Leon Spoorenberg wil alles er uit halen wat er in zit (foto)

Foto Cor Kes - www.luxphotography.nl
Wie ruim een jaar geleden vertelde dat Leon Spoorenberg plannen had om van EVC Zaterdag over te stappen naar 1e Klasser Marken heeft heel wat verbaasde gezichten gezien. Natuurlijk, Leon had er bij EVC flink wat goals ingetrapt en was lijstaanvoerder in allerlei topscorerklassementen, maar dat kwam wel tot stand tegen ploegen die je nauwelijks serieus mocht nemen. Toch heeft de rijinstructeur zich niet uit het veld laten slaan door de alom aanwezige scepsis en maakte de stap naar Marken. Benieuwd naar zijn ervaringen en zeker ook zeer nieuwsgierig naar zijn toekomstplannen stak ik mijn licht op bij een belhamel van weleer. Leon vertelt:
Over Marken:
“Ik ging naar Marken nadat ik was benaderd door Edwin Keizer, oud-trainer van EVC. Edwin vertelde het helemaal in mij te zien zitten, maar aan een goede samenwerking kwamen wij helemaal nooit toe omdat Edwin zomaar naar een andere vereniging vertrok. Tja, dan zit je bij een nieuwe vereniging en krijg je te maken met een nieuwe onbekende trainer in de persoon van Saïd Ouali. Gelukkig troffen wij het met Saïd, die in mij beleving de beste trainer is die ik ooit heb gehad. Tijdens de oefencampagne en bekerwedstrijden speelde ik goed en scoorde met grote regelmaat. We hadden de ambitie om zo hoog mogelijk te eindigen en dat leek geen utopie met een voorhoede die perfect draaide. Maar ja, als je ze er makkelijk in schiet en achterin staat de deur wagenwijd open tja, dan kun je nog zo veel ambities hebben; je bent dan met een kansloze missie bezig. De zaken werden er niet overzichtelijker op toen Saïd tijdens het seizoen naar Ajax A2 vertrok. Een actie die vooraf bekend bleek bij Saïd en het bestuur van Marken, maar die met ons niet goed was gecommuniceerd. En zo ben je met je 3e trainer bezig en is het seizoen nog niet eens ten einde. Die 3e trainer was Bram Berkhout. Ook Bram deed het prima, al ondervond hij wel tegenstand bij de spelers van het eiland zelf. Er ontstonden twee kampen. De spelers van buiten en van binnen Marken. Toen wij de nacompetitie moesten spelen had Bram eveneens zijn biezen moeten pakken en stond ineens Martin Boes voor de groep. Het mag een mirakel worden genoemd dat wij ondanks deze onrust er in slaagden gedurende de nacompetitie per wedstrijd beter te gaan spelen. Uiteindelijk wisten wij ons moeiteloos te handhaven in de 1e Klasse.
Over Zwaluwen ’30:
Na een oefenwedstrijd die wij gedurende het seizoen hadden gespeeld tegen Zwaluwen ‘30 raakte ik aan de praat met Patrick Leeflang. Hij had ook gehoord van de onrust bij Marken en vroeg of ik er iets voor voelde om volgend seizoen bij Zwaluwen ’30 te gaan spelen. Het vooruitzicht om in de Hoofdklasse te gaan spelen was zeer aantrekkelijk en de afspraken die ik kon maken over reis- en materiaalvergoedingen waren prima. Ik besloot toe te happen toen er bij Marken weinig stabiliteit binnen de selectie en de staf te realiseren viel. Vier trainers in één seizoen hoefde van mij niet meer. Zwaluwen ’30 was intussen gedegradeerd naar de 1e Klasse, dus mijn ambitie om ooit Hoofdklasse te gaan spelen moet even op de spaarbrander worden gezet. Misschien is het ook maar beter zo. Ik kan nu een extra seizoen wennen aan de 1e Klasse en als wij onze doelstelling (terugkeer naar de Hoofdklasse) waar kunnen maken heb ik toch maar mooi die extra bagage op zak. De selectie voor het volgende seizoen is vrij breed met 20 spelers en ik krijg ook te maken met een directe concurrent. Ik zie daar in het geheel niet tegenop.
Over scepsis
Ik weet dat er veel mensen waren die hun bedenkingen hadden tegenover mijn overstap naar Marken. Ik denk dat ik heb laten zien dat zij ongelijk hebben. Ik werd 2e in de topscorerslijst van Waterland en dan doe je het niet slecht. Weet je, ik ken heel veel jongens die net zo getalenteerd of beter zijn dan mij, maar die er om een of andere reden de brui aan hebben gegeven. Ik zit anders in elkaar. Ik wil elk jaar beter worden en kijken hoever ik in het amateurvoetbal kan reiken. Ik ben mij er van bewust dat daar veel tijd in gaat zitten. Per week ben ik 10 uur met voetbal bezig en daarnaast zit ik ook meerdere keren per week in de sportschool om mijn fysiek aan te scherpen. In het hedendaagse voetbal moet je over veel spierkracht beschikken om je als spits staande te kunnen houden. Als je al deze trainingsuren ook nog afzet tegen mijn werkuren bij de rijschool is er bar weinig tijd over voor ontspanning. En toch heb ik het er voor over en zeer benieuwd wat het komende seizoen mij gaat brengen.”