ZVV Volendam weegt voors en tegens af van vrijwillige stap terug uit eredivisie
Nieuw is het probleem niet voor ZVV Volendam, maar nog niet eerder is het zo concreet geweest als nu. Is het voor de zaalvoetbaltrots uit het vissersdorp verstandig om op deze manier te blijven aanmodderen. In de kelder van de eredivisie? „We moeten ons gezond verstand gebruiken."
Het is vrijdagavond 11 januari, even na tienen, als bestuurslid technische zaken Nico Binken de kleedkamer betreedt van Volendam, dat met 2-1 Leekster Eagles heeft verslagen. Trainer Camiel Schilder maant zijn manschappen tot stilte. Binken start zijn praatje. Of het voor de toekomst van de vereniging niet beter is om het komende seizoen een divisie lager te acteren. De secure woorden geven de selectie stof tot nadenken. Is er voor Volendam een gezonde basis om verder te gaan op het hoogste niveau?
Vrijwillige degradatie dus. Iets wat er bij topsporters vaak moeilijk ingaat. Zaalvoetbal-minnend Volendam verkeert in dubio. Sinds de terugkeer op het hoogste niveau is het voor de ZVV heel lastig gebleken hoge ogen te gooien in de competitie. Het bivakkeert al twee seizoenen in de onderste regionen, zonder uitzicht op doorgroei naar de middenmoot of subtop van Nederland. Daar is het kwaliteitsverschil simpelweg te groot voor. „Wij hebben geen sponsor die zomaar even een ton uittrekt om alle goede spelers bij elkaar te kopen, zoals AORC. Dat was nog niet gek lang geleden, net ais wij, een bescheiden ploeg in de eredivisie", meent selectielid Ron Keizer. „Dat moeten wij niet willen. Wij doen het met jeugd en jongens uit ons eigen dorp. Maar om die zo goed mogelijk in te passen lijkt het mij verstandig een klasse lager te voetballen. Daar is dit niveau te hoog voor."
Keizer geeft als voorbeeld zijn teamgenoot en talent Tom Hagenhoek. „Die jongen wordt van achter zijn man aanlopen echt niet beter. Van de speeltijd die hij krijgt heeft hij negen van de tien keer de bal niet. En als hij hem wél heeft, wordt hij door bomen van kerels omver gelopen. Tom en andere talentvolle jeugdspelers hebben veel meer baat bij spelen op een lager niveau. Daar waar zij wel de bal hebben en het spel kunnen maken."
Nico Binken kan zich vinden in Keizers woorden. „Nog zo'n jaar kan funest zijn voor de club. Natuurlijk, je wilt op een zo hoog mogelijk niveau voetballen. Maar daarvoor is onze basis simpelweg te klein. En sinds kort maakt RKAV Volendam (veldvoetbal, red.) zijn selectiespelers het voetballen in de zaal haast onmogelijk. Soms hebben we zes man op de training, dat is echt te weinig. En om nou in wedstrijden als tegen CFE de jeugd te laten spelen, daar maak je ze alleen ':ar kapot rum, Een ander verhaal wordt het als er op korte termijn vijf spelers bijkomen die daadwerkelijk iets aan het niveau toevoegen."
Het bestuur van de voormalige zaalvoetbalgrootmacht heeft voor ogen om het over twee a drie jaar nog eens in de eredivisie te proberen. Maar dan met een grotere basis, bestaande uit spelers uit de eigen gemeente. Binken: „Hopelijk kunnen we dan wel weer de aansluiting met de subtop vinden."
`Volendam benadrukt dat niet 'slechts’ om plannen gaat en er nog allerminst iets duidelijk is. Want waar er voorstanders van een idee zijn, zijn er altijd mensen die er een andere mening op nalaten. Trainer Camiel Schilder is er nog niet uit. ,,Ik ben bang dat er veel spelers zullen vertrekken als wij daadwerkelijk vrijwillig zullen degraderen. En is de aanwas van jeugdvoetballers groot genoeg om dan dat gat te dichten, vraag ik mij dan af. Het is allemaal nog glazen-bolwerk, ik weet nog niet waar mijn voorkeur ligt."
Medio mei denkt de club de knoop te hebben doorgehakt.