Moeder en getuige slaan noodkreet na vechtpartij in Volendam: ‘Wanneer gaan politie en gemeente iets doen?'
Haar noodkreet in de Nivo van 5 september jl kwam aan, maar vond naderhand weinig gehoor. „Ik heb tot op heden niets vernomen van de politie en had van de gemeente ook een soort van afkeurend signaal verwacht richting de samenleving", zegt de moeder wiens zoon (en zijn vrienden) in het weekeinde van 25 augustus zomaar in elkaar werd geslagen in het uitgaansleven. Volgens een getuige is het een groep drugsgebruikers die vaker voor opstootjes zorgt. Moeder en getuige vragen zich af of er eerst iemand moet overlijden. „Als er dan een optocht komt van zinloos geweld is het al te laat!"
„Buiten inwendig en uitwendig letsel is het gelukkig nog goed afgelopen, maar dat had ook anders kunnen zijn", stelt de moeder. „Voor de veiligheid van de burger zou het goed zijn als politie en gemeente hun afkeuring laten merken, dat dit niet langer getolereerd wordt. Maar ik heb helemaal niks gehoord en dan voel je je als slachtoffer weinig serieus genomen."
De moeder deed haar oproep in de Nivo van 5 september. Haar zoon en zijn vrienden werden belaagd door een groep jongens uit Edam-Volendam, die op hen insloegen en hen achtervolgden tot aan de taxibus waarin ze vluchtten. De moeder („mijn zoon had de indruk dat de jongens onder invloed waren van drugs") vroeg waarom er niet permanent politie aanwezig is in een dergelijk druk uitgaansgebied en verwonderde zich dat niemand in de bres sprong.
Een getuige reageerde naderhand. Anoniem: „Ik heb lang getwijfeld of ik moest reageren, maar omdat het door m'n hoofd bleef spoken, heb ik het toch gedaan. Ik herkende het verhaal van de moeder meteen. Zelf was ik ook uit geweest en nadat ik mijn fiets had gepakt was ik nog een bekende tegengekomen waarmee ik stond te praten, vlak naast de Venezia. Opeens kwam er een hele groep jongens naar buiten rennen. De ene helft was een groep vrienden van buiten Volendam waarmee ik de halve avond was omgegaan, de andere helft waren degenen die op ze insloegen."
„Juist omdat ik een hele leuke avond met ze gehad had, heb ik nog een fractie van een seconde eraan gedacht om ertussen te springen. De reden dat ik dit niet gedaan en gedurfd heb is omdat ik maar een klein meisje ben en al helemaal niet kan vechten. Het enige gunstige scenario dat ik kon bedenken was dat de jongens nog voldoende moraal hadden om geen meisjes te slaan, maar aangezien ik ze allemaal ken van naam en gezicht en ik het vermoeden van de moeder wat betreft drugsgebruik deel, durfde ik daar niet vanuit te gaan. Mijn bekende en ik hebben ons dan ook, hoe laf het ook is, zo snel mogelijk uit de voeten gemaakt."
„Op dat moment was het echter niet meer dan een `normaal' gevecht en ik schrok dan ook erg toen ik later las dat het zo uit de hand was gelopen. Bijna wilde ik dat ik er wel tussen gesprongen was, maar dat zou waarschijnlijk toch niets uitgehaald hebben. Het is gewoon zonde dat er in Volendam zo'n groep drugsgebruikers rondloopt die het zo nu en dan blijkbaar leuk vinden om het voor anderen te verpesten. En iedereen weet het, maar er wordt niets gedaan."
`Geen aangifte, geen zaak'
Leon Veldt, woordvoerder var de politie Zaanstreek-Waterland heeft weet van het incident er het verhaal van de moeder. „Die avond is er melding van gemaakt maar toen we ter plaatse waren was alles al voorbij. Nadien is er geen aangifte gedaan, dus dan is er ook geen zaak.
De betreffende mevrouw heeft een week later wel een aanklacht ingediend en die is in behandeling genomen. De klachtenbehandelaar heeft haar later weten dat daar acht tot tien weken voor staat en die zijn nog niet verstreken. We staan open voor communicatie wanneer iemand nog iets te vragen of te melden heeft. En wat de weekeinden betreft hebben we meer man op straat. We zijn scherper, maar kunnen niet overal meteen bij zijn."