Uitbreiding en toekomst De Breek
Uitbreiding en toekomst De Breek Bezoekerscentrum De Breek bestaat bijna tien jaar en wordt momenteel uitgebreid met een kapschuur. Naast extra beschutting biedt het gebouw ook meer ruimte voor de activiteiten van het centrum. Waarom de schuur erbij komt en wat de toekomstplannen zijn vertelt beheerder Anna Frederiks. ‘Ik wil het kleinschalig houden’.
De Etersheim Braak, gelegen langs de dijk tussen Warder en Etersheim, voldoet in alles aan het romantisch ideaalplaatje van Nederland: er is een dijk, met slootjes doorsneden weilanden, grazend vee, een vlucht ganzen en uiteraard een molen. Toch is die laatste pas sinds 2002 opnieuw uitgerust met een kap en roeden. Vanaf 1930 was het een zogenaamde stomp. Sinds 2003 is hij weer maalwaardig. Het gebied dankt zijn naam aan een dijkdoorbraak. Deze braak is in 1632 bedijkt en drooggelegd. Vandaar de molen. Ooit telde de Zeevang 32 molens, nu nog maar één. Echt noodzakelijk voor het drooghouden van de polder is de maalmolen dan ook niet meer. Het gaat om de monumentale waarde.
Vrijstaande kapschuur In 2005 werd niet alleen de molen in ere hersteld door Molenstichting Zeevang, er kwam ook een bezoekerscentrum voor educatieve activiteiten en kleinschalige horeca bij. Momenteel wordt bezoekerscentrum De Breek uitgebreid met een vrijstaande kapschuur van zes bij zestien meter. De bouw is onder andere mogelijk gemaakt door een bijdrage uit het VSB-fonds.
Ontdekkingsroute De schuur biedt extra ruimte voor exposities van lokale kunstenaars, lezingen en het ontvangen van groepen zoals schoolklassen die een zogenaamde ontdekkingsroute gaan lopen. Dat is een wandeling door het polderlandschap waarbij ze spelenderwijs met de natuur kennismaken. Voorheen kwam zo’n groep na afloop weer bijeen in het bezoekerscentrum. ‘Als ze dan met hun modderlaarzen binnen waren geweest, kon de vloer gelijk weer schoongemaakt worden’, zegt Anna Frederiks, beheerder van De Breek.
Secreet
Anna bestiert het centrum al vanaf het begin en woont ook op het terrein. ‘Tien jaar geleden was er nog geen eens een echte ontsluiting’. Daar is inmiddels verandering in gekomen. Ook bevat De Breek nu vijf buitenboeken met informatie over de molen en de omgeving en een waterrad dat laat zien hoe de molen vroeger water oppompte. Een nagebouwd secreet geeft een idee van hoe men vroeger zijn behoeften deed, maar is niet bedoeld voor daadwerkelijk gebruik. De plannen voor de toekomst zijn het ‘educatiever en vooral interactiever maken van het terrein’.
Bruine vloot Ondanks dat het bezoekerscentrum nu wordt uitgebreid met een schuur wil Anna de kleinschaligheid in stand houden. ‘Motorclubs en touringcars vol toeristen zijn doelgroepen die ik bewust mijd’. Ze richt zich nu vooral op fietsers en wandelaars, maar na de verzwaring van de Zeevangsdijk komt daar misschien nog wel een groep bij. Er komt dan namelijk een kleine steiger voor de bruine vloot langs de dijk te liggen.
Watersnoodramp Die dijk en het water nemen volgend jaar een belangrijke plaats in de programmering van De Breek, maar niet alleen vanwege de aanstaande verzwaring. 2016 is namelijk het jaar waarin de watersnoodramp van 1916 wordt herdacht. Tijdens die ramp bleek de Zeevangsdijk net aan hoog genoeg om de stormvloed tegen te houden, het water stond tot aan de kruin. Men besloot de dijk op te hogen en daarvoor werd klei uit de Etersheimbraak gebruikt. Door de afgraving van het gebied is de Etersheimbraak nu het laagste punt van Noord-Holland met -6,6 NAP. Tijdens dit herdenkingsjaar biedt de extra ruimte van de schuur de mogelijkheid om meerdere activiteiten tegelijk plaats te laten vinden.
Leukste baan! Maar het is nog geen 2016 en de schuur is nog niet klaar. Op 30 april om drie uur ’s middags wordt hij geopend door Dirk den Hartog, oud-burgemeester van gemeente Zeevang en nauw betrokken geweest bij de restauratie van de molen, en de huidige burgemeesters van Edam-Volendam en Zeevang: Willem van Beek en Karen Heerschop. Op 10 mei, tijdens de Nationale Molen- en Gemalendag, wordt hij in gebruik genomen. Op die dag bestaat De Breek tevens tien jaar en als het aan Anna ligt is ze er voorlopig nog niet weg. ‘Dit is eigenlijk de leukste baan die er is’.
