Niet zomaar een berg spullen voor Roemenië (foto)

Help Roemenië de winter door’ georganiseerd in 1989 door Piet Keesman, Sake Tuinsma en Ruud van der Heyden was voor Piet en Ineke de Boer hun eerste kennismaking met Roemenië. Zij konden toen nog niet vermoeden dat Roemenië na die actie een belangrijk deel van hun leven zou gaan worden. “Het begon begin jaren 90 met adressen van gezinnen in Roemenië, welke wij kregen van mensen hier. Deze gezinnen in Roemenië gingen wij dan langs met diverse spullen.” Schrijnende gevallen maakten ze mee, maar ieder jaar zagen zij dat het werk wat ze doen zin had. “De ervaring leerde ons in de loop der jaren dat je niet teveel spullen moet brengen. De mensen zijn dan zuiniger op hun spullen,” zegt Piet. “Inmiddels redden deze gezinnen zich heel goed en hoeven wij er niet meer langs. Een aantal van hen zijn heel goede vrienden geworden, dus die zoeken we nog altijd op,” vertelt Ineke.
“We komen bij de allerarmsten, maar we werken wel via vertrouwensmensen,” vertelt Piet verder. “Deze mensen weten waar de spullen het hardst nodig zijn. Wij krijgen dan van hen een adres, waar wij heen gaan om iets langs te brengen. Als wij die vertrouwensmensen niet hebben, lukt het ons niet om projecten te ondersteunen,” zegt Ineke. “Mensen weten dat we komen,” zegt Piet. “We gaan niet op bezoek ofzo. We zetten het gevraagde in de gang en gaan weer verder.” Piet en Ineke hoeven dan ook geen bedankjes. “Liever zien we later dat het goed gebruikt is.”
Helaas wordt het verschil tussen arm er rijk steeds groter. “Het is net of wij ieder jaar een stapje lager gaan naar de mensen,” weet Piet te vertellen. “We gaan in april én november naar Roemenië. Soms in de zomer. Wij rijden achter de vrachtwagen aan. We blijven dan zeker een maand weg en gaan we bij alle projecten langs. Eigenlijk is het een soort werkvakantie,” zegt Piet met een glimlach. Beiden verstaan ze een beetje Roemeens, niet echt een gemakkelijke taal. “Maar ná de val van Ceaucescu in 1989 is de jeugd massaal Engels gaan leren. Dus met die taal redden we ons ook,” grinnikt Piet. Piet heeft altijd al een binding gevoeld met Oost Europese landen, al op de lagere school. Niet wetende dat hij in de toekomst ook daadwerkelijk veel met Oost Europa te maken zou krijgen.
Het inzamelen van de spullen en geld valt onder Stichting Hulp Oost-Europa Buurtschap Overleek en Helpers (HOEBOEH). “De Stichting was eerst Buurtschap Overleek en Helpers, maar we gingen steeds meer voor Oost Europa doen, vandaar dat de naam uitgebreid is,” legt Piet uit. Piet en Ineke én Nel en Mannes Schurink zetten zich al jaren in met het inzamelen van geld en spullen voor Roemenië. “Wij zijn zeg maar de ‘motors ’van de Stichting,” zegt Ineke met een glimlach. Mannes en Nel, inmiddels de tachtig gepasseerd, zamelen nog steeds geld en spullen in, maar rijden niet meer met de transporten mee.
St. HOEBOEH geeft structurele hulp aan zes projecten in Roemenië. Meerdere keren per jaar vinden hulptransporten plaats. “Op de projecten wordt er naar gestreefd naar zoveel mogelijk selfsupporting. Er is bijvoorbeeld hulp voor een schoolinternaat voor kinderen met een verstandelijke handicap, maar ook voor een opvanghuis voor alleenstaande moeders. Meisjes die ongewenst zwanger raken en het huis uit worden gezet of vrouwen die te maken krijgen met huiselijk geweld worden liefdevol opgevangen. Zo zijn er wel zes grote projecten waar St. HOEBOEH zich voor inzet,” zegt Piet. Ingezamelde spullen gaan naar het huis van Piet en Ineke in Overleek, waar veel opslagruimte is. Er is een gebouwtje waar alle kleren binnen komen en gesorteerd worden. “Daar heb ik een vaste groep voor,” vertelt Ineke. “Een heerlijke groep mensen waar ik graag mee samenwerk. Voordeel met zo’n vaste groep is dat zij inmiddels precies weten wat wel en niet geschikt is.”
In een andere enorme schuur staan nog veel meer spullen, klaar om getransporteerd te worden. Er staan opgestapelde en in plastic gewikkelde dozen. “Kijk,” wijst Piet, “Dit zijn de spullen die binnenkort naar Roemenië gaan. Hier, schoolspullen bijvoorbeeld. De spullen laden we op pallets, wikkelen we in plastic en we zetten de projectnamen erop en dan kan het zó de vrachtwagen in.” Het is een indrukwekkende hoeveelheid. “In Roemenië is dan een opslag en van daar uit wordt het verdeeld. De distributie gaat via Roemeense kerkgemeenschappen. Mensen die hulp nodig hebben komen daar dan heen.” Er zijn projecten in Roemenië die niet alleen spullen nodig hebben, maar ook geld. Verhalen genoeg hebben Piet en Ineke waar het geld aan besteed wordt en dus ook goed terecht komt. Het geld inzamelen gaat ieder jaar met unieke ludieke acties.
Een geraniummarkt bijvoorbeeld “Maar ook gezamenlijk boerenkool eten voor een leuk bedrag, bingo in de Boerenhemel in Overleek, beide altijd een groot succes, ”vertelt Ineke. En dan is er nog het kleine winkeltje aan de weg bij hun huis, wat Ineke gemaakt heeft. Als je door Overleek rijdt, kom je het tegen. Grappige rommelmarktspulletjes, voor elk wat wils. De opbrengst is voor Roemenië. Het is een manier van leven geworden voor Piet en Ineke. De ontroering in hun ogen als zij anekdotes vertellen, zegt genoeg. Ze zijn gaan houden van Roemenië en de mensen daar die zij ontmoet hebben. “De hartelijkheid waarmee wij ontvangen worden, dat is fijn, maar ook zien dat het zin heeft wat wij doen en je mensen daadwerkelijk geholpen hebt.”
Voor informatie over Stichting Hoeboeh kun je contact opnemen met Piet en Ineke de Boer (020-4361709) p.h.deboer@hetnet.nl of Mannes en Nel Schurink (0299-654474). De Bingo is dit jaar op 1 november aanstaande en de opbrengst komt geheel ten goede aan Roemenië. Een website is er nog niet voor Stichting HOEBOEH. “Maar volgend jaar moeten we die toch echt hebben. We zijn dan ook op zoek naar iemand die dit voor ons wilt maken, dus wie dat leuk lijkt en daar goed in is, neem alsjeblieft contact met ons op.”