees Huiberts, eigenaar van het gelijknamige aannemings- en machineverhuurbedrijf, wil geen visrokerij pal naast zijn deur. „Ik ben helemaal niet tegen die mensen, ze moeten ook hun werk kunnen doen. Maar dat bedrijf past daar niet. Ik ben heel blij dat het nu waarschijnlijk van de baan is." Er is sprake van dat de gemeentewerf naar Katwoude zal verhuizen, en dat is wat Huiberts betreft geen enkel probleem. Ook de vestiging van een (Monnickendams) aannemingsbedrijf zou passen binnen de bedrijvigheid aan de Hoogedijk, meent hij desgevraagd.
Voor de Polderraad van Katwoude zijn de druiven buitengewoon zuur. Op alle punten zijn de argumenten van de Polderraad van tafel geveegd. Volgens de Polderraad brengt een twee hectare groot bedrijfsterrein onherstelbare schade toe aan de leefbaarheid van Katwoude en aan het eeuwenoude open veenweidegebied. Het is bovendien een beschermd weidevogelgebied en de Katwouder polder valt order de Natura 2000-richtlijnen. Henk Blanken, woordvoerder van de Polderraad, is 'buitengewoon teleurgesteld' door de uitspraak van de Raad van State. „Als een gemeente en de provincie dus afspreken om zich niet aan beschermingsconstructies te houden, dan mag dat kennelijk."
Het college van b en w beraadt zich nog op een reactie op de uitspraak van de Raad van State.