Over de advocaat en de boef
In ’Uitgesproken’ geven vaste columnisten bij toerbeurt hun mening. Vandaag strafadvocaat Johan Mühren uit Volendam.
Laatst had ik de oppas over een tweeling van zeven jaar oud. Zo onvoorspelbaar als kinderen kunnen zijn, vroeg één van de twee meisjes uit het niets wat voor werk ik deed. Om het niet al te ingewikkeld te maken, antwoordde ik ongenuanceerd dat ik ‘boeven verdedig’. Zonder adem te halen, keek ze me strak aan en zei ze: ‘Dan ben jij ook een boef’! Dit was koren op de molen van mijn vriendin, die haar glimlach niet kon onderdrukken.
Mijn charmeoffensief, het expres verliezen met een bordspel en het op ludieke wijze voorlezen van een stripverhaal, had weinig effect. Ze wilden alleen nog maar ‘politie en boefje’ spelen, waarbij ik u niet hoef uit te leggen wie van de twee ik moest voorstellen. Niet alleen kleine kinderen, maar ook sommige volwassenen stellen advocaten gelijk aan de daden van hun cliënten. Dat raakt mij persoonlijk en ik vind dit een misselijkmakende aantijging, die weinig getuigt van een weldoordachte meningsvorming.
Een advocaat doet namelijk niets anders dan zorgen voor een eerlijk proces; zorgen voor ‘equality of arms’, zoals dat heet. Een verdachte is ten opzichte van het Openbaar Ministerie namelijk op meerdere fronten in het nadeel. Een verdachte heeft vaak een informatieachterstand en hij heeft minder middelen om zichzelf te verdedigen. Het is aan een advocaat om ervoor te zorgen dat die ongelijkheid wordt weggenomen door er bijvoorbeeld voor te zorgen dat er geen relevant bewijs wordt achtergehouden of door zelf onderzoekswensen in te dienen.
Sommige mensen lijken onvoldoende te onderkennen dat een verdachte onschuldig moet worden gehouden totdat het tegendeel bewezen is. Ook wordt soms vergeten dat een advocaat regelmatig modelburgers bijstaat die door ongelukkige omstandigheden (eenmalig) met politie in aanraking zijn gekomen. Daarnaast wordt door sommige mensen uit het oog verloren, dat een advocaat niet alleen verdachten, maar ook slachtoffers adviseert. En in de laatste plaats is natuurlijk ieder mens gelijkwaardig, zodat iedereen recht heeft op een eerlijk proces. Het meisje van zeven kan ik natuurlijk niets verwijten. Maar als u wordt aangehouden en er worden dwangmiddelen op u toegepast, laat u zich dan bijstaan door een ‘boef’?
Johan Mühren