Naar de inhoud

Gemeente, ga nu niet bouwen, een woningtekort is tijdelijk

Bron: Woningbouw

broeckgouw

Grote delen van Nederland zullen binnen tien tot twintig jaar te maken krijgen met een overschot aan koopwoningen. Gemeenten waar de bevolking snel vergrijst moeten oppassen met grootschalige nieuwbouw. Nu de koopwoningmarkt na vijf jaar stilstand aantrekt, willen veel gemeenten weer flink aan het bouwen slaan. Tijdens de woningmarktcrisis zijn veel nieuwbouwplannen immers in de kast gezet. In sommige gemeenten is de vraag naar grondgebonden woningen voor jonge gezinnen alweer hoger dan het aanbod.

Toch is het niet altijd verstandig die woningnood te bestrijden met grootschalige nieuwbouw, stelt het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) . Het koopwoningentekort zal in grote delen van Nederland namelijk vanzelf verdwijnen. Het is een tijdelijk fenomeen, een neveneffect van de vergrijzing. Nederland telt steeds meer vijftigers en zestigers. Die bewonen vaak nog de eengezinswoning waar ze als twintiger of dertiger naar toe verhuisden. De kinderen zijn inmiddels het huis uit, maar de meeste ouderen voelen geen aandrang te verhuizen naar een kleinere woning. In een recente woonwensenenquête onder Brabantse ouderen gaf slechts een paar procent van de respondenten aan binnen twee jaar te willen verhuizen.

Het aantal verhuizingen onder ouderen neemt bovendien steeds verder af, blijkt uit PBL-onderzoek. De 'nieuwe' gepensioneerden zijn veel vitaler dan de vorige generatie ouderen. Zij kunnen en willen daarom veel langer zelfstandig blijven wonen. In 1996 woonde 63 procent van de 85-plussers nog zelfstandig, terwijl dit aandeel in 2013 was gestegen naar 78 procent.

Maar tevredenheid over de huidige woning is veruit de belangrijkste reden om niet te verhuizen. Ouderen willen graag blijven wonen in hun vertrouwde, vaak ruime huis. Meestal komen deze gezinswoningen pas vrij als de bewoners overlijden.

Over tien tot twintig jaar zal het aantal sterfgevallen onder huiseigenaren sterk toenemen, omdat de omvangrijke babyboomgeneratie dan de hoge ouderdom bereikt. Het aantal woningbezitters onder deze generatie is veel hoger dan onder de generatie daarvoor. De koopwoningmarkt zal tegen die tijd overspoeld worden door gezinswoningen uit de jaren zeventig en tachtig, voorspelt het PBL. Rond 2030 komen er jaarlijks circa 53 duizend koopwoningen vrij. Dat is ongeveer evenveel als de nieuwbouwproductie van vóór de kredietcrisis.

Maar over 15 jaar zal de vraag naar dat soort woningen een stuk lager zijn dan nu, omdat het aantal jonge huishoudens de komende decennia flink daalt. De geboortecohorten van na 1975 zijn namelijk veel kleiner dan de generaties ervoor. Volgens de bevolkingsprognose van het CBS is in 2040 ruim een kwart van de Nederlanders ouder dan 65 jaar. Op dit moment is dat iets meer dan 16 procent.

PBL-onderzoeker Martijn Eskinasi raadt gemeenten met een vergrijzende bevolking aan zich nog eens goed achter de oren te krabben voordat ze grootscheepse nieuwbouwplannen maken. 'Je moet je afvragen of je in gebieden die nu te maken hebben met een piekvraag op de woningmarkt nog hele uitbreidingswijken in het weiland moet neerzetten. In zulke regio's, waar de woningnood zeer waarschijnlijk tijdelijk is, moeten gemeentebesturen creatiever zijn. Je moet dan denken aan het ombouwen van leegstaande kantoor- en winkelgebouwen tot tijdelijke woningen, het slopen en vervangen van verouderde woningen en het aanpassen van de bestaande woningvoorraad aan veranderende woonwensen.'

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.