Eten uit de moestuin: ‘Lekker, puur en goed’
Sinds 2012 hebben Gerda Muelink en Greetje Reilingh samen een moestuin. Op een van de mooiste plekjes van Edam, aan de rand van het fort met uitzicht op de polder, vertellen de dames wat het geheim is van een moestuin en hoe we allemaal kunnen beginnen.
Het najaar hangt al in de lucht maar in de tuin van Gerda en Greet staat nog van alles, dit in schril contrast met andere tuinen die al helemaal leeg zijn. “In onze kruidenhoek staan salie en tijm, verderop zie je kardoen, een ouderwetse groente waarvan je de stelen eet en Nieuw-Zeelandse spinazie, een vergeten groente,” vertelt Gerda. Daarachter staat een herfst-framboos die tot laat in het jaar vruchten draagt. Ook de andijvie, winterpostelein, prei, snijbiet in drie kleuren, verschillende soorten wortel en bietjes, pastinaak, knol- en bleekselderij, palmkool, rettich en venkel staan nog in de tuin. Er bloeien verder kleurrijke dahlia’s en andere bloemen en voor de bijen is er een insectenhotel. “Het zijn altijd vrouwen die bloemen neerzetten. Mannen doen alleen het nodige, wij willen dat het er ook leuk uit ziet,” aldus Greetje.
Zelf inmaken
De bonen, sla en tomaten zijn op, net zoals de meeste courgettes. Greet: “Die hebben we deze zomer echt te over gehad, net als de bramen, een groot deel daarvan zit nu in de vriezer.” Toen de dames, tevens buurvrouwen, hun samenwerking aangingen, hebben ze een grote vriezer aangeschaft, zodat ze voldoende plek hebben voor de wintervoorraad. Gerda: “We maken ook veel in, zoals bieten en courgettes op zuur. Je kunt echt alles inmaken, er zijn heel veel leuke boeken over waar je in kunt neuzen en vervolgens zelf weer nieuwe combinaties maken.”
Anders eten
“We eten hoofdzakelijk uit de tuin en proberen dus zo min mogelijk in de winkel te kopen. Soms koop ik een bloemkool, dat is namelijk een lastige om zelf te telen. Door de moestuin zijn we zeker anders gaan eten, je weet nu echt wat je eet. Je wordt er bovendien creatief van. Wij houden ook allebei van koken, dat maakt het extra leuk, inmiddels zijn we beiden met pensioen dus we kunnen er ook de tijd voor nemen. En je proeft het echt! Als we iets aan iemand meegeven krijgen we dat altijd te horen. We zijn inmiddels verwend natuurlijk, het is gewoon lekker en puur, het is goed.”
Biologische zaden
Er wordt alleen met biologische zaden (Vreeken zaden) gewerkt en begin januari worden de zaden thuis in de vensterbank voorgetrokken. Stekjes jonge sla en tomaat krijgen een plekje in de kas. Greet: “Daar kijk ik elk jaar weer naar uit, de eerste sla. Dit jaar heb ik voor het eerst zelf tomaten geënt. Als ze geënt zijn, zijn ze beter resistent tegen ziektes en de opbrengst is groter. Ik vind het natuurlijk ook heel leuk om te doen.” Er worden geen bestrijdingsmiddelen zoals slakkenkorrels gebruikt: “het hoeft er niet zoals in de winkel uit te zien. Een kool mag best wat vreetgaatjes hebben, hij zal er niet minder om smaken.”
Als buurt iets opzetten
Het zelf telen wordt populairder, voor de volkstuin van Gerda en Greetje is er inmiddels een wachtlijst. “Je kunt op je balkon of tuin al een bak neerzetten met wat snijbiet of sla, je zal er van staan te kijken wat daar vanaf komt.” Gerda vult aan: “Als tip voor een beginnende teler zou ik willen zeggen: begin klein, dan is het bij te houden. Dat is namelijk het enige nadeel, het is veel werk. Het levert natuurlijk wel veel op en je blijft er lekker fit van. Ook kan ik een samenwerkingsverband aanraden, dat is een stuk gezelliger. Mensen met kinderen en een baan zouden bijvoorbeeld gezamenlijk iets in de buurt kunnen doen.” Greetje: “Dat is ook voor de kinderen goed, er zijn kinderen die niet eens meer weten dat wortelen uit de grond komen.”