Wachtgeld gemeenteraadsleden en leden van de Provinciale Staten afgeschaft
Het wachtgeld voor gemeenteraadsleden en leden van de Provinciale Staten wordt helemaal afgeschaft. De huidige raads- en Statenleden kunnen nog aanspraak maken op deze uitkering als zij na de komende verkiezingen niet terugkeren, maar daarna is het gedaan. Dat heeft de ministerraad zojuist besloten na een voorstel van minister Plasterk (Binnenlandse Zaken) daartoe. „Deze functies zijn nadrukkelijk nevenfuncties, die doe je ernaast”, legt de minister uit. „Daar vonden we deze regeling niet meer voor nodig.”
Niet alle gemeenten en provincies hebben zo’n wachtgeldregeling voor oud-politici. Als het aan Plasterk ligt mogen zij die ook niet snel maken voorafgaand aan de wachtgeldstop. Het besluit hoeft niet meer naar de Tweede Kamer, het is namelijk een ministeriële regeling. Plasterk heeft al met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en het Interprovinciaal Overleg over de kwestie gesproken. „Zij konden zich in deze maatregel vinden.”
Het wachtgeld voor fulltime functies, zoals voor wethouders en gedeputeerden, blijft wel bestaan.
Als aan een minister of staatssecretaris ontslag wordt verleend, of als een lid van de Tweede Kamer aftreedt, en de betrokkene is nog geen 65 jaar, dan heeft deze recht op wachtgeld, ook als het een ontslag op verzoek betreft of een vrijwillig aftreden. De reden van de aparte regeling is een verhoogd afbreukrisico door, onder andere, de kans dat de betrokkene onverwacht zijn functie verliest. Niet altijd is terugkeer naar de oude baan mogelijk.
De regeling is als volgt:
- De duur van de wachtgelduitkering is gelijk aan de duur van de vervulling van de politieke functie, met een minimum van 2 jaar en een maximum van 3 jaar en 2 maanden. Bij een functievervulling van minder dan 3 maanden bedraagt de uitkeringsduur 6 maanden.
- Voor wie bij aftreden 55 jaar of ouder is en meer dan 10 jaar het ambt heeft bekleed duurt de uitkering tot hij 65 jaar is.
