Naar de inhoud

Kitesurfen is een spel tussen de elementen en test je kracht, lef en uithoudingsvermogen

Bron: NHD

Als er één sport is waar­bij twee ele­men­ten nauw sa­men­wer­ken is het ki­te­sur­fen. Wa­ter en lucht zijn daar­bij on­los­ma­ke­lijk met el­kaar ver­bon­den. Toch is het ene ele­ment ab­so­luut be­lang­rij­ker dan het an­de­re en daar­over hoeft Da­ni­ël­le Slegt niet lang na te den­ken: ,,Dat is ab­so­luut de lucht. Zon­der wind be­staat on­ze sport niet.''

Slegt heeft sa­men met haar man Pim een ki­te­surf­win­kel aan de Kei­zers­gracht in Edam. In­to Fun is het pro­duct van een ja­ren­lan­ge lief­de voor ki­ten. ,,Mijn man had wind­sur­fen als hob­by. Op va­kan­tie in het bui­ten­land kwa­men we een keer ki­te­sur­fers te­gen. Des­tijds was dat nog een re­la­tief on­be­ken­de sport, maar Pim was di­rect ver­kocht.'' De fa­mi­lie Slegt leer­de ki­te­sur­fen op de 'old­school'-ma­nier. ,,Met ou­de vlie­gers en twee lij­nen. Dan moest je twee we­ken ploe­te­ren, wil­de je het een beet­je le­ren.''

Maar zo­als zo­veel spor­ten werd ook het ki­te­sur­fen ge­mo­der­ni­seerd. Te­gen­woor­dig heb­ben de mees­te ki­tes vijf lij­nen (en zijn daar­door mak­ke­lij­ker han­teer­baar) en ben je met een twee­daag­se cur­sus klaar om in je een­tje het wa­ter te trot­se­ren. ,,Dat kan in het IJs­sel­meer en het Mar­ker­meer maar ook in de Noord­zee'', zegt Slegt. ,,Ne­der­land is een pri­ma ki­te­sur­f­land, van­af wind­kracht vier kun je al het wa­ter op en ze­ker op zee heb je een mooie, con­stan­te wind.'' Het IJs­sel­meer is ook fa­vo­riet bij Slegt. ,,Je hebt daar heer­lij­ke golf­slag en we ko­men er graag. Om te le­ren ki­te­sur­fen is het niet ide­aal: de dijk waar­op je je ki­te moet op­la­ten is wat smal.''

Over de wind kan Slegt nog wel uren door­pra­ten. Een haat-lief­de­ver­hou­ding heeft ze er in ie­der ge­val niet mee. Echt­ge­noot Pim schreeuwt van­af de twee­de ver­die­ping naar haar toe: ,,Lief­de! Het is al­leen maar lief­de!'' Slegt moet la­chen. ,,Het mooie aan ki­te­sur­fen, en dus ook aan de wind, is dat het al­tijd span­nend blijft. Je moet con­stant die ki­te, of vlie­ger, in be­dwang hou­den. Dat vergt kracht, tac­tiek en een beet­je durf. Be­gin­ners zul­len voor­al lek­ker ach­ter zo'n ki­te gaan han­gen en rond­jes va­ren. Men­sen die al wat lan­ger ki­te­sur­fen zul­len pro­be­ren spron­gen te ma­ken. Je kunt het zo gek ma­ken als je zelf wilt.''

Het ty­peert ki­te­sur­fers dat ze bij het klein­ste zucht­je wind al naar bui­ten wil­len. ,,Het sei­zoen be­gint on­ge­veer in april en duurt tot ok­to­ber. In Ne­der­land heb je in ju­li en au­gus­tus veel wind­vrije da­gen en kan je dus niet ki­ten.''

Ge­luk­kig heb­ben de spor­ters daar wat op ge­von­den. Zo'n vier jaar ge­le­den maak­te 'sup­pen' zijn in­tro­duc­tie: stand up padd­le sur­fing. Je staat recht­op, op een lang surf­board (3,80 me­ter) met een ped­del in je hand en kan zo over al­ler­lei wa­ter ped­de­len. ,,In Edam kun je door de gracht­jes en naar het Mar­ker­meer. Als je wat meer uit­da­ging zoekt kun je het op zee pro­be­ren waar wat meer gol­ven zijn. Ie­der­een kan het.'' De doch­ter van Slegt, de ne­gen­ja­ri­ge Dé­dé, is drie maan­den ge­le­den be­gon­nen met sup­pen. Op haar blo­te voe­ten be­treedt ze het enor­me bord. Ki­te­sur­fen doet ze nog niet. ,,Dat vindt ma­ma nog geen goed idee. Pas als ik 14 ben, mag ik dat pro­be­ren.''

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.