Mona Keijzer: "Liever niet de Hollandse Sarah Palin genoemd" (foto)
Maandagochtend 09.00 uur. De Olympische Spelen zijn net afgesloten. Meteen maar even met de deur in huis bij een politica die van sport houdt met de vraag of er meer geld moet naar topsport?
‘Met zoveel medailles voor een relatief klein land behoort Nederland wel tot de topsportlanden vind ik. Maar meer geld. Nee. We moeten allemaal een stap terug. Meer gymles op scholen is ook belangrijk’. Mona Keijzer, bevlogen politica, mede-auteur van de CDA-koers 'Strategisch Beraad' is op weg naar Den Haag. Lacht: ‘Vinden ze dat ik de Hollandse Sarah Palin ben? Dan verkies ik toch de gemaakte vergelijking van een combinatie tussen Margaret Thatcher en Maxima!
De keuze voor de politiek maakte zij al toen ze 20 was en rechten studeerde. ‘Daarbij kwam ik in contact met het vak politicologie. Ik wist het meteen. Dit wil ik. De keuze voor het CDA was ook snel gemaakt. Vanuit mijn katholieke achtergrond, maar ook omdat ik geloof in de kracht van de samenleving, zorg voor elkaar en rentmeesterschap. En ja, ik wilde ook graag de landelijke politiek in. Maar als Wilders de boel niet had opgeblazen, had ik mijn periode tot 2014 in Purmerend volgemaakt. Ik heb al tweemaal op de lijst gestaan. In 2010 heb ik om een lagere plaats gevraagd omdat ik vond dat de tijd daarvoor niet rijp was en nu dus wel’.
Haar ster rijst snel en regelmatig wordt ze gevraagd voor interviews. Inmiddels is ze volop campagne aan het voeren voor de verkiezingen op 12 september. Graag gaat zij in discussie over CDA standpunten en zaken die haar na aan het hart liggen. En natuurlijk ligt zij onder een vergrootglas als landelijk politica. Maar dat een Volkskrant columnist onlangs het feit dat zij 5 kinderen heeft 'onfris' noemt, raakt haar echt. Want komt niet aan haar jongens.
‘Daar laat ik alles voor schieten als het nodig mocht zijn’, zegt ze. En daar is het ook direct mee gezegd. Want waarom worden ambitieuze vrouwen beoordeeld op allerlei privé zaken. Weten wij bijvoorbeeld hoeveel kinderen haar mannelijke collega's hebben. Er is nog steeds veel te winnen op dit gebied.’
Regelvrije zorg
Samen met 21 anderen dacht zij na en beschreef de CDA koers voor de komende vier jaar in het Strategisch Beraad. Met name waar het gaat over identiteit, pluriformiteit en zorg heeft Mona haar bijdragen geleverd. Zorg, omdat dit een portefeuille is die haar - ook als wethouder in Purmerend - zeer na aan het hart ligt.
Dat het daarbij iets minder kan en moet is voor haar overduidelijk. ‘Anders kijken naar zorg. Waar kunnen we de zorg verbeteren zonder dat het steeds duurder wordt.
Uiteraard moet er gezorgd worden voor mensen die dat nodig hebben. Maar ook moeten mensen worden gestimuleerd om meer zelf te doen en ze niet te veel afhankelijk te maken. Minder regels in de zorg, een experiment van staatssecretaris Veldhuizen van Zanten, ondersteun ik dan ook van harte. Zodat mensen die zorg kunnen verlenen die nodig is, waarin zij deskundig zijn en niet hun tijd moeten verdoen aan regels en protocollen. We zijn doorgeschoten en moeten terug naar waar het om begonnen is. De zorg voor oude mensen’, is haar stellige overtuiging.
Hard werken 'Omzien naar elkaar' staat bij haar hoog in het vaandel. ‘Dat principe zit heel diep in mij. Als Volendamse ben ik gewend hard te werken. Mijn ouders hebben nog echte armoede gekend en met als motto 'dat nooit meer' heerste die cultuur bij ons thuis. Je had als jongere een baantje en werkte voor je zakgeld. Mijn jongens stimuleer ik ook om bijvoorbeeld een baantje te zoeken. Maar je hebt ook zorg voor elkaar. Als je elkaar nodig hebt, dan ben je er. Dat komt niet alleen voort uit mijn identiteit, maar ik geloof ook echt in zo'n samenleving.’
Een samenleving zonder vrijwilligers is, volgens haar, niet meer mogelijk. Volgens Keijzer bestaat de echte supervrijwilliger die dagenlang op een sportveld staat en daar alles doet bijna niet meer. ‘Ik weet uit mijn tijd in Purmerend dat daar heel erg veel vrijwilligers actief zijn. Ontroerend soms. Daar heb ik grote waardering voor. Dat is ook omzien naar elkaar. En ja, je kunt er nooit genoeg hebben. Hoe je dat doet? Wat is er bijvoorbeeld op tegen om iemand die jarenlang in een instelling heeft gewerkt na een jaar weer eens te bellen. Want ook ouderen moeten blijven meetellen’.
Luizenmoeder
‘Het zit in mensen om voor elkaar te zorgen. Dat geloof heb ik. Het kan nu eenmaal niet allemaal voor je geregeld worden door de overheid. Of ik zelf ook vrijwilligerswerk doe? Ik heb samen met een groep vriendinnen een cliënt van de Prinsenstichting 'geadopteerd' waarmee we zo nu en dan op stap gaan en ja, ik ben ook luizenmoeder op de basisschool van mijn kinderen. Die zijn er namelijk nog steeds!’
Haar tijd als wethouder in Purmerend heeft zij als bijzonder interessant ervaren. ‘Vooral ook de contacten met de mensen in de wijken, de vrijwilligers en mantelzorgers spraken mij altijd erg aan’. Ook de sport draagt zij een warm hart toe al zijn de diverse sportorganisatie niet erg blij met haar op de valreep afgeleverde voorstel voor een sporthal/sportzaal. ‘Dat heb ik begrepen ja, maar toen ik kwam zaten we bijvoorbeeld met grote exploitatietekorten voor het zwembad en P3. Dát ben ik niet vergeten en wilde ik met de sporthal voorkomen. Er is becijferd dat wanneer we voor de 6 gymzaalequivalenten zouden gaan (wat de Sportraad wil, red) er dan jaarlijks veel geld bij moet. En dat wil ik niet achterlaten in Purmerend. De raad moet nu beslissen. Daar ga ik niet meer over’.
