’Landsmeer kan niet alleen’
Het college van Landsmeer acht samenwerken of samengaan met andere gemeenten noodzakelijk. Dat blijkt uit de aanbiedingsbrief bij de nota toekomstvisie van het college. Eerdere pogingen tot verdergaande samenwerking met andere gemeenten zijn gestrand. B en W leggen twee keuzes voor: samenwerken of samengaan met andere landelijke gemeenten of met een stedelijke gemeente. Voor samengaan met landelijke gemeenten ligt in de optiek van B en W de keuze voor Oostzaan, Wormerland en Waterland voor de hand: 'Gevieren vormen zij een gemeente van behoorlijke omvang.' Een andere optie is Edam-Volendam en Zeevang. Bij de steden denken B en W aan Amsterdam, Purmerend of Zaanstad.
Bureau Berenschot, dat onderzoek deed voor de nota toekomstvisie, omschrijft de ambtelijke organisatie van de 10.000 zielen tellende gemeente Landsmeer als kwetsbaar. Ook bestaat het beeld dat de organisatie moeite heeft om alle veranderingen en ontwikkelingen bij te houden. Het kleine formaat van de organisatie speelt daarbij een belangrijke rol. De gemeente koopt voor diverse taken al diensten in bij andere gemeenten. Taken als belastingen en WMO-taken worden uitbesteed aan naaste buren (Waterland) en aan buursteden (Amsterdam en Purmerend).
In de toekomstvisie wordt gesteld dat de groene en waterrijke omgeving gekoesterd moet worden. Ook is het de 'goudmijn' die als economisch speerpunt benut moet worden om meer toeristen te trekken. Gemeente Landsmeer wil fungeren als de 'Poort naar het Waterland', de noordvleugel van Amsterdam zou ontwikkeld moeten worden als Park Waterland.
Een bedrijfsverzamelgebouw moet plaats bieden aan startende ondernemers. De vraag naar woningen is enorm, vooral onder jongeren, maar er wordt niet gebouwd. Landsmeer roept de dorpelingen om ideeën. Daarbij past slim omgaan met 'regeltjes'. De raad bespreekt de nota op 8 oktober om 19.30 uur met bewoners in het Dorpshuis.