Kaasmarkt als grote toeristische motor
Vanaf de eerste toeristische markt, begin juli, tot de laatste Kaasmarkt aankomende woensdag, is het evenement structureel in trek bij vele duizenden bezoekers. Op een ongecompliceerde manier is de aloude markt nieuw leven in geblazen en uitgegroeid tot een regionaal succesnummer.
Winkeliers en andere bedrijven hebben vooral baat bij de stroom bezoekers. Jammer is het alleen dat de stroom relatief snel opdroogt na half een, het moment dat de markt eindigt. Op het gebied van horeca heeft Edam voldoende te bieden. Diverse kerken hebben op deze dag hun deuren wijd open staan en het museum vaart er wel bij. Ook het nieuwe initiatief om fluisterbootjes te laten varen slaat in dit kader goed aan.
Toch zou een aanvulling van het aantal markten de lokale economie verder ondersteunen. Winkels en horeca staan in deze economisch matige tijden onder druk. Extra bezoekers zorgen simpelweg voor een mooie aanvulling op de inkomsten.
De al eerder uitgesproken gedachte om ook mensen ’s middags vast te houden moet opnieuw tegen het licht worden gehouden. Juist in het kader van het nieuwe toeristische beleid zijn er diverse ideeën ingebracht om mensen langer in de stad te houden.
Edam moet geen toeristische kermis worden, daar is het de stad niet naar, maar op de acht (en wellicht in de toekomst tien) kaasmarktdagen een doorloop realiseren via enkele leuke activiteiten, kan niemand schaden.
In dat kader wordt het extra interessant om te zien welke kant het gemeentebestuur kiest wanneer er eind augustus gepraat gaat worden over een nieuwe invulling van het Speeltheater aan het Damplein. Nu zowel het Edams Museum als een grote ondernemer interesse voor deze ruimte hebben getoond, is de eenmalige kans om kaas en zijn geschiedenis centraal te stellen in dit mooi gelegen pand, een unieke opsteker voor het idee om Edam zowel cultureel als economisch te versterken met iets wat al jaren node gemist wordt: een museum annex kaasmakerij midden in de stad.
Redactie de Stadskrant