Naar de inhoud

Gedenkpaal Oorgat in Edam stamt uit 18e eeuw

Bron: Stadskrant

Paal bij sluiswachterswoning web

Naar aanleiding van een artikel in de vorige Stadskrant over de mysterieuze gedenkpaal nabij de Zeesluis van Edam is Diederik van Aten, historicus bij het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, verder gaan spitten in de archieven.

Het monument blijkt nog ouder dan ingeschat. En werd in vroeger tijden ook praktisch ingezet bij stormachtig weer. Vraag is nu wie de paal wil opknappen als mooi ‘stepping stone’ tussen Edamse haven en oude binnenstad. Foto Cor Kes www.luxphotography.nl.

Diederik van Aten: “De paal dateert in ieder geval van vóór de watersnood van februari 1825. De Zeevang liep toen ook vol, na doorbraak van de Waterlandse Zeedijk bij Durgerdam. In de notulen van Dijkgraaf en Heemraad van de Zeevang van 25 februari 1825 wordt het hoogste peil genoemd, waargenomen op 5 feb. 1825 “boven onse zeedijks peijl schaal staande bij de Sas[sluis] tot Edam”. Dat is ongetwijfeld ‘onze’ hardstenen paal.”

Waterpeil meten

“Het zou echter kunnen dat de paal is geplaatst in verband met de nieuwe instructie voor Dijkgraaf en Heemraad in geval van storm, bekrachtigd door hogerhand op 21 nov. 1776. Hierin wordt in art. 1 gesteld dat de dijkbaas bij buiig weer en verwacht hoog water met enige manschappen op de dijk paraat moest zijn en wanneer het water vier voeten boven saswater (= Schermerboezem) is gestegen alarm diende te slaan door middel van hijsen van een vlag overdag en lantaarn ’s nachts.”

Sluiswachter

Bovendien moest hij de Heemraad van Warder waarschuwen. De sluiswachter van het sas moest bij genoemd peil de Dijkgraaf (was altijd een Edammer) waarschuwen, die dan direct de dijk door een man te paard diende te laten inspecteren. De instructie bevat ook voorschriften voor het oproepen en functioneren van het dijkleger.

Drie uur

Een jaar eerder, op 15 nov. 1775, was de Zeevangszeedijk gebroken en kwam de hele polder blank te staan. “Het is goed mogelijk dat het hoogste water op die 15e nov. om drie uur ’s ochtends (dit tijdstip staat op de paal) werd bereikt.”

Oorgat liep onder

Het verslag van Dijkgraaf en Heemraad vermeldt dat de dijkgraaf om 2.30 uur naar het Oorgat ging om te kijken hoe hoog het water stond, maar niet verder kon komen dan een bepaalde scheepswerf. Het water liep die ochtend bij het Sas aan weerszijden en het Oorgat over de dijk. Jacob de Geest, stadsfabriekmeester (= hoofd openbare werken) van Edam meldde naderhand in een brief dat hij op 15 november tussen 1.00 en 1.30 uur met de werklieden naar de dijk ging om dijkgraaf Costerus en de mannen van de Zeevang te helpen.

Noodklokken luidden

Om 2.30 uur moest het werk worden gestaakt, de zee was te machtig. Om 3.00 uur werd door middel van het luiden noodklok en tromgeroffel de bevolking gewaarschuwd. De bewoners van de huizen ten noorden van het Oorgat moesten vluchten voor het over de dijk stortende water. Verder noordwaarts brak tussen 3.30 en 5.30 uur de Zeevangszeedijk op zes plaatsen. In nov. 1776 was er weer een zware stormvloed, maar toen hield de Zeevangszeedijk het en kwam het water minder hoog dan in 1775 aldus de Edammer stadsfabrieksmeester.

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.