Geestelijk begeleider Ben de Bock De Meermin: De rituelen van het leven (foto)

Foto Cor Kes - www.luxphotography.nl
In de laatste aflevering (deel 21) in onze reeks over de wereld in en rond de Meermin, staan we stil bij de geestelijke verzorging van de bewoners. Behalve een schoon bed, goed eten en recreatie is dit misschien wel het belangrijkste stukje zorg dat geboden wordt. Geestelijk verzorger en ethicus Ben de Bock vertelt over zijn werk in de Zorgcrikel.
Geestelijk begeleiding is een specialisatierichting van de opleiding theologie die Ben de Bock gevolgd heeft. “Ik vind het werken in een verzorgingstehuis erg bijzonder. Je zou kunnen zeggen dat ik in mijn werk ben meegegroeid. In mijn twintigerjaren was ik studentenpastor aan de universiteit, toen ik rond de veertig was, werkte ik in een ziekenhuis en nu ik de zestig gepasseerd ben, werk ik hier. Mijn zorg hoort bij het standaardpakket, ik word niet door de zorgverzekeraar gedwongen tot een diagnose-behandelingsplan of afspraken met betrekking tot een therapeutisch proces. Ik hoef me niet te verantwoorden over hoeveel tijd ik bij iemand ben geweest of waarom. De tijd die ik bij iemand doorbreng is onderdeel van de zorg, net zoals de portier, schoonmaker of receptioniste dat is.”
Stervensbegeleiding
“Mijn dagen liggen niet vast. Als ik hoor dat iemand hulp nodig heeft, kan ik daar langs gaan. De mensen die ik spreek zijn in te delen in verschillende categorieën. Als iemand bijvoorbeeld vreselijk ziek is, op sterven ligt, dan valt er niet meer te praten. Dan ga ik er slechts bijzitten en hou de hand vast, of leg een arm om de schouder. Fysiek contact is dan het belangrijkste, het gevoel dat iemand niet in de steek wordt gelaten. Als ik iemand hand vastpak, laten ze vaak niet meer los. Mensen van een hoge leeftijd, vaak zonder partner kennen geen non-functionele fysieke aanrakingen meer, terwijl dat zo belangrijk is.”
Partner kwijt
“Een andere belangrijke groep mensen die ik spreek zijn weduwen en weduwnaars. Het verdriet is niet pathologisch, maar ze blijven het wel voelen. Het kan dan heel waardevol zijn om er over te praten. Er is een meneer waar ik elke week kom en elke keer luister ik weer. Ik hoef dan alleen te zeggen: erg he, om iemand zo te missen en dan voelt hij zich erkend in zijn gemis. Als iemand zijn of haar partner naar een verzorgingstehuis heeft gebracht, geef ik die ook steun. Ze kunnen de persoon waar ze van houden niet meer verzorgen, dat doet pijn. Dat kun je niet wegnemen, maar je kunt er wel aandacht aan schenken. Ook personeelsleden kunnen soms steun gebruiken. Ik vergeet het nooit, toen ik nog studeerde, ging er een medestudent bijna door het lint. Er was voor het eerst iemand zijn armen overleden, dat is heel heftig.”
Afscheidsritueel
“Er zijn ook actuele situaties, waarin iemand te horen heeft gekregen dat hij niet meer zal leven. Dat kan een gezin behoorlijk op z’n kop zetten. Voor sommigen is het een opluchting, anderen willen juist niet dood. Vaak neem ik dan de regie over. Ik vraag vader of moeder of ze nog iets wil zeggen tegen zoon of dochter, of andersom. Dan kun je bewust afscheid nemen en glipt z’n moment niet door de vingers. Soms is er niet veel te zeggen en spreek ik bijvoorbeeld een gebed uit, bijvoorbeeld het sacrament van de zieken. Ik zie dat als een afscheidsritueel. Het komt ook voor dat ik een gebed improviseer. Ik zalf de zintuigen; dat de handen waarmee geknuffeld is, de ogen waarmee ze de wereld in gekeken hebben en de oren waarmee ze geluisterd hebben, gezegend mogen worden. Als de ogen zich dan voorgoed sluiten, het eeuwig licht mag stralen, dat is een rite de passage, een overgangsritueel.”
Verhalen
“Rituelen zijn zo belangrijk, bij alles in het leven. Net zoals verhalen, verhalen uit de bijbel, mythen of sprookjes. Mensen hebben verhalen nodig om iets wat je niet kunt plaatsen toch een plek te geven, dat is het mooiste aan mijn werk. Iemand zei tegen me: ik wacht op de dood, ik hoop dat hij snel komt. Ik ken de meeste mensen niet, dus kan ik onbenullige vragen stellen. Waar bent u geboren? Wat heeft u gedaan? Heeft u de oorlog meegemaakt? Dan komen vanzelf de verhalen, dat leidt af en het verhaal van de dood wordt in een groter perspectief gezet, dat van het leven. Wie ze zijn geweest en wat ze betekend hebben kan troost bieden.”
Zinvol leven
“Ik krijg nog regelmatig kippenvel. Binnen een fractie van een seconde is iemand van een levende een dode. Dat maakt je bewust van de vergankelijkheid en ook van mijn eigen sterfelijkheid. Elke levensfase heeft een eigen taak of opdracht. Maar het is niet zo dat het leven zinloos wordt als je niets meer kunt doen. Als een demente bejaarde nog steeds kan genieten van warmte, oude herinneringen, foto’s of films is dat toch zinvol? Het is niet fijn om ouder te worden, je wereld wordt steeds kleiner. Dan is het juist van belang om niet afgeschreven te worden, dat je toch nog telt voor iemand die belangstelling blijft tonen en naar je luistert, dat geeft het leven zin.”