De verbouwing van Grote Kerkstraat 1 in Edam
[caption id="" align="alignleft" width="420"]
Foto Cor Kes - www.luxphotography.nl[/caption]
Er was veel achterstallig onderhoud dus halve maatregelen zouden niet voldoende zijn, daarom besloot Huibert Baron het grondig aan te pakken. Zijn ouderlijk huis, bestaande uit twee panden, wordt volledig verbouwd en opnieuw ingericht.
“Deze verbouwing is voor een groot deel zo ingrijpend omdat het moest, maar een deel is ook vrije keuze,” legt Huibert Baron uit. Samen met zijn vriendin Marjon Kaandorp, bij wie hij tijdelijk inwoont, geeft hij een rondleiding door de bouw. “Dit is mijn ouderlijk huis. Mijn vader heeft het pand op de hoek, nummer 3, gekocht in 1948 en twee jaar later laten verbouwen tot woning. Het pand ernaast ken ik nog van mijn jeugd en was toen in zeer vervallen staat.”
Nauwe band
“Mijn vader kocht dit er in ’55 bij en midden jaren ‘60 is het gesloopt en opnieuw opgebouwd. Het zijn altijd twee huizen los van elkaar gebleven. Ik heb 30 jaar in Amsterdam gewoond maar ben in 2008, een jaar na het overlijden van mijn moeder, terug naar de Grote Kerkstraat gekomen. De periode dat ik in Amsterdam woonde heb ik altijd een nauwe band met mijn moeder en het huis gehouden, ik was er meer dan wekelijks. Na twee jaar, in de zomer van 2010, heb ik Jan Visser, van De Edamse School benaderd om mij bij de verbouwing van het pand te begeleiden.” Inmiddels is het project in de afbouwende fase en zal Huibert over een maand of drie kunnen verhuizen. “Ik ben bijzonder tevreden over de begeleiding van De Edamse School en Aannemersbedrijf WestFriesland, ook al zijn onderaannemers leveren echt topprestaties.”
Isoleren
“Toen mijn moeder hier nog woonde, was er al veel achterstallig onderhoud, maar dat hebben we toen vooruit geschoven. Het was duidelijk dat half werk niet zou volstaan. Een groot probleem was dat het pand op de hoek niet onderheid was en daardoor verzakte, niet vreemd, want alles hier in dit stukje van Edam is aan het verzakken. Dit was echter een lastige kwestie, omdat het pand niet rechtstandig verzakte, maar scheef en zichzelf daardoor uit elkaar aan het trekken was. Omdat we na onderzoek besloten hadden toch te gaan funderen, bracht dit heel wat met zich mee. De binnenwerkconstructie was in de jaren 50 op een betonplaat gezet, deze moest eruit. De binnenmuren hadden de dragende functie overgenomen. Voordat we deze eruit konden halen, moest alles gestabiliseerd en ondersteund worden. Omdat we alles gingen strippen, heb ik besloten om ook de andere woning, die opnieuw was gebouwd in de jaren 60, aan te pakken. Die was toch meer dan veertig jaar oud en alle vurenhouten kozijnen waren op één na, allemaal verrot. Ook alle dakpannen zijn er af gegaan om van buitenaf isolatie te kunnen aanbrengen.”
Ruimte
In beide panden is een nieuwe constructie op basis van houtskeletbouw gekomen. “Alleen de buitenmuren zijn blijven staan, hierdoor kon ik opnieuw de indeling bepalen. De woning heeft drie lengteassen, maar ik wilde meer gebruik maken van de breedte van de woning, daardoor wordt de totale oppervlakte beter gebruikt. Daarnaast wilde ik me qua woongedeelte meer op de tuinkant oriënteren, in plaats van de straatkant. Mijn vader had de woning ingericht naar zijn eigen ideeën, op de situatie destijds. We waren een gezin met vijf, daardoor waren er verschillende kleine kamertjes. Nu komt er meer uniformiteit, eenheid en openheid. De ruimte die het huis te bieden heeft, komt nu veel beter tot zijn recht.”
Heidense klus
Rondom is dubbelglas gekomen, waarmee de raamindeling versimpeld kon worden. “Mijn vader heeft het huis willen historiseren door er kleine ruitjes van te maken, in plaats van zes ruiten, had hij er vijftien gemaakt. Ik denk dat er in de hele woning wel 200 ruitjes waren, alleen al qua onderhoud is dat een heidense klus.” De mooie luie trap, waardoor Huibert’s moeder er op hoge leeftijd kon blijven wonen, is gebleven maar beneden is de rest van de indeling ingrijpend veranderd. “Voorheen waren er beneden twee smalle doorgangen naar de andere woning, nu komen er grote schuifdeuren, die precies tussen de twee panden doorschuiven. Daardoor heb je veel meer breedtewerking en lichtinval.”
30 jaar opruimen
“Waar mogelijk, hebben we de woning gemoderniseerd, maar er is wel een bepaald karakter behouden gebleven. Mijn vader werkte graag met oude bouwmaterialen, dat zie je ook terug aan de gevel in de achterkant, daar heeft hij verschillende oude stenen gebruikt. In huis stond ook een aantal muurtjes van oude steentjes, maar dat hebben we laten vervallen om de houtskeletbouw te kunnen toepassen. Mijn vader is in 1980 overleden, hij had heel veel spullen en ik ben al drie decennia lang bezig met opruimen. Hoewel het echt anders is geworden, heb ik wel elementen van mijn vaders gedachtegoed behouden, anders had ik het beter kunnen slopen. Het is natuurlijk ruim dertig jaar later, de omstandigheden zijn anders, maar ik denk dat hij het zeker kan waarderen dat ik de woning nog steeds heb en dit ermee aan het doen ben.”