Naar de inhoud

Broers Leo en Dirk Spronk traden in voetsporen vader (foto)

Bron: NHD

Bedrijven met levenservaring. In de serie 'Sinds' portretteert Dagblad Waterland' ondernemers en bedrijven van respectabele leeftijd. Vandaag Keurslagers Dirk en Leo Spronk in Monnickendam.

Vader Leo wist het in 1999 zeker. „Jongens, als jullie het slaairs ook nog leuk willen hebben, neem dan ieder je eigen winkel." „Dat had-ie goed gezien", zeggen de broers Spronk nu. „Je hoort zo vaak over ruzie in de familie. Wij komen nog gezellig bij elkaar over de vloer én in de winkel." Keurslagers Leo (49) en Dirk Spronk (45) hebben elk hun eigen winkel, respectievelijk in winkelcentrum 't Spil en aan het Zuideinde in Monnickendam. Het was hun vader die precies 50 jaar geleden, in 1963, slagerij Veltrop aan het Zuideinde overnam. „Een échte spekslager, herinnert Leo jr. zich. „Je had in die tijd nog gescheiden varkens-, paarden- en runderslagers, slagers die aan katholieken leverden en slagers met hervormden als klant.

Vader Leo wilde of kok óf slager worden. Na een vaartocht onder de vlag van de KNSM wist hij het zeker: slager. Leo kon namelijk niet tegen de warmte van de keuken, zo bleek. Aan wal wilde hij samen met Mariejanne een gezin stichten. Veltrop, uit overlevering zelf al de tweede generatie, had geen opvolger en wilde de slagerij wel verkopen. Leo Spronk nam winkel en achtergelegen woonhuis over. „Thuis heb ik papieren liggen met als start het jaar 1932", vult Dirk aan.

De slagerij groeide en groeide. De beide jongens werkten van jongs af aan mee. „Daar is nooit enige discussie over geweest. Slager is ook een mooi vak, altijd als geweest. Helemaal toen je ook nog zelf slachtte. Het was volle bak, met z'n allen in de winkel. De slagerij werd steeds groter en het woonhuis steeds kleiner, totdat alleen de oude keuken er nog stond. De rest was winkel en slagerij geworden. Onze ouders waren verhuisd naar een woning naast de slagerij."

In 1984 werd een tweede zaak geopend, in winkelcentrum 't Spil. „De zaak bestond al zes jaar toen het nog een noodwinkelcentrum was. Vader zei, 'er komt toch een nieuwe slager in het centrum, laten wij dan maar die slager zijn'. Eén concurrent minder, zo zag hij het. We hebben wisselend in beide zaken gewerkt, totdat het momentwas gekomen om met pensioen te gaan. Hij had die overgang wel goed voorbereid. Al in 1989 werden we een vennootschap onder firma en werden wij, de zoons, medefirmant. In 1999 stapte hij uit de zaak en hebben we de beide winkels – op zijn advies – gesplitst.

Het leven van een slager - haast elke detaillist - is hard werken en lange dagen. „We zijn in Monnickendam met vijf vleesaanbieders; drie slagers en twee supermarkten. Dat is best wel veel op afgerond 10.000 inwoners." De beide broers zijn geraakt door de recente voedselschandalen. „Vader heeft ons vanaf de eerste dag ingeprent: zorg dat je kwaliteit biedt, zorg dat je altijd achter je product kunt blijven staan. We staan nog steeds voor kwaliteit. Beter een product niet verkopen of met een kleinere marge, dan goedkope bestanddelen gebruiken. Dat is het begin van het einde, want waar houdt het dan op. Blijf bij kwaliteit, zei vader altijd."

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.