Arjan Ederveen geeft toneelles in PX
Er zullen weinig mensen zijn die Arjan Ederveen niet kennen. Wie herinnert zich niet ‘Theo en Thea’, ‘Kreatief met Kurk’ (met Tosca Niterink), de series ’30 minuten’, z’n rollen in de films ‘’Pietje Bel’, ‘Filmpje’, ‘Puk van de Petteflet’ en z’n hilarische rol in de musical ‘Hairspray’. Nu was daar eindelijk de eerste echte langverwachte one-manshow van Arjan Ederveen, ‘Ederveenzaamheid’, waarin hij slechts vergezeld wordt door zijn hond Stuk. Met deze voorstelling deed hij op zaterdag 24 maart de PX aan.
Eigenlijk is de benaming one-manshow niet helemaal juist, want z’n hond loopt te snuffelen tussen de toeschouwers in de zaal en betreedt geregeld het podium. De ene keer slapend, dan weer in een gekleurde pyama. Hij had echte ‘Uggs’ en keek pornoboekjes met allerlei naakte honden. Ja, Stuk was een ‘stuk’ van een hond.
In z’n show nam Ederveen de eenzaamheid van de mens en van zichzelf onder de loep. Het ging niet over de eenzaamheid als je alleen komt (geboorte) en alleen gaat (overlijden), maar de periode daar tussen in, als je dus niet alleen bent, maar wel vaak eenzaam. Door middel van verschillende typetjes liet hij een wereld zien van eigen-ikjes. Ederveen speelde 3 rollen: Wouter Groenhoven, een ambtenaar uit Zoetermeer, zijn vrouw Geurtje en Ron de Rioolrat. Ederveen kennende was dit uiteraard een redelijk gestoord gezelschap. De fantasie van Wouter was b.v. sex bedrijven met alleen geitenwollensokken aan, Geurtje was oprichter van een Stiltecentrum voor alleenstaanden en aanstaande alleenstaanden, Ron de Rioolrat was roddeljournalist en liep na voorstellingen alle kleedkamers van bekende Nederlanders langs om vieze spullen te zoeken. Zo verkocht hij o.a. borsthaar van Frank Boeijen, handdoeken met remspoor van Henk Poort en stukjes vel van Marijke Helwegen. Ederveen speelde de types met minieme middelen: een bril voor Wouter, een mutsje voor Geurtje en een snor en staart voor de rat.
Een van de leukste stukjes begon al vóór de voorstelling. Het zaallicht was nog aan toen Ederveen toneelrollen begon uit te delen aan het publiek op de eerste rij. “We gaan het samen doen.” Zo kwam er iemand voor de techniek, voor de akkefietjes, werd Joke z’n vriendin en kwam er een psychiater die op alle vragen van Ederveen moest antwoorden: “Wat denk je er zelf van?” Vooral Joke moest het ‘ontgelden’. Zo moest ze voor iedereen op de eerste rij thee inschenken, maar uiteraard zonder honing. “Echte mannen kauwen bijen.” Eigenlijk werd de hele zaal figurant. De toeschouwers moesten namelijk voor geroezemoes zorgen en als hij z’n vinger in z’n achterste stak, moest er gescholden worden. Iedereen deed enthousiast mee.
Arjan Ederveen is een echt podiumdier en voelt zich daar uitstekend op z’n gemak. Daar kan hij zijn kunstmatige wereld creëren, de verkleedkist omkieperen en wegduiken in een zelfbedacht toneelstukje, een soort poppenkast voor grote mensen.
Het gedeelte na de pauze begon met een werkelijk hilarische sketch waarbij 3 man uit het publiek een toneelstukje moesten opvoeren waarbij Ederveen de tekst voordroeg. Toch werd het na de pauze allemaal wat serieuzer, maar dat kan ook haast niet anders met thema’s als kanker, de dood en echtscheiding. Verder is ouderdom de enige fase in je leven waar je niet op terug kunt kijken. Ook over de ontroerende momenten walste hij echter genadeloos heen met z’n hond Stuk, die ‘Lassie’ speelde en Claudia de Brey (een gebreide inktvis) mocht aanvallen. De toegift was een lied, een hommage aan z’n hond, die hij liefdevol op schoot nam. “Stuk, je kunt niet stuk bij mij.” César Milan zou jaloers zijn geweest. De geslaagde avond was eigenlijk een groot samenwerkingsverband tussen publiek en theatermaker. De ene toeschouwer genoot volop, terwijl de ander constant naar de vloer zat te staren uit angst bij de show betrokken te worden. Tja, dan moet je ook maar niet op de 1e rij gaan zitten.
