Kermis
Door een stormachtige wind slaat de regen op het raam. Buiten is het guur en niets herinnert nog aan dat prachtige weekend eerder deze maand. Ik loop naar de keuken, pak een biertje en laat het gouden gerstenat door mij mond klotsen alsof het een stokoude wijn is.
De lees spot richt ik van dichtbij vol op mijn gezicht en de smaak van het bier en het licht en de warmte van de lamp brengen me weer even in de kermissfeer. Mijn gedachten gaan uit naar zaterdag van kermis en ik zie mezelf weer de dijk oplopen met Rob. Daar aangekomen is het aangenaam warm en al redelijk druk. Alle zitplaatsen voor De Molen zijn al bezet. Aan een tafel in De Molen zit een groep jonge jongens' en we besluiten er even bij te gaan zitten. De jongens zijn uitgelaten en nemen geen blad voor de mond. Binnen een half uur laten ze om beurten weten dat de één aambeien heeft, de ander wil niet zoenen met een jongen omdat hij bang is dat hij het lekker vindt en weer een ander laat weten dat hij een geslachtsverkleining overweegt. Daarna laten ze op hun telefoon nog wat filmpjes zien, waarvan ik niet wilde weten dat deze bestonden.
Jaap Nol zou zeggen: 'Die mensen ademen gewoon dezelfde zuurstof in als wij.' Na pijn in mijn buik van het lachen te hebben opgelopen, besluiten we de jonge jongens' even te laten voor wat het is. Niet in de laatste plaats omdat zij ons bestoken met `kleine glaasjes' met steeds wisse- lende inhoud. We dringen naar voren richting het podium waar Blue Velvet en Jan Dulles optreden. Op een zonovergoten dijk genieten we met honderden euforische dorpsgenoten van `hemelse muziek'. Ondanks de tropische temperaturen staat het kippenvel ons op de armen. Na dit waanzinnige optreden verlaten we geïnspireerd de dijk en lopen we richting de Rosa's Kermistent op het Slobbeland. Hoewel ik Rob innig had beloofd dat we ons niet zouden laten verleiden tot een op- treden, stonden we tien minuten na binnenkomst met ontbloot bovenlijf op het podium onze evergreen Kerrumus. Kerrumus' te bleren.
Door de rookmachine, huis dj, spreekstalmeester en professionele geluidsinstallatie, voelen we ons even Jan Dulles. Veel tijd om bij te komen hebben we niet, want na ons staat het volgende optreden alweer gepland: De contest of the clowns. Vol verwondering kijk ik naar het podium, waar de clowns Janus en Peppino het tegen elkaar opnemen met allerlei trucjes. `Zou iemand iets in mijn glas hebben gegooid?', denk ik hardop. Maar het is geen hallucinatie, het gebeurt echt. Uiteindelijk besluiten we dat dit hoogtepunt niet meer te overtreffen is en we gaan tevreden naar huis. En wat denk je? De dag erna is het gewoon zondag en hebben we weer zo'n dag. Zondag levert een heuse `niple gate' op, we hossen met de proppen in De Herberg, we lachen met de loco op de dijk en de vriendinnen van mijn vrouw kun je er op zo'n dag best goed bij hebben. Met een natte rug van de warmte bestel ik ook nog wat wodka ranja's en gelukkig liep dat ook weer helemaal uit de hand. Maar dat is een column op zich waard. Nu worden mijn kermisgedachten verbroken door een stevige onweersklap. Hoe ging dat liedje ook alweer?
Kon het maar altijd kermis zijn!